‘We zijn gezellig bezig’

Twee broers lanceerden in 1998 de eerste betaalde datingsite van Nederland: e-Matching.nl. Jasper Jan en Thomas de Konink over daten in crisistijd en hun opvallend strikte deurbeleid. ‘Sommigen noemen dat puriteins.’

‘Wdwnr omg Bilth. zkt slnk vr. Trfw: klss mzk, lng wndlngn, rstrntj en ltr mss mr.” Goed, dat was vroeger. Tegenwoordig zou je zeggen: deze meneer moet nog een beetje aan zijn profiel werken. Aan zijn introductie, zijn invalshoek, zijn originaliteit. Zaken waar ze hem bij een site als e-Matching.nl (‘Dating voor hoger opgeleiden. Durft u het aan?’) uitstekend mee kunnen helpen. Het kantoor bevindt zich in hartje van Nijmegen. De deur rechts naast de hakkenbar, trap op: een bescheiden ruimte met een paar bureaus, een enkele potpalm, een schilderij van de kunstuitleen… Hier, op deze plek die toch nooit iemand ziet, zit het brein achter het gordijn. Hier zetelen Jasper Jan en Thomas de Konink, de twee directeuren met hun vijf werknemers. Twee broers, die tevreden om zich heen kunnen kijken, want het is aardig geworden wat ze ervan verwacht hadden. Toen ze in 1998 hun datingsite introduceerden, spraken ze een paar dingen met elkaar af: we blijven eigen baas, investeerders komen er dus niet in, en we houden het klein: vijf tot tien man max.

Jasper Jan (49) en Thomas (41) zijn geboren in het Brabantse Waalre, in een gezin met zes kinderen. De jongens groeiden een beetje langs elkaar heen op, en niet alleen door het grote leeftijdsverschil. Het was begin jaren zeventig, de tijd van de eerste echtscheidingsgolf, van ‘de patchworkgezinnen’, zoals Jasper Jan het noemt. Ook de familie De Konink moest eraan geloven. Twee zussen bleven bij vader, de twee broers en twee andere zussen vertrokken met moeder naar Bladel. Een huishouden als een springkussen, iedereen vloog alle kanten op – moeder had even de handen vol aan zichzelf.


De kleine Thomas werkte vooral aan zijn technische vaardigheden, wat erop neerkwam dat hij alles sloopte wat binnen handbereik lag. Jasper Jan herinnert zich nog de aanblik van de piano. Totaal geruïneerd. “Hij had nog net niet de snaren doorgeknipt.” “Uit elkaar ging makkelijker dan in elkaar,” geeft Thomas toe.

Jasper Jan zocht zijn toevlucht vooral buitenshuis, bij de plaatselijke natuur-vereniging bijvoorbeeld. Uiteindelijk ging hij biologie studeren. De jonge onderzoeker Thomas werd door vader onder de vleugels genomen, om te zien wat er nog te redden viel. De een stapte over van biologie naar milieukunde, de ander deed de havo. De een liep verkleed als ‘gifkikker’ door het stadscentrum – ‘Scheid uw chemisch afval, mensen!’ – de ander ging naar de hts. De een ging aan de slag bij een adviesbureau, de ander bij een IT-bedrijf. De een raakte overspannen (“Ik meen tijdens de derde reorganisatieronde”), de ander gedesillusioneerd (“Ik zag mezelf niet mijn leven lang op een kantoor zitten”). En toen belde Jasper Jan. Of ze de handen niet ineen moesten slaan.

Dat was in 1996, het begin van de grote internetbubble. De broers wisten wel dát ze iets met internet wilden, alleen niet wát. Dus probeerden ze van alles. Een digitale vacaturemarkt, ringtones, e-magazines, een community met forums en een chatbox… “Met die community, Focus-in, zijn we nog een jaar de grootste van Nederland geweest,” zegt Thomas. “Groter dan CityOnline van VNU en Wegener, en die staken er miljoenen in. Terwijl ons budget… nou, wat zal het geweest zijn?”

Jasper Jan: “Hooguit 30.000 gulden Als je klein bent, leerden we, kun je sneller Schakelen. De opkomst van internet was echt een oerknal: je kon meegezogen worden als je op de goeie plek stond, op Startpagina bijvoorbeeld. Dat werd in korte tijd heel groot. Onze chatsite stond erop, onze vraag- en aanbodsite Koopjesjager weer niet.” Thomas: “Het beginnende Marktplaats weer wel.”


