Onderhandelen in tijden van droogte

Toen de grote droogte kwam, gingen de drie zoons onder de oude kastanjeboom zitten om te overleggen. Na een paar weken waren ze er niet uit, maar waren de dieren vermagerd en de gewassen verdord. Een Haagse parabel.

Het doet denken aan de klassieke parabel. En ook als die parabel niet bestaat, doet het er toch aan denken. In het verre land achter de bergen woonde een hereboer met zijn drie zoons. Omdat hij al op leeftijd begon te raken, vond hij dat de tijd was gekomen dat zijn zoons leerden hun verantwoordelijkheid te nemen. Hij riep hen bij zich en droeg hun op om met z’n drieën gezamenlijk zorg te dragen voor het landgoed. “Alles is in redelijk goede staat,” zei hij, “zeker als je het vergelijkt met sommige andere landgoederen hier in de buurt. Sommigen hebben zelfs moeite om belastingen af te dragen aan de koning, die zorgt voor onze veiligheid en welvaart. De koning dreigt hen te straffen. Ons land is niet groot, maar de gewassen staan er goed bij en de dieren zijn gezond. Maar past op, mijn zoons, schijn kan bedriegen. Alle wijzen van het land hebben een periode van grote droogte voorspeld. Het is goed om daarop voorbereid te zijn.” De drie zoons gingen onder de oude kastanjeboom zitten om te overleggen over hoe zij het beheer van het landgoed zouden aanpakken. Na een paar weken waren zij eruit. “En?” vroeg hun vader. “Wat is jullie plan?” “Dat is eenvoudig,” zeiden de zoons. “Wij vinden dat de koning streng moet zijn en wij zullen hem helpen om ook op de armere landgoederen de belasting te innen. Het zou immers onrechtvaardig zijn als zij belastingverlaging zouden krijgen bij wijze van beloning voor het feit dat zij hun land slecht hebben onderhouden terwijl wij, die alles op orde hebben, volledig moeten opdraaien voor de veiligheid en welvaart in het rijk.” Hun vader fronste zijn wenkbrauwen. “En wanneer de grote droogte komt?” vroeg hij. “Dan zullen ook wij niet meer in staat blijken de belastingen af te dragen. Wat is jullie plan om dat te voorkomen?” “Ook dat is eenvoudig,” zeiden de zoons. “We hebben afgesproken dat we, zodra de grote droogte komt, opnieuw bijeen zullen komen onder de kastanjeboom om te overleggen over wat we in dat geval moeten doen.” En toen de grote droogte kwam, precies zoals de wijzen hadden voorspeld, gingen de drie zoons opnieuw onder de
oude kastanjeboom zitten om te overleggen, precies zoals ze hadden afgesproken. Na een paar weken waren ze er nog niet uit. Intussen waren de gewassen te velde verdord en de dieren zo vermagerd dat ze geen melk meer gaven. Ze smeekten de koning om belastingverlaging, maar al hun buren eisten van de koning dat hij net zo streng voor de drie zoons zou zijn als hij op aandringen van de drie zoons voor hen was geweest.

Lees het gehele artikel in de HP/De Tijd van deze week

ilja leonard pfeijffer