Utrecht doet niets aan buitenlandse junks

De stad Utrecht kampt al jarenlang met de overlast van junks. De laatste tijd bestaat een deel van die groep uit junks uit Midden- en Oost Europa. Die maken de binnenstad onveilig, maar de stad doet er niets aan. Ondertussen verrijst er wel een enorm junkenpaleis in diezelfde binnenstad.

“Omwonenden of voorbijgangers wordt opgeroepen overlast te melden bij de gemeente of politie” valt er hedenochtend te lezen in de Telegraaf. Een buitengewoon intelligente reactie van de gemeente vooral omdat het probleem nauwelijks bekend is in de binnenstad (plaats hier uw ironieteken).

Er is overigens wel een oplossing voor criminele buitenlandse junks, helemaal als het Europese ingezetenen zijn: uitzetten. Het Europese Hof in Luxemburg oordeelde namelijk vorig jaar dat EU-ingezetenen die zich schuldig maken aan drugscriminaliteit teruggestuurd kunnen worden naar het land van herkomst. Er moet dan sprake zijn van een dwingende reden van openbare veiligheid. Dus niet alleen een aantasting van de openbare veiligheid, maar een ‘ernstige aantasting’ daarvan. Of zoals het Hof zegt: “Drugsverslaving is een ‘serious evil’ en drugshandel kan zo ernstig zijn dat het een directe bedreiging van de rust en de veiligheid van de bevolking kan vormen.”

Maar waarom grijpt de gemeente Utrecht niet in? Eén reden kunnen we wel bedenken: junks zijn handel voor de stad en Centrum Maliebaan. De zuidelijke binnenstad is namelijk een ware concentratie van junks en psychiatrische patiënten. Op de 7000 bewoners worden er jaarlijks 20.000 patiënten behandeld. In datzelfde gebied bouwt Centrum Maliebaan een nieuw complex van 7000 vierkante meter(sportveld incluis), waar acht hoge gebouwen zullen verrijzen. In dat complex zullen op jaarbasis 5500 ‘nieuwe’ verslaafden behandeld worden. “Wellicht dat Centrum Maliebaan zit te wachten op een nieuwe pot subsidie om zich ook te kunnen ontfermen over de Midden- en Oost-Europese junks,” roept iemand hier in de straat.

bas paternotte