Vermenigvuldigt u

‘Why,” vraagt een bejaard Balinees minimannetje streng, “you not have baby yet?” Hij drukt zijn lange nagels in mijn hand. “Why you not have baby yet?!” En trekt zijn bovenlip naar binnen, zodat zijn enige tand boosaardig naar me glimt. “Why! You! Not! Have! Baby! Yet!”

Ik zit ineengedoken tegenover Ketut Liyer, het medium dat mondiale bekendheid verwierf door zijn rol in Elizabeths Gilberts bestseller Eat, Pray, Love. Nadat Elizabeth had gegeten, en gebeden, voorspelde Ketut dat ze lief zou hebben. En dat kwam uit. Sindsdien is het bij Ketut drukker dan bij de Lidl op zaterdagmorgen; zo’n dertig toeristen luisteren met ons mee. Ik wíl het wel, zeg ik snel om hem te kalmeren. Hij glimlacht tevreden, en wuift met zijn handen. “Goooood. Is good for you. You go now, and have child.”

Liyer is honderd en nog wat, leeft in een andere cultuur en zijn wat ouderwetse denkbeelden zijn daarom te verontschuldigen. Maar het valt mij, sinds ik rond de dertig ben, op dat het mannen zijn, en mannen alleen, die mij een babyplichtsbesef proberen op te dringen dan wel me een kind proberen aan te smeren. (Behalve mijn bazen. Die scanderen wekelijks juist het tegenovergestelde.) Veertigplussers, reeds in bezit van kroost, zeggen ongevraagd op date één meteen: “Ik wil zo een kind met je, hoor. Je kunt er maar beter nu aan beginnen, des te sneller herstelt je lichaam.” Jongens van in de twintig fluisteren in de kroeg zonder aanleiding in je oor: “Schrijf me nou niet af omdat ik jong ben. Als wij wat gaan beginnen, geef ik je nu gewoon een baby. Misschien dat ik de komende tijd dan weekend-papa ben, maar daar komen we wel uit.”

Zou het een soort onbekend gen zijn dat bij mannen in werking treedt als vrouwen de leeftijd waarop zij hun eerste kind krijgen steeds verder opschorten? Aangewakkerd door de vrees voor overbodigheid in een wereld met spermabanken, waar eicellen worden ingevroren en eicelbanken worden geopend?


Nu die laatste twee mogelijkheden sinds dit jaar ook in Nederland bestaan, muteren zelfs de Slappe Zakken van Astrid Theunissen in broedse figuren. Die er opeens SGP- en CU-achtige trekjes op nahouden als het kindverwekkingzelfredzaamheid bij vrouwen betreft.

Ik begin steeds meer in deze DNA-shifting te geloven. De ernst werd me echt duidelijk, toen ik vorige week D66-lieveling Boris van der Ham sprak. Over zijn kersverse zoon, die hij kreeg met een bevriend lesbisch stel. “Modern hè,” zei hij blij. Opeens leek iets anders het in hem over te nemen. Hij monsterde me en zei: “Zeg, moet jij zo onderhand ook niet een keer een baby?” Zelfs de homoseksuelen. Ik zeg het u, dit gen bestaat.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Jojanneke van den Berge