Vurrukkulluk (2)

De traditionele slotavond van Nederland Leest was voor de verandering niet in Theater Carré, maar in een zaal aan het Vondelpark, die voor de gelegenheid was ingericht als jazzclub. Een en ander sloot wonderwel aan bij de roman van Remco Campert die dit jaar centraal stond. Misschien waren auteur en boek wel té beroemd voor deze manifestatie. Het leven is vurrukkulluk met daarin opgenomen een aanbeveling van Ronald Giphart – de formuleringen met daarin als terugkerend kernwoord ‘overbodig’ dringen zich op.

Maar toch. De slotavond was alleraardigst, het moet gezegd, en een en ander ontpopte zich in dat afgeladen zaaltje als een liber amicorum in theatervorm, zoals Philip Freriks het treffend samenvatte. De muziek was jazz, die van de roman, en daarvoor was Benjamin Herman met zijn kwartet ingehuurd. Campert en echtgenote Deborah Wolf zaten als enigen op pluchen stoeltjes. De overige clubbezoekers moesten het doen met spartaanse houten keukenstoelen. En dan was er de categorie die zich vergrepen had aan kartonnen krukjes bedrukt met VRKL, feitelijk bedoeld als decormateriaal. Ja, het was dringen in het paradijs.

Veteranen als Kees van Kooten en Jan Mulder toonden zich van hun beminnelijkste kant bij hun optreden, maar de sympathie van het publiek ging vooral uit naar de jeugd. Zoals zangeres Giovanca, die het voor elkaar kreeg om het publiek tot achtergrondkoortje om te vormen, terwijl ze zelf de lead zong.

Maar het was Ellen ten Damme die de oude Campert daadwerkelijk uit zijn pluchen stoel kreeg met een getoonzet gedicht van de hand van de dichter: ‘Denkend aan Jacques Prévert en Joseph Kosma’. “Het regende zon/die dag in het Noordstation/toen je naar me toekwam.”

Het officiële gedeelte werd afgesloten met een officieus dankwoord van Campert, die verklaarde dat ‘deze simpele Haagse jongen’ erg onder de indruk was van dit eerbetoon. Daarop stond het publiek als één man op om de dichter een open doekje te geven, blij ook dat ze eindelijk van die verdomde houten stoelen verlost waren. Bevrijdend applaus.

Later op de avond fotografeerden we dochter Cleo Campert aan de bar. De ware liefhebber zal meteen haar jurk herkennen. Voor alle anderen lichten wij dit toe. Op de eerste druk van Het leven is vurrukkulluk staat op het omslag jonge vrouw in een witte jurk, gefotografeerd in blauw licht. Die vrouw is Lucia van de Berg, de toenmalige vrouw van Campert, en de moeder van Cleo. De jurk die is indertijd gemaakt door Nicole Vrijman, een couturier die getrouwd was met de inmiddels overleden cineast Jan Vrijman. De jurk is derhalve inmiddels vijftig jaar oud, en Cleo draagt het vintage exemplaar. Overigens herkenden wij de jurk eerst, en pas daarna zagen we dat Cleo de draagster was. Nog meer vintage op foto zes, waar J.A. Deelder vinyljazzplaten draait. Niks geen cd of mp3, opzouten met dat moderne gedoe. Die toeters van Bird en Diz waren ook niet digitaal. Nou dan.

Jan Zandbergen