Hoe erg was die treinstoring nu werkelijk?

Dat was een onaangename verrassing, vanochtend. U moest per trein van of naar Amsterdam en dat ging niet. U ging later, u ging met de auto of u ging niet. Vervelend, dat uitgerekend u te maken kreeg met de 4,5 procent van de treinen die jaarlijks te laat op de plaats van bestemming aankomen. Maar vertel eens, wat bent u vanochtend nu eigenlijk misgelopen?

Als doorgewinterde treinreiziger heeft u voor het vertrek natuurlijk op uw PC, telefoon of teletekst gecheckt of er vertraging is. U bent toch gegaan? Dan wist u wat u te wachten stond: een paar uurtjes relaxen in de ochtendzon met een krantje en een croissantje. U belde met uw collega’s, en die reageerden laconiek: ook zij konden immers niet op het werk komen. Of u belde met uw afspraak, en ook die begreep het wel: een majeure treinstoring is overmacht.

Was u met de auto, dan was uw excuus slapper geweest: dan had u maar een file eerder moeten nemen. Maar liefst 95,5 procent van de treinen arriveert op tijd, een beter cijfer dan ooit, en uw afspraak mag blij zijn dat u hem belangrijk genoeg vond door het meest punctuele vervoermiddel te kiezen. Trouwens, eenmaal aan de telefoon – want die heeft u altijd bij u – heeft u de belangrijkste zaken gewoon kunnen regelen, dus zó catastrofaal was die afgezegde bespreking nu ook weer niet.

U kunt er ook voor hebben gekozen maar helemaal thuis te blijven. Ook dat is iets waarop de meeste werkgevers al helemaal zijn ingesteld. Thuiswerkers zijn minstens zo productief als werkwerkers. U kunt bijna alles via de computer en de telefoon doen. En wat er dan toch nog blijft liggen, dat kan best een dagje wachten. En geef toe, is het zo erg om met dertien graden onder een wolkenloze hemel wat leeswerk in uw eigen achtertuin te doen?

Als het elke dag volkomen onbekend zou zijn of en hoe laat er treinen zouden rijden in Nederland, dan zou al het bovenstaande totaal ongepast zijn. Dan is er volop reden tot parlementaire verontwaardiging. Maar zelfs een regionale storing van een halve dag, een uitzondering van jewelste in spoorland, is al voldoende om Kamerleden (in casu GroenLinks) moord en brand te laten schreeuwen. Het aantal mensen dat écht gedupeerd is omdat ze een ziekenhuisbezoek, begrafenis of rechtbankzitting mislopen, is ongetwijfeld zeer beperkt. Maar over hen gaat dit stukje ook niet: het gaat over de gewone forens die zichzelf zo veel belang toedicht dat hij niet een paar uur kan worden gemist.

De werkelijkheid is dat er geen enkele tolerantie meer bestaat omtrent het falen van techniek. Nederlanders zaten vorig jaar gemiddeld 23 minuten zonder elektriciteit (en dat is alweer minder dan het jaar ervoor) en daarvan hebben ze in veel gevallen ook nog eens niks gemerkt. Het land is één bord spaghetti van wegen, spoorlijnen, kabels en netwerken. Dat het allemaal werkt zoals het werkt is niets minder dan een wonder. Een dag als vandaag is dé gelegenheid om daar eens stil bij te staan. En heus, morgen rijden de treinen gewoon weer.

mark traa