Aan het eind van hun Latijn

De Zuid-Europese moraal is ouderwets, maar duurzamer dan de onze.

Met Silvio Berlusconi, ooit in de jaren negentig aan de macht gekomen om ‘schoon schip’ in Italië te maken, heeft de eurocrisis zijn tot nu toe meest illustere scalp geëist. De tijd van pappen en nathouden is voorbij. Zelfs Frankrijk moet voor zijn kredietwaardigheid vrezen. Nicolas Sarkozy, die komend jaar voor verkiezingen staat, kondigde in aller ijl een bezuinigingspakket van 100 miljard euro af.

De zuidelijke landen zijn aan het eind van hun Latijn. Maar ook EU-leden die niet aan de euro meedoen, voelen zich terzijde geschoven. Voor de Britse premier David Cameron geen beletsel om de eurozone aanhoudend de les te lezen. Daarmee haalde hij zich de toorn op de hals van Sarkozy, die ziek zei te zijn van het Britse gestook, en je kunt je inderdaad niet aan de indruk onttrekken dat de Britten alsnog hun gram willen halen voor de pijnlijke aftocht van het pond sterling uit het Europese wisselkoersmechanisme in september 1992. Dat is alweer negentien jaar geleden, maar de Britse eurosceptici zien nu het gelijk van hun ‘nee’ tegen Europa bevestigd en zullen niet rouwig zijn als het europroject op de klippen loopt. Dat lijkt goed voor de City en leidt de aandacht af van de Britse economie, die met zijn opgeblazen financiële sector op een wankeler basis staat dan de Italiaanse (waar nog altijd gewilde kwaliteitsproducten worden gemaakt).

De Engelstalige wereld mag de eurocrisis met leedvermaak bekijken, maar dat wil niet zeggen dat de Verenigde Staten – dat deze zomer zijn triple A-status verspeelde – en Groot-Brittannië het goed doen. Je kunt je zelfs afvragen wat er nog over is van het Angelsaksische model dat dertig jaar lang het economisch denken heeft bepaald. Daarentegen floreert de Duitse economie als enige in het Westen. Wie voor shocktherapie in aanmerking komt – in Zuid-Europa dus iedereen – hoort de Pruisische zweep al knallen. Daar komt bij dat de Duitse kuur niet meer per Blitz verloopt, maar dat Angela Merkel heeft gezegd dat het nog wel tien jaar duurt voordat de gevolgen van de eurocrisis zijn uitgezweet. Een snelle genezing zit er niet in, wat in Zuid-Europa – dat als lui te boek staat – makkelijk kwaad bloed kan zetten. In Zuid-Europa kennen ze Duitsers en Nederlanders niet als harde werkers, maar als lillende stukken vlees op hun stranden. Ik ben erg voor de levertraan van Merkel, maar vraag me af of de rest van Europa die slikt.


In Noord-Europa wordt met verbijsterende zelfgenoegzaamheid gesproken over de problemen van Zuid-Europa, die als morele gebreken worden geduid. Even makkelijk wordt de eigen voorspoed als eigen verdienste gezien. Zelfredzaamheid, eigen verantwoordelijkheid en discipline zijn de deugden die de zuidelijke landen worden voorgehouden. Niks mis mee. Maar moet een rijk en gezegend land als Nederland, dat prettig meedrijft op de rug van Duitsland, dat zo afgemeten uitdragen? Grieken en Italianen, die verstrikt zitten in eeuwenoude clanstructuren en patronagesystemen, kunnen daar niets mee. Bij alle verwijten die de mediterrane wereld gemaakt kunnen worden, mis ik de bereidheid in Noord-Europa om zich serieus te verdiepen in de zuidelijke cultuur. Waar van oudsher zwakke corrupte staten bestaan, is het ondoenlijk om ineens naar modern transparant bestuur over te gaan. En ik weet niet of ons deel van Europa moreel zo veel sterker staat.

In Zuid-Europa kun je ondanks alle vriendjespolitiek terugvallen op familiebanden, die warmte bieden en echte solidariteit. Daar hoef je bij ons niet mee aan te komen. In onze verzorgingsstaten zijn de sociale netwerken kil, anoniem en veranderlijk. Als het bij ons financieel misgaat, zal de ontreddering groter zijn, omdat onze zelfredzaamheid veel minder sterk is dan we zelf denken. Ik denk dat de zuidelijke moraal, hoewel ouderwets, menselijker en duurzamer is dan de onze. Ze doen daar ook aan eeuwige trouw. Het aangaan van een muntunie was een historisch besluit, zoals bij een huwelijk. Het zuiden heeft ja gezegd tegen het noorden, en aan die belofte zullen zij ons houden.