Hemelpost

Iedere week een artikel in zijn geheel op de site. Deze week één van de brieven uit de serie Hemelpost. Brieven aan prominente overledenen, van Albert Heijn tot Hella Haasse.

Lieve Hella,
Wij speelden hetzelfde spel. Er zat een halve eeuw tussen het ene kind, fluisterend onder de klamboe tegen haar personages, en het andere, converserend op drie toonhoogtes in het donker. Verwikkelingen om in detail uit te werken. Viel je in slaap, dan pakte je de volgende nacht de draad weer op. Vijftig jaar en vijftienduizend kilometer veranderen daar niets aan. Altijd, overal zullen er kinderen zijn die ’s nachts rechtop in hun bed zitten, in gesprek met niets tastbaars. Met iets onaantastbaars. Op school werd je geduld, ‘maar meer ook niet’. Jij haalde streken uit om erbij te horen. Ik mocht van de juf niet tegen de muur blijven staan. De boodschap: níet meedoen is raar. In je memoires schreef je hoe beklemmend je het hebt gevonden om altijd buitenstaander te zijn. Niet bij de valse meisjes te horen en evenmin bij de ‘nog harder schreeuwende jongens’. Maar steeds als je besloot partij te kiezen, besefte je dat juist in dat toekijken de zin van je leven lag. Intussen bleven de nog harder schreeuwende jongens schreeuwen. Op het plein van de Grote Drie mocht jij niet meespelen. Je liet ze.
Het is fijn, dat verzinnen, totdat ze het merken. Als je betrapt wordt door een bezorgde ouder of een jaloers kind. Dan komt de gêne. Waarom publiceren we? Het is nogal pretentieus iets te schrijven waar niemand om heeft gevraagd. Ook nu verbeeld ik me zeker heel wat, om hier, en plein public, het woord te richten tot zo’n groot en belangrijk schrijver. Ik moet opletten, want dit is geen fluisteren meer. Het gedrukte woord, daar houdenze je aan. De meisjes zullen valser worden, de jongens luider. De berg berichten, interviews, visies van anderen op jou, omschreef jij als ‘een even vermakelijk als ontstellend groeiproces van een misverstand’. Hoe heb je het volgehouden? Kun je nog tegen de muur leunen, afzijdig blijven van dat publieke alter-ego? Graag advies. Deel van dat misverstand: jouw ‘vlucht’ in de ‘historische’ roman. Hoezo vlucht? Wat nou historisch? De schrijver, die het verleden nog moet laten gebeuren, hoeft niet achteruit te stappen. Voor hem, zijn personages, maar ook voor zijn lezer is het allemaal net zo actueel, en minstens zo dringend, als wat er vanochtend in de krant stond. Wat eens werkelijkheid is geweest, blijft werkelijk. En dus kan niemand mij wijsmaken dat deze brief, verstuurd van het ene kinderbed naar het andere, niet is aangekomen.

Nachtzoen,

Marente

marente de moor