Wat mij betreft zijn economen uitgepraat over de euro. We vertellen al jaren hetzelfde verhaal

Wat zoekt u dit keer in deze column? Een verhaal over de euro? Dat kan haast niet anders na afgelopen week. En dan moet u bij een econoom zijn, toch? Ook nieuwsprogramma’s blijven maar economen uitnodigen. Keer op keer komen ze vertellen wat er aan de hand is met de euro, en wat er moet gebeuren om hem te redden.

Maar u bent aan het verkeerde adres. Wat mij betreft zijn economen uitgepraat over onze munt. We vertellen al jaren hetzelfde verhaal. Over de weeffout in de euro: wel de nationale munten aan elkaar koppelen, maar niet het beleid. En over de manier waarop je dat kunt oplossen: ook het beleid koppelen, dus het belastinggeld op Europese schaal herverdelen. Dat is wat er moet gebeuren om in de toekomst een eurocrisis te voorkomen. Voor wie de euro houden wil.

Maar eerst komt het erop aan de huidige crisis te bestrijden. Ook dat verhaal is inmiddels van de nodige metaforen voorzien. De eurocrisis is een ‘uitslaande brand die geblust moet worden’ (lees: de Grieken, Portugezen, Ieren en – bijna – de Italianen hebben geen geld meer om onderwijzers en ambtenaren te betalen). We moeten accepteren dat een ‘deel van het huis niet te redden is’ (We krijgen een deel van het geld niet meer terug). Om te voorkomen dat de brand overslaat is een ‘bazooka nodig’ (het noodfonds EFSF) die overal rondsluipende ‘pyromanen’ (financiële markten) ervan overtuigt dat ze hun lucifers beter kunnen opbergen. Die bazooka moet natuurlijk een waterkanon zijn, maar  de hoeveelheid aan schrijvers van de eurosage is zo groot, dat gaat ten koste van de consistentie in het metafoorgebruik.

Laat ik hem nog even verder afmaken. Niet alleen weigert de brandweer (Noord-Europa) een waterkanon op te stellen om de pyromanen af te schrikken, ook weigeren de huiseigenaren (Grieken, Ieren, Portugezen, Italianen) te beloven dat het volgende huis dat ze bouwen brandbeveiliging krijgt (ze kondigen niet de structurele maatregelen aan die nodig zijn om herhaling te voorkomen).

Dat is hem wel zo’n beetje, het verhaal van de euro. Voor economen valt er verder niet veel aan toe te voegen, hoe vaak ze ook worden uitgenodigd om het nog eens uit te leggen. U ziet ze ook steeds moedelozer worden. Het was helemaal niet de bedoeling dat hun doemverhalen waarheid zou worden. Als Europese politici nu maar gewoon daadkrachtig dat waterkanon erbij pakken, en Zuid-Europese politici de brandbeveiliging installeren….

Eigenlijk zijn wij economen uitgepraat. De eurocrisis is geen economie, maar politiek. Waarom de brandweer niet blust en huiseigenaren zich onvoldoende als goed huisvader gedragen, dat is geen vraag voor economen maar voor politicologen of historici, of weet ik veel wie. Een democratie wordt nu eenmaal niet bestuurd door vijf wijze economen.

En trouwens: op politiek vlak beginnen de eerste successen zich wel degelijk af te tekenen. Want het is niet niks wat er gebeurde in Griekenland (een nieuwe regering), Italië (Berlusconi op de knieën) en zelfs Frankrijk (extra bezuinigingen). Zo bezien is het maar goed dat de hulp niet te vroeg en te gemakkelijk werd gegeven, al waren de kosten zeker lager geweest als de zuidelijke landen eerder en zelf hadden hervormd. En weggestuurde leiders zijn nog geen hervormingen, dus we zijn er nog niet.

Over het redden van de euro zijn economen even uitgepraat. Maar…  als de euro morgen uiteen spat, dan moet u ze vooral weer bellen. Dan kunnen we het hebben over de vraag of het verstandig is om met de ‘neuro’ verder te gaan (het antwoord luidt hetzelfde als hierboven: alleen als de Noord-Europese neurolanden bereid zijn zich ook politiek aan elkaar te koppelen). Of over de gevolgen voor Nederland. Die zijn op de korte termijn groot. Er zullen omvallende banken gered moeten worden, de export naar Zuid-Europa klapt in elkaar en de werkgelegenheid hier zal het allemaal voelen). Wat de effecten op de lange termijn zijn, dat is een veel moeilijker vraag. Mocht het zover komen dat de euro instort, dan zullen we het er nog veel over hebben.

esther van rijswijk