Tandeloze inquisitie

Uilskuiken van de week: Attje Kuiken

Waar en wanneer het gedrocht is ontstaan, valt niet goed te achterhalen. In ieder geval begon men in december 2010 met ‘voorbereiden onderzoeksvoorstel’, meldt het verslag. Het onderzoek zelf werd toen nog lang niet verricht. Het ging slechts om het voorstel tot dat onderzoek, en daar dan weer de voorbereiding van.

De treinen reden niet op tijd, daar had het mee te maken. En met geld dat op de plank was blijven liggen. Wissels die niet werkten, gladde blaadjes op de rails. Jaarlijks hetzelfde riedeltje. Eindelijk zou het eens tot de bodem moeten worden uitgezocht, vond de vaste Kamercommissie voor Infrastructuur en Milieu. Het kostte een lieve duit, 613.925 euro, maar dan had je ook wat. De Tweede Kamer stemde ermee in.

Drie maanden later, maart 2011, was het onderzoeksvoorstel gereed. Er zou een parlementair onderzoek komen ‘naar het Nederlandse spoorsysteem en onderhoud- en realisatiebudgetten in relatie tot innovatie’. Dat was de hoofdvraag. Daaronder ressorteerden negen ‘onderzoeksvragen’ die weer ‘geclusterd’ waren in ‘vier deelonderzoeken met ieder een eigen centrale vraag’.

Eigenlijk had men ook ‘de mogelijkheden tot combinatie van of aansluiting op elkaar van spoor en Lightrail’ onder de loep willen nemen, maar met het oog op ‘de uitvoerbaarheid van het onderzoek’ werd besloten die vraag er niet bij te betrekken. Wel zou uitvoerig worden ingegaan op eventuele ‘scopewijzigingen’ betreffende ‘project Beter Benutten 21’, het al of niet actief zijn van ‘project Mistral’ en ‘de vaststelling van de ERMTS hardware en software specificaties’.

Niemand stapt voor de lol in zo’n commissie; met veel moeite werden enkele backbenchers bereid gevonden. Ooit gehoord van CDA’er Eddy van Hijum? SP’er Paulus Jansen? VVD’er André Bosman? PvdA’er Attje Kuiken, de voorzitter naar wie de commissie vernoemd zou worden?


Alleen commissielid Jhim van Bemmel (PVV), woordvoerder op onder meer het gebied van windmolens, genoot een reputatie. Maar dat was omdat hij bij zijn aantreden had verzwegen dat hij was veroordeeld wegens het vervalsen van vrachtbrieven, waarna hij in 2010 zes weken was geschorst als Kamerlid.

Het gezelschap ging aan de slag. Eerst werd er georiënteerd, literatuur bestudeerd en het een en ander aanbesteed. Van april tot juli volgde de ‘uitvoeringsfase externe onderzoeken’. Natuurlijk moesten er hoorzittingen komen; de parlementaire commissie is een voortzetting van de inquisitie, met andere middelen.

Maar liefst 47 personen werden opgeroepen: senior fleet engineers, business unit managers, directeuren, presidenten, inspecteurs, voorzitters, ministers en oud-ministers. Negen dagen kostte het om al die lieden aan de tand te voelen. Wanhopig deden de commissieleden hun best iets te begrijpen van interlockings, ATB-codes, STS-passages en andere technische vraagstukken.

Miljoenen woorden leverde dit op, uitgesmeerd over tienduizenden A4’tjes. Daar kwamen de resultaten van de aanbestede onderzoeken nog eens bij. Voor de commissieleden lag een wijdlopige, ongestructureerde brij waar met de beste wil van de wereld geen zinnig geheel van te maken viel. Toch moest er iets van een conclusie komen, de modderschuit was nu eenmaal uitgevaren. En een pakkende titel. Wissel op de toekomst, opperde iemand. Briljante vondst, het had de titel van een dichtbundel van Nel Benschop kunnen zijn.

Wat was nu eigenlijk de conclusie? Dat er geen conclusie kan worden getrokken! Ondanks al die verhoren, al die rapporten en al dat leeswerk is de commissie er niet in geslaagd inzicht te krijgen in ‘de financiële stromen in de spoorsector’, valt te lezen in Wissel op de toekomst, dat vorige week donderdag werd gepresenteerd en op internet is te raadplegen. De commissie heeft ook niet kunnen vaststellen of de middelen voor spooronderhoud efficiënt worden besteed.


Ik weet niet hoeveel treinen of vorstvastewissels je van 613.925 euro kunt kopen. Al is het er maar één, de treinreiziger zou daarmee meer gebaat zijn dan met dit vod.