Nederland, februari 2012. De hoofdstad hangt vol met affiches van een man met uitwerpselen op zijn hoofd

Ooit, als u en ik er allang niet meer zijn, zullen zich mensen melden die graag willen nagaan hoe dat nu precies was om te leven in het Nederland van 2012 na Christus.

Waren de Nederlanders toen, in 2012, tijdgenoten van grote kunstenaars als Rembrandt van Rijn of Vincent van Gogh?
Leefden de Nederlanders toen, in 2012, temidden van grote denkers als Desiderius Erasmus of Baruch Spinoza?
Liepen er in Nederland in 2012 pioniers en zieners rond die je zou kunnen vergelijken met Cornelis Lely of Anthony Fokker?
Telde Nederland in 2012 politici van het kaliber Johan Rudolph Thorbecke of Willem Drees?
Kende Nederland in 2012 wetenschappers die net zo origineel en inventief waren als Antoni van Leeuwenhoek of Christiaan Huygens?
Zaten er in 2012 mensen op zolderkamertjes die net zulke prachtige boeken schreven als Multatuli of Nescio?

Gelukkig hoeven we de antwoorden op die vragen niet zelf te verzinnen. Maar ik hoop wel dat de generaties na ons nooit te horen zullen krijgen dat Amsterdam in februari 2012 vol hing met affiches waarop je een man kon zien met uitwerpselen op zijn hoofd en daarboven – want kennelijk is niet iedereen even snel van begrip – de tekst ‘poephoofd’.

roelof bouwman