IJs en weder

De Elfstedenkoorts was mooi, maar voor treinreizigers viel er weinig te lachen.

Even leek er geen ander nieuws meer te zijn. Journaals, radio-uitzendingen, actualiteitenrubrieken en kranten, alles stond in het teken van de Elfstedentocht. Het leverde een prettige vorm van enthousiasme en verbroedering op. Met man en macht werd gewerkt om het ijs sneeuwvrij te maken. Vrijwilligers stonden in rijen klaar. Militairen meldden zich met de sneeuwschuiver. Een oranje wolk van saamhorigheid daalde neer over het land. Sommigen vonden het misschien overdreven. Zelf heb ik ervan genoten. Het Friesche bloed ruiste door de aderen.

Groot was dan ook de teleurstelling dat het toch niet door zou gaan. Ruw werd de roze bril van het hoofd geslagen. Al het andere nieuws kon zich weer in volle hevigheid aan ons opdringen.

De vreselijke gebeurtenissen in SyriĆ« en de onmacht van de internationale gemeenschap om daar iets aan te doen. De zorg om Griekenland, dat de zoveelste ferm uitgesproken ‘laatste kans’ krijgt. De speculaties – na de uitlatingen van eurocommissaris Kroes – dat de eurozone best zonder Griekenland verder kan. De onrust in de achterban van GroenLinks over de steun aan de missie in Kunduz. Voor Jolande Sap was het erop of eronder tijdens het partijcongres van afgelopen zaterdag, maar een uitbreiding van de missie mag ze in elk geval niet meer steunen. Maxime Verhagen, die als minister van Economische Zaken – en natuurlijk ook als CDA’er – duidelijk maakt dat bezuinigingen meer moeten zijn dan het huishoudboekje op orde maken. Noodzakelijk in zijn ogen zijn ook hervormingen in de zorg, de sociale zekerheid en de woningmarkt. Geert Wilders die meteen weer twittert dat het CDA een toontje lager moet zingen.


Het zijn allemaal onderwerpen die in deze column al eens eerder de revue zijn gepasseerd. Vandaar ook nog maar even een ander onderwerp voor het voetlicht gebracht: NS en ProRail.

Tijdens de Elfstedenkoorts hoorde ik de grap dat ProRail in Friesland zou worden ingeschakeld, ‘omdat die ervoor kunnen zorgen dat ijs kan blijven liggen’. Een goede mop, maar voor de reizigers valt er minder te lachen. Zij stonden weer urenlang te kleumen op tochtige perrons.

En toch zou het dit jaar allemaal beter gaan. In het nieuws werd regelmatig melding gemaakt van alle maatregelen die waren genomen om goed voorbereid te zijn op de winter. Een debacle zoals vorig jaar zou niet worden herhaald, zo was de boodschap. En ook over de reizigersinformatie waren betere afspraken gemaakt tussen NS en ProRail…

Het leek me toen al niet zo handig om dergelijke statements zo prominent naar buiten te brengen, want als je de lat voor jezelf zo hoog legt, zal je daar ook op worden afgerekend.

En zo gebeurde. Toegegeven, de vorst was ineens heel fors en het pak sneeuw ineens heel dik, maar feit is dat de verwachtingen bij lange na niet konden worden waargemaakt.

De Volkskrant maakte zaterdag een vlijmscherpe analyse van het probleem. De oorzaak blijkt te liggen in de splitsing van NS en ProRail. In de goede oude tijd kon het NS-personeel zelf meteen met de brander aan de slag bij de wissels, terwijl nu urenlang moet worden gewacht tot de onderaannemer van ProRail via de besneeuwde wegen de plek des onheils heeft bereikt.

Ik schrijf dit niet om ProRail en NS weer eens te kritiseren. Dat is al weer genoeg gebeurd. Nee, het gaat me om de politieke verantwoordelijkheid. De splitsing van ProRail en NS is een politieke beslissing geweest. In dat licht is het verwonderlijk dat VVD-minister Schultz van Haegen van Infrastructuur zich zo makkelijk aansloot bij het koor van criticasters. De splitsing was ooit bedoeld om concurrentie op het spoor mogelijk te maken. Die is er inmiddels weliswaar aan de randen, maar niet op het hoofdnet. En de vraag dringt zich nu op of dat eventuele voordeel opweegt tegen de tekortschietende kwaliteit die de reiziger kan worden geboden. Toen VVD’er Pieter Winsemius zijn partij opriep om minder stil te zijn bij discussies over marktwerking, was ik dan ook benieuwd of hij op dit onderwerp doelde.