Een goed gesprek met Henk Krol & Emine Bozkurt

Als Emine Bozkurt, Europarlementariër voor de PvdA, het Turkse loungerestaurant Sultan in Rotterdam binnenwandelt, zie je aan de gezichten van de medewerkers dat ze verrukt zijn. Blij verrast met dit bezoek van de vrouw die ze als boegbeeld beschouwen. In Brussel is ze een van de 25 Nederlandse volksvertegenwoordigers, hier is ze voor veel allochtonen een icoon, mede door haar dubbele paspoort. Volgens chef-kok Alican Aslan en gastvrouw Selin Sankturk bewijst Bozkurt dat je ook met een niet-Nederlandse achtergrond toch een belangrijke rol kunt spelen.

De mensen hier laten merken dat ze trots op je zijn. Merk je dat vaker?

“Ja. Als ik bijeenkomsten bezoek met Turkse Nederlanders willen ze altijd met me op de foto. Er zijn zelfs jonge meiden die op die manier politiek bewust worden.”

Waar ben je geboren?

In Zaandam, in 1967. Mijn vader was op zijn 23ste uit Turkije naar Nederland gekomen. Keukenfabrikant Bruynzeel had arbeidskrachten nodig. Hier leerde hij zijn vrouw kennen, ook een Turkse. Ze kregen vier kinderen, ik ben de oudste. In de jaren zestig zag je nog niet zoveel allochtonen.”

Speelde jullie afkomst een rol tijdens je jeugd?

“Ja en nee. Je merkte dat je uit een ander soort gezin kwam dan de meeste kinderen, maar in wezen was je toch hetzelfde. Mijn ouders hadden ervoor gekozen thuis Nederlands te spreken. Bij de Turkse kinderen die een decennium later naar Nederland kwamen, merkte ik enige verwondering. Die vroegen zich verbaasd af waarom ik geen Turks sprak. ‘Wat voor Turk ben je?’ werd me dan gevraagd. Pas toen ik Europese Studies ging studeren aan de Universiteit van Amsterdam, deed ik Turks als bijvak.”

Dat komt nu van pas?

“Nadat ik in 2004 in het Europarlement was verkozen, stonden ineens alle Turkse media op mijn stoep. Voor iemand die niet in die taal is opgevoed, is het heel moeilijk om ingewikkelde onderwerpen vlekkeloos uit te leggen, merkte ik toen. In het begin sprak ik liever Engels tegen Turkse journalisten. Inmiddels lukt het ook in het Turks. Daarbij word ik geholpen door een van mijn drie medewerksters die perfect Turkstalig is. Dat is prettig, want in 2005 werd ik rapporteur vrouwenrechten in Turkije. Mijn eerste speech daar, voor een gehoor van duizend mensen, deed ik nog in het Engels. Na afloop zei iemand uit het publiek tegen me dat hij er geen moer van had begrepen. Toen dacht ik: Emine, praat voortaan maar liever in gebrekkig Turks dan in een taal die je toehoorders niet machtig zijn.”


Heeft je vader je succes kunnen meemaken?

“Helaas. Hij is in 1993 overleden. Mijn afstuderen een jaar eerder heeft hij wel nog meegemaakt. Wat was hij trots!”

Wat wilde je worden?

“Iets in Europa, ambtenaar of misschien assistent van een Parlementslid. Ik begon als voorlichter bij de Nederlandse Moslim Omroep. Zo kreeg ik nog meer oog voor maatschappelijke kwesties. Na een paar jaar dacht ik: ik kan wel overal iets van vinden, maar nog beter zelf deelnemen aan het besluitvormingsproces. Sinds 1996 ben actief in de politiek. Drie jaar later probeerde ik voor het eerst in het Europarlement te komen. De PvdA plaatste me laag op de lijst. Ik kreeg 7500 voorkeurstemmen. Je had negenduizend stemmen nodig om verkozen te worden. Daar zat ik redelijk bij in de buurt. Achteraf ben ik wel blij dat ik er toen nog niet in kwam. Ik was nog zó jong en onervaren. Het gaf me de tijd om me verder te verdiepen.”

Er komt een mozaïek van verschillende warme en koude tapenades op tafel. We herkennen antep ezmesi (met tomaat), patlican soslu (met aubergine), peynir ezmesi (met feta), haydari (met yoghurt), humus (met kikkererwten), sigara boregi (gevulde deegrolletjes), falafel (gefrituurde kikkererwtenballetjes), inktvisringen en garnaaltjes.

