Meer vlees

‘I’m my mother’s only one – it’s enough.’ Zo stelde Justin Vernon zich aan de wereld voor in de eerste track van For Emma, Forever Ago, in 2007. Het was een schuchtere openingszin van een man die onder het pseudoniem Bon Iver een debuutalbum opnam dat in de meeste jaarlijstjes in de hoogste regionen eindigde. Voor die bescheiden zegetocht had hij maar drie dingen nodig: een dofklinkende akoestische gitaar, een kristalheldere falsetstem en een handvol woorden die eerder beelden opriepen dan een verhaal vertelden. Samen met Iron & Wine en The Low Anthem behoort Bon Iver tot de beardos die zich, verlopen en verlaten, terugtrekken in afgelegen boshutten, verlaten limonadefabrieken of vervallen dierenklinieken om daar, als ware het hun laatste daad op aarde, hun zieleroerselen analoog of digitaal vast te leggen. Bon Iver, Bon Iver is, op die trademark falsetstem na, een heel ander album geworden – elektronischer, elektrischer, eclectischer. Vernon verruilde de man-met-gitaar-formule voor een veel breder klankspectrum. Eerst creëerde hij soundscapes, waaruit langzaam maar zeker – het proces duurde soms wel een jaar per lied – songs groeiden. Die songs overtreffen vaak zijn toch al zo gelauwerde debuut. En het feit dat er wat meer vlees aan het bot zit, heeft geen negatieve invloed gehad op de intensiteit. Integendeel: de huiveringwekkende klanklandschappen doen de boodschap alleen nog maar sterker overkomen. ‘I’m not magnificent,’ verklaart Vernon in Holocene. Het is een foute inschatting die wij hem graag vergeven.

Ruud Meijer