Waarom Diederik Samsom de PvdA moet gaan leiden

Mijn collega Mark Traa schreef gisteren dat Ronald Plasterk de PvdA moet gaan leiden. Ik ga nu uitleggen waarom Samsom wellicht een betere kandidaat zou zijn. Om te voorkomen dat iemand nu denkt dat ik posters van Diederik Samsom boven mijn bed heb hangen; dat is geenszins het geval. Volgens mij kan niemand de PvdA meer redden, dus ook Samsom niet. De partij kan beter worden opgesplitst. Maar zolang dat niet gebeurt, zal toch íemand de kar verder door de modder moeten trekken.

Samsom is een intelligente vent – altijd handig voor een politiek leider. Hij studeerde kernfysica in Delft. Volgens een ex-leermeester van hem die ik ooit sprak, was Diederik hopeloos vooringenomen; welke voordelen van kernenergie de docent ook over het voetlicht bracht, zijn student bleef mordicus tegen. Maar dus wel beredenéérd tegen.

Vervolgens werd hij het gezicht van Greenpeace. Samsom was bevlogen, maar nooit eng fanatiek. Sympathieke jongen met (toen nog) fraaie krullenbol die op kalme toon bezorgde dingen zei over het milieu; niks mis mee. Maar hij was wel – en daar op zich ook niks mis mee – een zeer ambitieus baasje. Hij wilde de politiek in. Niet voor GroenLinks, wat gezien zijn Greenpeace-verleden wellicht voor de hand had gelegen, maar voor de PvdA. Hij was kandidaat-Kamerlid in 2002, maar werd door het grote verlies van zijn partij niet gekozen. Dus richtte hij maar een eigen energiebedrijf op, Echte Energie geheten. Ondernemend was Samsom dus ook.

In 2003 kwam hij alsnog in het parlement, waar hij onder meer milieu en energie ging doen. Samsom was een kundig Kamerlid, maar echt opvallen (althans, voor de buitenwacht) deed hij pas toen hij zich in 2008 kandidaat stelde voor het fractievoorzitterschap. Zijn collega’s prefereerden echter de bonkige, charismaloze Mariëtte Hamer.

Achteraf bezien was dat voor Samsom maar goed ook. Hij was nog te jong, te groen. Pas in 2011 ontbolsterde hij echt, mede dankzij de kernramp in Fukushima. Bijna niemand (en zéker in de Kamer) had meer kennis van zaken dan Samsom, die de verleiding weerstond om triomfantelijk ‘zie je wel’ te gaan doen. Tientallen even beheerste als deskundige tweets stuurde hij de wereld in. Een politicus die écht ergens verstand van heeft; dan dwing je ontzag af in dit land.

Een ronduit briljante move was zijn undercoveractie als straatcoach in Amsterdam. Samsom ‘ontdekte’ wat iedereen al lang wist: dat relatief veel Marokkaanse jongens in bepaalde wijken galbakken zijn. En dus ging de volksvertegenwoordiger dat in elk medium op ferme toon lopen zeggen. Streetwise hoor, die Diederik, dacht het PvdA-electoraat. Héél anders dan die stijve, wereldvreemde Job Cohen.

Nu doet Samsom ongetwijfeld opnieuw een gooi naar het fractievoorzitterschap. Hij is veertig, een prima leeftijd. Het supertalent Lodewijk Asscher kan als Amsterdams wethouder niet meedingen (wat niet wil zeggen dat hij geen lijsttrekker kan worden bij nieuwe verkiezingen), en is met zijn 37 jaar misschien nog wel wat jong. Dat geldt helemaal voor Martijn van Dam (34), die vandaag bekend heeft gemaakt ook in de race te zijn. Ronald Plasterk heeft wel een goede leeftijd (54) en is charmanter dan Samsom, maar heeft niet diens street credibility, iets dat nog sterker geldt voor Frans Timmermans (50).

Samsom zou het, kortom, prima kunnen. Alleen wel jammer van die krullen.


Morgen: waarom Martijn van Dam het moet gaan doen

boudewijn geels