Laat die bom maar vallen

Uilskuiken van de week: Uri Rosenthal

De Israëlische premier Benjamin Netanyahu sprak vorige week in Washington na zijn bezoek aan het Witte Huis de pro-Israëlische lobbygroep American Israel Public Affairs Committee (AIPAC) toe. Hij maakte duidelijk dat een aanval op Iran wat hem betreft zo snel mogelijk plaats zou moeten vinden.

“We kunnen het ons niet veroorloven nog veel langer te wachten,” zei Netanyahu onder meer. President Obama, die diplomatie in combinatie met sancties verkiest boven bommen, maakte volgens hem dezelfde fout die de Amerikanen in 1944 maakten; ze besloten toen dat het verstandiger was om Auschwitz toch maar niet te bombarderen.

Er is vaker opgemerkt dat haviken als Netanyahu, wellicht zonder dat ze het in de gaten hebben, sterke overeenkomsten vertonen met hun ergste vijanden. Ik moest denken aan de huiveringwekkende roman De Welwillenden van Jonathan Littell, waarin een hoge nazibons het volgende opmerkt: “De joden zijn de eerste ware nationaal-socialisten, al drieduizend jaar lang, sinds Mozes hun een wet gaf om hen voor altijd van de anderen te scheiden. Al onze grote ideeën zijn afkomstig van joden, en wij moeten zo verstandig zijn dat te erkennen: het Land als belofte en als vervulling, het idee van het uitverkoren volk, van de zuiverheid van het bloed.”

Verderop in het boek komt een SS-Standartenführer aan het woord die beweert dat de joden de nazi’s dankbaar zouden moeten zijn. Want de joden waren een volk “dat de oorlog niet kent, dat alleen maar kan oppotten, dat nooit eens kwistig is. Nou, juist door hun levens te verspillen zoals je bij een trouwerij met rijst strooit, leren wij hun hoe ze moeten verkwisten, hoe ze oorlog moeten voeren. En het bewijs dat dit goed werkt, dat de joden die les beginnen te begrijpen, dat zien we in Warschau, in Treblinka, in Sobibor, Biaystok, in het feit dat de joden weer krijgers worden, wreed worden, zelf beginnen te doden. Dat vind ik heel mooi. We hebben ze in een waardige tegenstander veranderd.”


Met hun oorlogsdrift en agressieve nederzettingenpolitiek gedragen Netanyahu en ultranationalistische figuren als Avigdor Lieberman, de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken, zich precies zoals de nationaal-Socialisten uit Littells boek van hen verwachten.

De journalist Gideon Levy, die gestudeerd heeft in Amsterdam en verschillende documentaires maakte, schreef vorige week in de Israëlische krant Ha’aretz dat Israël al veel te lang wordt geleid door gevaarlijke helden van het slag Netanyahu. “Het nucleaire programma van Iran is gevaarlijk,” aldus Levy. “Maar ook dat van Pakistan en Noord-Korea, waar de wereld mee heeft leren leven. (-) Israël moet er alles aan doen om te voorkomen dat Iran nucleaire wapens tot zijn beschikking krijgt – alles, behalve weer verwikkeld raken in een zelf geïnitieerde oorlog.’

De meeste landen delen dat standpunt; Frankrijk, Duitsland en Rusland waarschuwden voor Netanyahu’s gevaarlijke retoriek en drongen aan op diplomatieke oplossingen, hoe ingewikkeld ook. Nederland deelt dat standpunt niet. “We houden alle opties open,” zei minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal in november vorig jaar in Brussel na overleg met zijn EU-collega’s; wat een letterlijke vertaling was van een van Netanyahu’s dreigementen aan het regime in Teheran. Aangezien Rosenthal die woorden niet heeft herroepen, kan Netanyahu in ieder geval blijven uitgaan van Nederlandse steun, mocht hij in een gekke bui alsnog tot een bombardement op Iraanse doelen besluiten.

Vorige week donderdag wisten Amerika en enkele Europese landen Netanyahu in het gareel te krijgen. In een televisie-interview zei hij ‘de komende tijd’ niet tot een aanval te zullen overgaan. Zo slaat Rosenthal binnen de Europese Unie opnieuw een pleefiguur, na zijn eerdere weigering om een gezamenlijk EU-standpunt te Steunen.over de Mensenrechten in Israël en de Palestijnse gebieden.