Schitterende week

Waarin de ster van Marente de Moor rijst en die van Pierre Vinken dooft.

De door alle bookmakers totaal genegeerde Marente de Moor werd met haar boek De Nederlandse maagd een onverwachte winnares van de AKO Literatuurprijs 2011. In dezelfde week voert haar boek de verkooplijsten aan. Op fotootje één staat links Margriet de Moor, de laureaat van 1992. Naast haar dochter Marente, de nieuwe koningin van de bellettrie.

Er was een uiterst vrolijk banket aan voorafgegaan, in het voor miljarden gerenoveerde Amsterdamse Scheepvaartmuseum. En omdat het ditmaal een jubileumeditie betrof, waren alle eerdere 24 eerdere prijswinnaars plus dito juryvoorzitters uitgenodigd. Zo kon men hier Frits Bolkestein treffen, en Eric Jurgens, en Wim Deetman en Winnie Sorgdrager. Maar de belangstelling van de media ging vooral uit naar de gedoodverfde winnaar van 2011, Peter Buwalda. Op foto twee staat de publiekslieveling naast promotiebobo Eppo van Nispen van de CPNB.

En het bleef tot het eind razend spannend. In weerwil van het feit dat er aan veel tafeltjes werd gemopperd dat de uitslag ‘allang bekend’ was, omdat alle cameramensen hun lenzen scherpstelden op Buwalda en zijn gezelschap. Maar je moet toch ergens op scherpstellen, moeten we in retrospectief vaststellen.

Zelf kunnen we alleen spreken over de AKO-tafel, omdat we daarvoor waren uitgenodigd. Toen juryvoorzitter Ernst Hirsch Ballin het verlossende woord sprak, viel ons gezelschap langdurig stil. Daarop barstten de anekdoten los. AKO zelf had op Jeroen Brouwers gegokt, mede omdat men de laatste exemplaren van de oude druk had ingeslagen. De concurrentie zou knarsetandend een herdruk moeten afwachten. Ook de naam van Grunberg was opvallend vaak genoemd. De overige drie genomineerden leken met alle respect gereduceerd tot tafelversiering. Zoals P.F. Thomése, de absolute favoriet van Jeroen Vullings. En zoals Marja Pruis, op foto drie leunend tegen de schouder van PC-redacteur Laurens van der Graaff, met rechts de PC-redacteuren Fanny van de Reijt en Nina Polak. Ook Marente de Moor was lange tijd ornament. Tot ze dus uit haar moeders schaduw stapte.


Maar het was tevens de week waarin we afscheid namen van Pierre Vinken, de beroemdste uitgever van Nederland, en een groot persoonlijkheid. Zijn dochter Lot Vinken vertelde ons ooit de anekdote over de tennisbaan die zeer tegen de zin van Pierre werd aangelegd in de gigantische tuin van huize Vinken in Bentveld, ten behoeve van zijn toenmalige vriendin Sylvia Tóth. Vinken was een man die sport hartstochtelijk verafschuwde. Op de dag dat de verkering uitraakte (enigszins oneerbiedig gesteld kon je daar bij Vinken op wachten – onder meer Annemarie Oster en Merel Laseur waren al eerder uit Pierres balboekje geschrapt), belde hij opnieuw de aannemer. Die tennisbaan moest weg, en alles diende in oude staat hersteld.

Stel uzelf de vraag: hoeveel mensen hadden dat in zijn plaats eveneens gedaan? Had u het gedaan? Daarom bent u geen Pierre Vinken.

Jan Zandbergen