Een middagje Swaenswijck

Waarin je over bepaalde zaken gewoon beter kunt zwijgen.

Vlak voor het ter ether gaan van de eerste aflevering van Hoe heurt het eigenlijk? werden de media uitgenodigd in de Kelder-manor aan de Vecht, alwaar de presentator met mediablondine resideert. De taxichauffeur die ons afleverde, had er aardigheid in om onderweg alle stulpjes van beroemde Vechtoeverbewoners aan te wijzen. Omdat onze kennis van soaps en campingzenders minimaal is, konden we de meeste namen die de chauffeur noemde niet reproduceren, maar die van Wendy van Dijk was ons bijgebleven. “Wendy woont hier tegenover in het koetshuis,” legde gastheer Jort ons uit. “Maar over personeel praat je niet.” Daarmee hadden we meteen de eerste richtlijn à la Amy Groskamp-Ten Have te pakken.

De presentator gebruikt het beroemde etiquetteboek (eerste druk 1939) om op luchtige wijze zowel oud als nieuw geld te toetsen, waarbij – zo benadrukte hij meer dan eens – les nouveaux riches niet a priori onder uit de zak krijgen. Kelder heeft au fond een zwak voor nieuw geld, al was het maar omdat ook oud geld op enig moment als patsertje is begonnen.

In een van de komende afleveringen van Hoe heurt het eigenlijk? komen de Sixjes aan bod, de Amsterdamse patriciërsfamilie die zich eigenaar mag noemen van de grootste particuliere Rembrandt-collectie. Het pand dat die familie in de Gouden Eeuw liet optrekken, was voorzien van ornamenten die iedereen nu prachtig vindt, maar waarvan destijds schande werd gesproken.

Ook in de opzet van de lunch kwam de eeuwige tegenstelling van oud en nieuw geld terug. Er was een tafelschikking gemaakt waarbij aan de ene kant de vertegenwoordigers van de eerbiedwaardige gedrukte media werden geposteerd, met daar tegenover vooral televisie – de AVRO van Willem Vogt uiteraard uitgezonderd. Het spreekt bijna vanzelf dat het kaartje van HP/De Tijd aan de deftige zijde te vinden was. Tegenover ons zat onder meer het schorriemorrie van RTL Boulevard, met daarnaast de gratis tiepjes van De Pers. Maar over sommige zaken kun je dus beter zwijgen.


Wat bovenal taboe bleek, was het D-woord. Kelder wil liever niet vergeleken worden met Gert-Jan D., de inmiddels overleden presentator van een roemrucht AVRO-programma. Omdat wij oud genoeg zijn om nog voor dat programma gewerkt te hebben, kunnen we Jort geruststellen. Hoe heurt het eigenlijk? is veel journalistieker en daardoor een factor beter. Het wonder van D. bestond vooral uit De Stem, maar verder was er niet zo veel. Vooral het interviewen ging D. nogal matig af, waardoor het ruwe materiaal na afloop gemiddeld één vraagminuutje bevatte, gevolgd door minstens tien minuten close-ups van de presentator, die onophoudelijk puffend zijn voorhoofd bette. Het zal niemand verbazen dat D. eindigde als spreekstalmeester in een circus, waarbij hij als enige het woord voerde. De rest van de cast had plaatsgemaakt voor leeuwen en tijgers, die zonder al te gevat te doen D. de ware sterrenrol gunden. Welnu Jort, dat kun jij minstens zo goed.

Jan Zandbergen