Een echt soldatenboek

Het onlangs in Nederlandse vertaling uitgegeven Matterhorn is een huiveringwekkend boek over de wederwaardigheden van de Amerikaanse luitenant Waino Mellas in de Vietnamoorlog. Het is een roman, maar auteur Karl Marlantes hoefde als Vietnamveteraan weinig te verzinnen, zoals hij ook in interviews heeft gezegd, en kon putten uit veel autobiografisch materiaal. Dertig jaar werkte hij eraan, en dan krijg je als lezer ook wat.

Luitenant Mellas is 21 jaar als hij in Vietnam de leiding krijgt over een eenheid van 180 mariniers die midden in de jungle op zoek gaat naar een Noord-Vietnamese legereenheid van onbekende grootte. Vanaf de allereerste pagina’s voert Marlantes de lezer mee op spookachtige verkenningstochten. De mannen moeten bloedzuigers trotseren, tijgers en een vijand die zich nooit laat zien of alleen dan als het te laat is. Marlantes schrijft gedetailleerd, ook over bijvoorbeeld de verwondingen van zijn maten. Het maakt dat je Matterhorn af en toe even weg moet leggen omdat het te heftig is.

Ook bijzonder aan Matterhorn is de aandacht voor de raciale spanningen onder de soldaten. Er dienden naar verhouding veel zwarte, laaggeschoolde jongens die geen invloedrijke vriendjes of geld hadden om onder de dienstplicht (de draft) uit te komen.

Matterhorn, zo schrijft de uitgever op de achterflap, is een epische en onvergetelijke roman over ‘de waanzin van oorlog’. Dit is echter niet helemaal juist. Marlantes komt aan het einde van zijn boek weliswaar even in de verleiding om over de oorlog te oordelen als een ‘waanzinnig iets’, maar wat overheerst is toch een zekere mate van appreciatie voor de camaraderie, de ongekende en intense angst die iedere man heeft ervaren, de beleving van een soort schoonheid in een unieke, onvergetelijke ervaring die de meeste mensen nooit zullen krijgen. Hij verheerlijkt de oorlog niet, maar hem modieus afwijzen doet hij evenmin. Een van de soldaten zegt vlak voor zijn afzwaaien in een dronken bui tegen een paar maten: “Jullie zullen iedereen vertellen wat voor slechte dingen jullie hebben gedaan en hoe erg jullie het vonden, zodat jullie niet hoeven uit te leggen hoe het in werkelijkheid was. Hoe goed het kan voelen om iets slechts te doen.”


Matterhorn is een echt soldatenboek, maar is het ook het beste boek over de Vietnamoorlog dat er is geschreven? Hier en daar is dat in de Amerikaanse pers beweerd. Dat is het wat mij betreft niet. Dispatches van Michael Herr uit 1977 blijft op nummer één. Dispatches is beschouwender, poëtischer. Matterhorn is rauwer, eendimensionaler, filmischer. Maar Matterhorn komt wel binnen op de tweede plaats en verdringt The Quiet American van Graham Greene uit 1955. Ook mooi. Op vier hebben wij Platoon van Dale A. Dye uit 1986 bedacht en op vijf A Rumor of War van Philip Caputo uit 1977.

Overigens heeft de uit-gever een verklarende woordenlijst toegevoegd van wapens, technische termen en soldatenjargon. Zeer nuttig, al is het raar dat onder de ‘C’ de naam ‘Charlie’ ontbreekt, zoals de Amerikanen de Vietcong plachten te noemen. Ook ‘gooks’ staat er niet in, Amerikaans voor ‘spleetogen’, een andere veelgebruikte benaming.

Karl Marlantes: Matterhorn. Meulenhoff. € 22,95. Ook via www.ako.nl.

Frans van Deijl