Is kuisheid wel een deugd?

De seksuele revolutie heeft ons veel goeds gebracht. Kinderen krijgen is beheersbaar geworden, en we weten – in theorie – hoe we soa’s moeten voorkomen. De vrijheid om je partner(s) te kiezen en seks te zien als iets menselijks in plaats van iets zondigs, is veel groter geworden. Toch heeft alles zijn keerzijde. In dit geval bijvoorbeeld het idee dat wie zich op straat of op het strand niet half wil ontkleden niet ‘vrij’ genoeg is. Kuisheid en schaamte zijn bijna verdacht. Of denk aan het absurde en weinig artistieke idee dat het commerciële beeld van romantiek en sexiness dat ons wordt voorgeschoteld het enige juiste is.

In de christelijke traditie was kuisheid een deugd. Iemand was kuis als hij geen seks had voor het huwelijk en binnen het huwelijk trouw bleef. Maar dat zegt weinig over iemands feitelijke gedrag. Zelfs verkrachting binnen het huwelijk zou nog binnen die kuisheidsnorm kunnen vallen. Ook de opvatting dat ongetrouwde, maar trouwe geliefden niet kuis kunnen zijn, is niet vol te houden.

Wat is kuisheid tegenwoordig nog? En is het inderdaad een deugd?

“Kuisheid is een gedaante van de matigheid. Matigheid is een van de vier kardinale deugden, samen met moed, rechtvaardigheid en verstandigheid.

“We moeten een onderscheid maken tussen geen seks en maatvolle seks. In traditionele termen: tussen maagdelijkheid en kuisheid. Maagdelijkheid is onthouding van alle seks. Dat is niet voor iedereen aan te bevelen, maar alleen voor uitzonderlijke personen. Kuisheid is dus maatvolle seks, maar wat is de maat? Elke tijd en individu beantwoordt dat anders.

“Toch valt er wel iets over te zeggen. Ik denk dat de menselijke seksualiteit een uitdrukking is van het verlangen om zich helemaal in een ander te verliezen. Als dat klopt, impliceert dat een maat, namelijk die van vertrouwelijkheid met de ander. Je wilt je niet zomaar in iedereen verliezen. Seksualiteit die afziet van vertrouwelijkheid, gaat tegen die maat in.

“De deugd wordt vaak omschreven als een midden tussen twee uitersten. Ik denk dat dat midden niet kwantitatief is, maar kwalitatief. Wanneer je een precieze hoeveelheid aangeeft, zou de deugd te normatief worden, maar zij is geen algemeen geldend voorschrift. Bij eten en drinken kun je geen precieze kwantiteit aangeven voor wat matigheid is. Dat geldt voor seks ook.”

“Kuisheid wordt in onze post-seksuele-revolutiejaren geassocieerd met truttigheid, benepenheid en de verboden van angstige opvoeders. Kuis betekent in feite ‘rein’, dus het is een sterk moreel, ja zelfs theologisch beladen woord.


“Kuisheid in de betekenis van het niet uitvoeren van seksuele handelingen behandel ik liever niet in morele termen. Ik vind dat iedereen het recht en de gelegenheid moet hebben om alle seksuele handelingen te verrichten die hij of zij wil, binnen de grenzen van de wet. Ook overspel. Als iemand zijn leven wil wijden aan seks met zo veel mogelijk mensen op een zo hoog mogelijke frequentie, dan heeft die mijn zegen.

“Maar of het nu biologisch, cultureel of sociaal bepaald is: de meeste mensen voelen zich het prettigst bij een monogame relatie. Dat heeft te maken met vertrouwdheid en intimiteit. We hebben allemaal onze lichamelijke en psychische zwakheden, en juist bij een seksuele relatie leg je die open en bloot voor iemand neer. Bij intimiteit hoort een vorm van psychische ontkleding, en de meesten kunnen het niet aan om dat met meerdere mensen tegelijk te delen.

“Toch kun je in het dagelijks leven seksuele spanning tegenkomen. Je zou daaraan kunnen toegeven, maar naar mijn idee is het juist vaak spannender om de spanning gewoon te laten bestaan en er niets mee te doen. Zodra je met iemand naar bed gaat, verandert er iets, en kun je zelfs een vriendschap kapotmaken. De spanning onaangetast laten is een vorm van kuisheid die heel goed kan zijn. Ik had vroeger vriendinnen die naast mij in bed sliepen, maar zonder dat er seks bij kwam kijken. Het versterkte het vertrouwen en onze vriendschap. Het bevestigt ook dat vriendschap tussen man en vrouw wél mogelijk is.”

“Vroeger kenden we algemeen geldende kuisheidsnormen. De religieus-ethische code legde vast wat onder kuisheid verstaan werd, en als je je daar niet aan hield, was dat een zwakte. Tegenwoordig is kuisheid eerder een manier om je identiteit te tonen. Als je je heel wulps kleedt, een hoofddoek draagt of een lange rok met zwarte kousen, is dat een bewuste keuze. Kuisheid is tot de sociale code gaan behoren. Ook aangeven tot welk sociaal milieu je behoort, kan gaan via normen van kuisheid. Hierdoor wordt aan kleding direct een betekenis gehecht, meer nog dan voorheen. Ook zijn het ethische, het religieuze en het modieuze door elkaar gaan lopen: denk aan moslimmeisjes met een hoofddoek, die zich tegelijkertijd modieus opmaken.


“Kuisheid zal nooit helemaal verdwijnen, en is ook nodig om een grens aan te geven tussen privé en publiek; tussen wat van jezelf blijft, of van jou en degene die je uitnodigt tot intimiteit. Die kuisheid verraadt zich in schaamte, bijvoorbeeld bij naaktlopen, vreemdgaan of het dragen van lingerie.

“De mate waarin men zich schaamt, verschilt wel per milieu of groep. Ook hebben we een vorm van kuisheid nodig voor de erotische ervaring. Als alles getoond wordt, is er geen spanning meer. Juist het verbergen creëert nieuwsgierigheid – of althans doen alsof je je aan een norm houdt. Het dragen van een jasje met lange broek is voor zowel mannen als vrouwen bijvoorbeeld formeel en netjes, maar wordt vaak juist sexy gevonden.

“Er moet wel een balans gevonden worden. Een te veel aan schaamte, aan restricties, is ook niet de bedoeling.”

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Isabelle Buhre