NRC Handelsblad ‘voert campagne’

Veel opschudding en reacties, met name op internet, naar aanleiding van het voorpagina-artikel gisteren van NRC Handelsblad-redacteur Dick Wittenberg: ‘Veertien redenen om niet te geven’. Een gedeelte van de internetgebruikers leek de bedoeling van de krant, om een statement te maken en discussie te veroorzaken, niet te begrijpen en was kwaad of riep ‘zie je wel’. Reacties waarop de krant niet had gehoopt, bleek uit een bericht van hoofdredacteur Peter Vandermeersch op Twitter. Was dit een slimme zet van de krant? Roderik van Grieken, directeur van het Nederlands Debat Instituut: “Gezien vanuit de retorica, ja, gezien vanuit haar taak, nee.”

Heeft de krant bereikt wat ze wil bereiken, denkt u?
Roderik van Grieken: “Ik denk het wel. In goed overtuigen draait het in eerste instantie om aandacht trekken: zorgen dat je luisteraar naar je luistert. Vriend en vijand is het er over eens dat dat NRC Handelsblad gelukt is. Op de tweede plaats is het belangrijk dat je boodschap helder genoeg is. Uit reacties blijkt dat de boodschap voor een deel van de lezers helder is en voor een deel niet. Als je verder kijkt dan de kop is het toch vrij snel duidelijk dat de krant juist het tegenovergestelde vindt van wat ze beweert in de kop, bijvoorbeeld als je het onderschrift van de foto leest.”

Is dit de goede manier om als krant een onderwerp als hongersnood te belichten?
“De krant maakt gebruik van een stijlfiguur, namelijk de litotes. Er wordt namelijk precies het tegenovergestelde gezegd van wat er bedoeld wordt. Als ik zeg ‘Shakira is niet lelijk’, dan trek ik daarmee extra aandacht door het op die manier te zeggen.”

Klinkt overtuigend, maar in geschreven tekst is zo’n stijlfiguur toch minder snel te herkennen?
“Dat is waar. Er zijn niet voor niets ook veel boze reacties gekomen. Maar het doel van de krant is bereikt: dat we er over praten. Ik vraag me wel af of het NRC op deze manier had moeten beginnen. De kop moet aandacht trekken én het moet de kern van het verhaal weergeven. Dat laatste doet de kop niet, integendeel. Daarmee lijkt het alsof de krant campagne voert en dat is niet haar taak. Ik heb objectief gekeken naar het artikel. De boodschap spat er van af. En het is niet op een misleidende manier gebracht. Het is dusdanig evident dat het tegenovergestelde van de kop bedoeld wordt. Als je kijkt naar de foto met het onderschrift en naar de [[popup file=”2011-08/schermafbeelding-2011-08-05-om-13.52.49.png” description=”verwijzingen naar andere stukken” alt=” ” align=”inline” ]] in de krant, lijkt het er op dat de krant campagne voert en dan vraag je je wel af of ze dit moet doen. Vanuit de retorica gezien, ja. Het is goed gedaan en op een originele manier. Maar past dit bij de taak die de krant heeft? Nee. Ik wil als lezer nieuws, geen campagne.”

Kun je het de lezer die het niet begrepen heeft kwalijk nemen?
“Nee, dat kun je de lezer niet kwalijk nemen. Als ik het artikel lees, denk ik wel: ‘hoe heb je kunnen denken dat dit letterlijk bedoeld is?’. Je moet wel de hele pagina bekeken hebben, om te kunnen weten wat het NRC bedoelt. Maar dat geldt voor iedere kop. Je moet altijd het hele artikel lezen, wil je de kop kunnen snappen. De boodschap van de kop is in ieder geval scherp, en nodigt uit tot lezen. Overigens, een kop kan niet anders dan kleuren.”

Hoe vindt u dat de hulporganisaties het overtuigen om geld over te maken aanpakken?
“Die brengen het leed natuurlijk in beeld, gebruiken foto’s van uitgemergelde, stervende en dode mensen en dieren. Ze spelen in op het gevoel. Zij laten het politieke vraagstuk volledig links liggen. En dat is slim, ja. Natuurlijk benoemen zij niet de bezwaren of de twijfels. Het is niet hun doel om zuiver objectieve informatie te leveren, en dat verwachten mensen ook niet. Er mag niet gelogen worden, dat is wel zo, maar dat gebeurt denk ik ook niet. Natuurlijk is deze informatie wel altijd gekleurd.”

jana van de ven