“Bij de volgende verkiezing plaatste de PvdA me op de zevende plaats. Dat was nét verkiesbaar, maar een van de andere kandidates voerde actie om hoger op de lijst te komen. Dat lukte haar. Ik zakte naar een onverkiesbare achtste plaats. Op de uitslagenavond stonden we aan het begin nog op acht, de felicitaties stroomden al binnen. Later die avond bleef de teller op zeven steken. Ik viel net buiten de boot, kon wel huilen. Een paar dagen later werd de definitieve uitslag bekend. Toen bleek dat ik rond de 25.000 voorkeursstemmen had vergaard. Ruim voldoende om alsnog te kunnen aanschuiven. De kiesraad plaatste me zelfs op de vierde plek. Dat geeft me veel steun. Ik ben echt door de kiezer gelegitimeerd. Ze weten dat ik me wil inzetten tegen discriminatie en voor gelijke behandeling. Ik vecht tegen onrechtvaardige situaties. Bij de laatste verkiezing kreeg ik zelfs meer dan 66.000 voorkeursstemmen. Mede daardoor wordt mijn portefeuille steeds zwaarder.”


Er klinkt steeds meer kritiek op Europa.

“Klopt. We zitten in een enorme financieel-economische crisis. Dit is hét moment waarop het project Europa zich moet bewijzen. Er moet snel worden gehandeld. Dat gebeurt onvoldoende. Anders dan Neelie Kroes vind ik dat kritiek juist wél moet kunnen. Dat houdt ons scherp.”

Wat te denken van de plannen van de Nederlandse minister-president Rutte? Die wil een speciale Eurocommissaris met veel macht om toezicht te houden op de begrotingen van alle eurolanden.

“Hij wordt op zijn wenken bediend. De Europese Commissie gaat toezicht houden op de begrotingen van de lidstaten en zal zonodig sancties opleggen. Landen moeten zich gaan houden aan eerder gemaakte afspraken over begrotingstekorten. Tot nog toe werden ze niet op de vingers getikt. Lidstaten hielden elkaar de hand boven het hoofd.”

De Europese Commissie heeft toch geen machtsmiddelen?

“Toch wel. Ze kunnen subsidies opschorten, desnoods landen stemrecht ontnemen.”

Met als uiterste consequentie, zoals Rutte wil, dat een land eruit kan worden gezet als het zich niet aan de afspraken houdt?

Bozkurt zwijgt lang. “Ik maak me, net als veel burgers, grote zorgen. Het gaat om onze centen; niet alleen van Nederland, maar van alle landen. Omdat de lidstaten niet eerder hebben ingegrepen, smelt het vertrouwen in de euro weg, verdampt het geld.”

Dat vertrouwen was groter geweest als de burger er meer bij was betrokken.

“De invoering van een gezamenlijke munt was erg belangrijk. We deden dat juist in de nasleep van de vorige crisis. In deze moeilijke tijden ben ik soms blij dat ik dit onderwerp kan overlaten aan onze woordvoerders economische zaken. Mijn specialiteiten zijn justitie, binnenlandse zaken en burgerrechten. Toch denk ik dat het voor de binnenlandse markt van Europa goed was dat we één munt kregen. Daarmee kun je stabiliteit beter waarborgen. Maar dan moet het speelveld voor iedereen gelijk zijn. Alle landen moeten zich houden aan dezelfde regels. Als er dan landen zijn die gaan zitten hannesen, ontstaat het risico van een domino-effect. Dat komt niet door euro, maar door het loslaten van de regels.”


Dus moet er toch meer macht naar Brussel?

“Landen moeten zich aan de regels houden. Dat is macht van ons allemaal.”

Als hoofdgerecht komt een specialiteit van restaurant Sultan. Pilic sarmasi: rolletjes kipfilet, gevuld met feta, gepaneerd met pistachenoten en geserveerd met een sinaasappelsaus.

Burgers vinden Europa weinig democratisch. Kiezers hadden niets te zeggen over de benoeming tot president van Herman Van Rompuy, niets over de voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barroso. Zelfs jij als Europarlementariër had daar niets over te zeggen. Het werd bedisseld achter gesloten deuren.

“Het Europarlement is wel democratisch verkozen. En ja, wij waren ook niet blij met Barroso. Het zou goed zijn als burgers van Europa rechtstreeks de president konden kiezen.”

We stemmen niet eens Europees. Als Nederlander mag je alleen op Nederlandse kandidaten stemmen.

“De burger is juist bang dat er macht naar andere landen gaat. Stel je voor dat veel Nederlanders zouden stemmen op een Spanjaard, dan krijgt Spanje meer macht ten koste van Nederland. Ik ben wel voorstander van referenda, maar dan op Europese schaal. Dat past bij één Europa. We willen samen sterk staan, politiek en economisch. Bovenal willen we nooit meer oorlog. Een krachtig Europa van de burgers kan daar bij helpen. Dan moeten we af van het gegeven dat zelfs de kleinste landen met een vetorecht dingen kunnen tegenhouden.”

Gaat dat ooit gebeuren?

“Het gaat langzaam, maar het parlement heeft de afgelopen jaren wel steeds meer macht gekregen.”

Het lukt het parlement niet eens de eigen vergaderplaats te bepalen, het pendelt tussen Brussel en Straatsburg.


“De PvdA is erg tegen dat rondtrekkende circus. Daar zou ik best een Europees referendum over willen, zodat we er legitimiteit aan zouden kunnen ontlenen. Steeds meer parlementariërs proberen de rol van Straatsburg al terug te dringen. We moeten er verplicht twaalf sessies per jaar houden. We hebben nu besloten er elf van te maken door twee sessies in een week te proppen. Daarmee is de eerste poot onder de stoel van Straatsburg weggezaagd. Geef mij maar Brussel. Maar ja, Frankrijk ligt dwars met een veto.”

