Rubberen trooster

Het geschubde, hoornvormige ding lag tussen ons in. Dat het van Duitse makelij was, kon je makkelijk afleiden van de groene fluo kleur. De acceptatie van seksspeeltjes zou een stuk vlotter verlopen als er ook nog enig esthetisch genoegen aan te beleven was. De vleeskleurige varianten maken een macabere, geamputeerde indruk. De rest is uitgevoerd door een colorist die zichzelf verboden heeft ooit andere kleuren te gebruiken dan de hoezenontwerper van Doe Maar.

Mijn toenmalige lief had de vibrator als verjaardagscadeau gekregen van een voormalig studiegenootje. Ooit hadden ze samen in Parijs in de collegebanken gezeten. Door de liefde waren hun wegen uit elkaar gaan lopen. Zij was namelijk in het huwelijk getreden met een zachtaardige, uiterste liefdevolle, op zijn 25ste reeds failliet verklaarde en zes joints per dag rokende levensgenieter annex klaploper. De bevriende mantelpakjes bleven een voor een weg van de avondjes rond haar met cannabisgruis bestoven salontafel. Wij zagen de leegloop aan, omdat we in de buurt woonden en onszelf als ruimdenkend beschouwden.

Na geflopt te zijn als wasserette-uitbater en verkoper van respectievelijk koptelefoons, coke, energiedrank en printervullingen, besloot hij het vrijejongenschap nog een laatste kans te geven. Hij verkreeg de licentie om als enige Nederlander de Duitse dildo’s, trilstaven en cockrings te verkopen. En zoals gebruikelijk bleef hij zitten met een voorraad aan verjaardagscadeaus waar hij nog jaren uit zou kunnen putten.

In weerwil van het cliché ervoer ik de komst van de ‘trooster’, zoals Spanjaarden hem noemen, niet als bedreigend. Althans, niet zolang die in huiselijke kring gebruikt werd. Wat nauwelijks voorkwam. Na twee niet bijster interessante escapades borgen we het ding op tussen zelden gebruikte toiletartikelen, zoals muskietenspray en rekverbanden. Vooral de herrie die dat ding maakte, bedierf de lust. Alsof de motor op droge erwten liep.

Toen ging ex-lief een jaartje in het buitenland studeren. Een exercitie die ik door een heilig Geloof in ons eigen kunnen niet als bedreigend ervoer. De eerste breuk, nog haarvatfijn, moet mijn wrevel zijn geweest toen ik ontdekte dat ze de vibrator had meegenomen. Ik haalde het kastje overhoop. Irrationeel inderdaad; wat kan een gezond mens tegen masturbatie hebben? Het kan niet anders dan mannelijke onzekerheid zijn geweest. De angst om de clou te worden van het oude grapje: “Hij heeft een goede lul. Alleen jammer dat er een klootzak aan vastzit.”


Later bleek het ding nog voor haar vertrek achter het plankje te zijn Gevallen. Maar dat was toen al niet meer van belang. Voor ze haar meubels en boeken kwam halen, had het ik nog een keer uit de kast gehaald. Ik liet het trillen tot de batterijen op waren.

Thomas Blondeau