Frans Timmermans laat Uri Rosenthal ontsnappen

Minister Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) ontkent dat het uitstellen van de prijsuitreiking van de Mensenrechtentulp iets te maken zou hebben met het niet willen schenden van de goede betrekkingen tussen China en Nederland. In schriftelijke antwoorden ([[download file=”2012-02/beantwoording-kamervragen-over-mensenrechtentulp1.pdf” icon=”” text=”pdf” title=”” ]]) op vragen van Frans Timmermans (PvdA) blijft de minister zeer op de vlakte en is hij onvolledig in zijn beantwoording. Timmermans diende de vragen in naar aanleiding van het artikel ‘Sidderen voor China‘ dat op eerder deze maand in HP/De Tijd verscheen.

Op 31 januari j.l. werd de Nederlandse staatsprijs voor mensenrechtenverdedigers uitgereikt aan een lege stoel. Prijswinnares Ni Yulan zat vast in de gevangenis van Peking en haar dochter mocht van China het land niet verlaten. Naar aanleiding van lange interviews met de onafhankelijk jury van de Mensenrechtentulp werd duidelijk dat Buitenlandse Zaken veel moeite heeft gedaan om de uitreiking uit te stellen. China ligt zeer gevoelig.

Rosenthal heeft het in zijn antwoorden op de vragen van Timmermans niet over het contact dat er geweest is tussen de Chinese ambassade in Den Haag en Buitenlandse Zaken, vlak nadat bekend werd dat een Chinese dissident de prijs zou krijgen. De ambassade vroeg toen aan BZ of het minsiterie op enige manier kon helpen. De minister verhaalt in de beantwoording enkel over zijn eigen optreden. Nadat dochter Dong Xuan op het vliegveld van Peking opgepakt werd, heeft Rosenthal contact opgenomen met de ambassade om zijn ongenoegen kenbaar te maken.

Timmermans verwijst in zijn vragen naar de zogenaamde receptorbenadering, die door Buitenlandse Zaken gehanteerd wordt. Binnen die benadering wordt de universaliteit van de mensenrechten sterk gerelativeerd; elk land heeft zijn eigen zeden en gewoontes. Timmermans: “Is het ultieme doel van uw mensenrechtenbeleid mensenrechtenschenders als China niet voor het hoofd te stoten? Zo ja, is de ‘receptorbenadering’ dan niet gewoon een excuus om maar niet meer over een voor schenders pijnlijk onderwerp als mensenrechten te hoeven beginnen?” Daarop beantwoordt Rosenthal ontkennend. Rosenthal: “Ik beschouw de receptorbenadering als een extra instrument van buitenlands beleid dat er juist op is gericht implementatie van mensenrechten te bevorderen, ook in een land als China.”

Timmermans laat Rosenthal op één punt ontsnappen.
Vraag 4 van zijn schriftelijke Kamervragen luidt:
Heeft u contact opgenomen met de Chinese ambassade of andere Chinese autoriteiten om met hen te spreken over de prijs en de laureaat? Zo ja, wat was het doel van deze contacten? Wat was het resultaat van deze contacten?
Hier verwijst Timmermans naar het feit dat de Chinese ambassade al lang voor de bekendmaking op de hoogte is van het voornemen Ni Yulan de prijs te geven. Uit het HP/De Tijd-artikel van eerder deze maand:
Juryvoorzitter Cisca Dresselhuys: “Ik heb toen rechtstreeks aan de minister gemeld dat Ni Yulan de winnaar was.” (…) Niet veel later staat de Chinese ambassade in Den Haag op de voicemail van het secretariaat van de Mensenrechtentulp. Of ze de jury wellicht van dienst kan zijn? De jury staat perplex. Hoe weet de ambassade wie de winnaar is? Wie heeft haar geïnformeerd?

In het antwoord manoevreert Rosenthal handig en gaat hij alleen in op zijn contacten met de Chinese ambassade nádat bekend werd dat de dochter van Ni Yulan was opgepakt in China.
Zoals geantwoord op de Kamervragen van het lid Pechtold (d.d. 27 januari 2012, 1329) is onmiddellijk na de aanhouding van mevrouw Dong Xuan, de dochter van de laureaat, bij de Chinese Ambassadeur in Den Haag en de autoriteiten in Peking om tekst en uitleg gevraagd over het verhinderen van de reis naar Nederland van de dochter die namens haar moeder de prijs in ontvangst wilde nemen. Zoals bekend heeft dit pleidooi helaas niet het gewenste resultaat opgeleverd.

mijke pol