Dick Swaab

Dick Swaab (Amsterdam, 1945) is hersenonderzoeker en schrijver van de bestseller Wij zijn ons brein. Zondag is hij te zien in het VPRO-programma Zomergasten.

Wat is uw huidige gemoedstoestand?

Extreem geactiveerd. Ik heb het nog nooit zo druk gehad sinds ik met pensioen ben gegaan bij het AMC. Ik ben doorgegaan met mijn onderzoeksgroep, heb er een baan bij gekregen als hoogleraar in China, en het boek brengt ook van alles met zich mee.

Wie zijn uw helden?

Ik heb groot respect voor Charles Darwin, natuurlijk vanwege zijn hypothese, maar ook om de literaire manier waarop hij die heeft opgeschreven. En verder: Santiago Ramón y Cajal, de Nobelprijswinnaar die begin vorige eeuw tekeningen van het zenuwstelsel heeft gemaakt, die ook nog eens echte kunstwerken zijn.

Aan wie ergert u zich?

Aan de huidige regering. De rechtse hobby’s blijken oppervlakkigheid en onverschilligheid te zijn.

Lijkt u op uw moeder?

Ik lijk op mijn moeder én mijn vader. Van mijn vader, een gynaecoloog, heb ik de werklust en de interesse. Het handige heb ik van mijn moeder, die operatiezuster was.

Wat zijn uw dagdromen?

Er is zo veel te doen, waarom zou ik dagdromen?

Wat is uw grootste angst?

Ik heb mijn maatregelen genomen tegen de dingen waarvoor ik bang ben. Als ik mijn brein zou verliezen aan alzheimer, dan stap ik eruit, dat is goed overlegd.

Bidt u weleens?

Nee, ik ben overtuigd atheïst. Ik verafschuw de gevolgen van religie, maar ik heb wel belangstelling voor de culturele aspecten ervan. Ik loop nog steeds iedere kerk, moskee of tempel in de wereld binnen.

Heeft u ooit een mystieke ervaring gehad?

Nee. Er is trouwens niets mystieks aan dat soort ervaringen. Als je brein te weinig zuurstof krijgt of als je aan heftige stress wordt blootgesteld, kan dat leiden tot een bijna-doodervaring, en die is vaak mystiek gekleurd.


Bent u aantrekkelijk?

God nee. Ik begin, na 66 jaar, eindelijk een beetje te wennen aan mijn hoofd.

Bent u monogaam?

Ik ben de hele dag nog monogaam geweest. En gisteren ook.

Wanneer heeft u voor het laatst gehuild?

Meer dan tien jaar geleden, bij het overlijden van mijn ouders.

Hoe moedig bent u?

Ik durf te zeggen wat ik denk. Dat is geen kwestie van moed, maar van niet kunnen overzien wat de gevolgen zijn. Toen ik het eerste geslachtsverschil in het brein ontdekte, werd ik aangevallen door feministes, en later, toen ik verschil ontdekte tussen het brein van heteroseksuele en homoseksuele mannen, was dat ook heftig. Tja, zo is er weleens wat.

Van wie heeft u het meest geleerd?

Van mijn studenten. Ze stellen hoge eisen aan me. Als het goed loopt in het lab, hebben zij het gedaan, en als het fout loopt, moet ik komen met een oplossing.

Wat is uw grootste ondeugd?

Ik kan mensen die zichzelf serieus nemen flink onderuit halen met een cynische grap. Ik verwacht dan dat ze meelachen, maar dat doen ze gek genoeg niet.

Wanneer was u het gelukkigst?

In de baarmoeder, voor zover ik me kan herinneren. Ik ben daar ook drie, vier weken te lang gebleven. Het was de Hongerwinter, dus een baarmoeder was beslist de beste verblijfplaats.

Welke eigenschap waardeert u in een vrouw?

Gevoel voor humor.

Welke eigenschap waardeert u in een man?

Hetzelfde. Gevoel voor humor geeft een indicatie van intelligentie. Domme mensen hebben geen gevoel voor humor.

Als u iets aan uzelf kon veranderen, wat zou dat dan zijn?

Even tot rust komen zou wel goed zijn. Maar dat lukt me niet, en dat is een aangeboren afwijking.


Wie is uw grootste liefde?

Niet mijn grootste, maar wel mijn eerste liefdes waren mijn kleuterjuffrouw en de juffrouw in de eerste klas van lagere school. Ze waren helaas lesbisch, dus het is niets geworden tussen ons.

Van wie houdt u het meest?

Van mijn vrouw en kinderen, maar ik kan daar geen volgorde in aanbrengen.

Wat beschouwt u als uw grootste mislukking?

In het lab mislukt negentig procent van de dingen, daar heb je geen idee van. Ooit zou er een film worden gemaakt over al deze mislukkingen, maar die is ook mislukt.

Gelooft u in God?

Toen ik zes was, heb ik twee weken lang in God geloofd. Ik zag dat de katholieke families in de straat meer kinderen hadden dan de ongelovige gezinnen, en daardoor dacht ik: er moet iets in dat geloof zitten. Mijn vader, die een voorloper was op het gebied van geboortebeperking, greep meteen zijn kans en heeft me uitgelegd hoe het zat.

Waaraan bent u het meest gehecht?

Aan alles wat het onderzoek met zich meebrengt: reizen, internationale contacten, in bijzondere situaties terecht komen, bezig zijn met onbekende dingen.

Welk leed heeft u anderen berokkend?

Met mijn cynische uitspraken heb ik mensen soms beschadigd.

Wat is de beste plek om te wonen?

Amsterdam. Een mooie, kleinschalige stad, waar veel gebeurt.

Wie hoopt u nooit meer terug te zien?

Maxime Verhagen staat in dit lijstje bovenaan.

Hoe is ongeluk te vermijden?

Door niet geboren te worden.

Wat is uw devies?

Als je niet slim bent, moet je hard werken.

Volgende week: Christa Anbeek.

Renate van der Zee