Ook het tweede Nederlandse referendum over de Europese grondwet, die nu het Verdrag van Lissabon moet heten, kwam er niet.

“Het was beter geweest als de burger zich daar nogmaals over had mogen uitspreken. Toch heeft het Verdrag van Lissabon het parlement meer macht opgeleverd. De eerste testcase was toen de VS eisten dat Europa de bankrekeninggegevens van al haar burgers zou vrijgeven. Daar hebben we opgetreden. Macht krijg je nooit zomaar. Je moet het verwerven.”

Wat zijn je grootste aandachtspunten?

“Ik maak me druk om emancipatie van vrouwen en homo’s. Het stoort me dat het in Nederland opengestelde huwelijk nog steeds niet geldig is in alle Europese landen. We hebben weliswaar afgesproken dat huwelijksrecht niet onder de bevoegdheden van Europa valt, maar elkaars huwelijken erkennen zou binnen één Europa moeten kunnen. Volgens het Verdrag van Lissabon moeten dergelijke fundamentele rechten verankerd worden. Lidstaten moeten ook elkaars pensioenrechten eerbiedigen. Italië en Polen willen daar niet aan, maar Europa kan proberen een doorbraak te forceren. Zelfs in Nederland moet nog veel veranderen. Zo heb ik vragen gesteld over de Nederlandse weigerambtenaren,die een onderscheid maken tussen hetero- en homoparen. Dat noem ik discriminatie. Daar mag Europa een mening over hebben. Daarom zou het goed zijn te stoppen met dat veel te verhullende ‘weigerambtenaar’. Voortaan zou ik willen spreken over ‘discrimineerambtenaren’. De Nederlandse minister Marja van Bijsterveldt wil dat we tolerant zijn voor andersdenkenden. Mag je een gewetensbezwaarde uitsluiten? Terwijl de eigenlijke vraag zou moeten zijn: mag je discrimineren? De minister beantwoordt die vraag vooralsnog met ‘ja’. Van haar mag een ambtenaar discrimineren. Sterker nog, ze laat de bestaande situatie verslechteren. Haar voorganger Ronald Plasterk wilde niet dat er nieuwe discrimineerambtenaren werden benoemd. Zo zou het probleem zichzelf op den duur oplossen. Als het aan Van Bijsterveldt ligt, mogen zelfs nieuw te benoemen ambtenaren zich beroepen op hun geweten. Daar ga ik vol tegenin.”


Als nagerecht komt de bekende baklava op tafel met kadayif (engelenhaar).

“Ik ben blij dat mijn voorstel voor Europese wetgeving tegen kindermisbruik en -pornografie het heeft gehaald. Dat werkt preventief. In alle lidstaten moeten gedragsregels komen voor het werken met kinderen, ook door vrijwilligers. Er komt een Europees strafregister, zodat niet alleen in Nederland maar ook in andere lidstaten gekeken kan worden of iemand al een veroordeling aan zijn broek heeft. Als we dat eerder hadden ingevoerd, was Robert M. nooit aan de bak gekomen.”

Hoe kijk jij aan tegen de toetreding van Turkije?

“Met de economie van het land gaat het fantastisch, zeker vergeleken met andere landen. Je hoort er wel steeds vaker dat men niet meer zo happig is op aansluiting bij Europa. Toch is er nog altijd een meerderheid voor. Turken zeggen nu vaker: ‘Er komt een moment dat wij Europa niet meer nodig hebben, maar Europa ons.’ Door al het negativisme over Turkije is het gevoel van trots van mensen geschonden. Omgekeerd moet Turkije doen wat wordt gevraagd. Als je bij een club wilt horen, moet je je aan de spelregels houden. Als rapporteur vrouwenrechten heb ik bewerkstelligd dat men veel meer werk maakt van de aanpak van geweld tegen vrouwen. Er zijn nu meer dan vijftig opvanghuizen en veel nieuwe wetgeving. Door constant druk te houden op de vertegenwoordiging van vrouwen, is het aantal vrouwen in de politiek toegenomen. Er is zelfs een parlementaire commissie vrouwenrechten ingesteld. Maar er is nog veel werk aan de winkel.”

Sultan Lounge, net buiten het Rotterdamse winkelcentrum Zuidplein, is een trendy en traditioneel oosters restaurant tegelijk. Het bekende Boze Oog dat beschermt tegen het kwaad is nergens te vinden, maar de gastvrouwen en gastheren zijn oosters gekleed. Er staan Turkse tapas (mezze) en Arabische specialiteiten op het uitgebreide menu. Wie moeilijk een keuze kan maken, wordt met alle plezier van adviezen voorzien. Chef-kok Alican Aslan stelt dan een aangename culinaire ontdekkingstocht samen. Wij waarderen de onze met zeven HP’tjes.