De verdeling was een natuurlijke. De man met de communicatieve vaardig-heden naast de man met het technische vernuft. Aan de stroom van plannetjes van Jasper Jan kwam geen einde, tot groeiende wanhoop van Thomas, die dertig sites in de lucht moest zien te houden. En dan was er nog bliksemafleider Erik van Heeswijk (nu hoofd van VPRO Digitaal), die in het bandje van Jasper Jan speelde en ook niet precies wist wat hij met zijn studie filosofie aanmoest. “Erik heeft ons in het begin wel gered,” zegt Jasper Jan, “want het kon aardig knallen tussen ons twee.” De grote broer tegen de kleine broer, die dan reageerde: “Jij denkt zeker weer dat je het allemaal zo goed weet!” “Ja,” zegt Thomas, “dat heb ik hem in die tijd vaak naar zijn hoofd geslingerd.”

Dating had binnen al hun activiteiten meteen een apart plekje. “Toen ik alleen nog maar van het fenomeen ‘internet’ had gehoord,” zegt Jasper Jan, “was dat al mijn eerste associatie: hierop kun je een brugfunctie voor singles creëren. En dan niet zozeer voor mensen die 250 kilo-meter van elkaar leven, maar juist voor Wim en Claartje die bij elkaar om de hoek wonen maar elkaar desondanks nooit tegen-komen.”

“Focus-in had een datingrubriek,” zegt Thomas, “maar daar waren we vooral onkruid aan het wieden. De hele dag ranzige oproepen en zo mogelijk nog ranziger plaatjes van de site aan het weren.” Toen de internetbubble rond het jaar 2000 uiteenspatte en de advertentie-inkomsten begonnen terug te lopen, ontstond bij de broers het idee van een betaalde datingsite. “Daarmee sla je twee vliegen in één klap,” zegt Jasper Jan. “Je genereert een stabiele, constante inkomstenstroom en je werpt een dam op de tegen viespeuken, want die gaan er natuurlijk niet voor betalen. Dat komt de kwaliteit weer ten goede.”


En niemand riep: mensen koppelen is vrouwenwerk?

Thomas: “Aha, het beeld van de oude koppelaarster. Bochel, cape, takkenbos…”

Jasper Jan: “Bij relatiebemiddelings-bureaus is dat zeker zo. Wij zijn aangesloten bij de brancheorganisatie Singles Keurmerk, en de meeste andere leden zijn vrouw. Maar bij internetdaten ligt dat anders. Dat komt door het hele technische verhaal achter een site, die wereld is helemaal in handen van mannen.”

Een single met een normaal sociaal leven ontmoet hooguit een paar leuke andere singles per jaar. Vanuit die gedachte zetten de broers hun site op: ze wilden de pool vergroten, niet meer, niet minder. Sober en efficiënt.

Jasper Jan: “Geen gedoe met het invullen van psychologische tests. Je betaalt als klant wanneer je zelf initiatief neemt en iemand benadert. Berichtjes worden integraal naar je mail gestuurd, je hoeft daarvoor niet in te loggen.”

“We zijn ook een van goedkoopste,” zegt Thomas, “wat trouwens niet altijd in ons voordeel werkt. Klanten vergelijken prijzen en kiezen dan toch vaak voor iets in het veilige midden.” “We hebben geen externe investeerders, er is geen noodzaak tot winstmaximalisatie, we zijn een familiebedrijfje,” zegt Jasper Jan. “Letterlijk, want eerst hielp onze zus Suzanne mee, nu zus Caroline, en verder werken we met een klein clubje getrouwen.”

Thomas: “Alles in eigen hand houden, zolang je de dingen zelf doet, kun je je blijven onderscheiden.”

“Durft u het aan?”

Thomas: “Ja, die slogan is van Jasper Jan.”

Jasper Jan: “En het beeld van de waslijn met de hemdjes is van Maaike, onze vormgeefster.”

Thomas: “Simpel maar effectief.”

‘Deze boodschap is niet bedoeld voor.. mensen waarvoor die niet bedoeld is.”


Jasper Jan: “Ik zit soms wel een half jaar op een zinnetje hoor.”

Thomas: “Hij is ook niet té grappig, die campagne. Nee, nee, dat bedoel ik positief. Anders zou die sneller gaan vervelen. Volgens mij beklijft hij zo wel. In mijn omgeving hoor ik het tenminste regelmatig: “e-Matching, dat is toch van die hemdjes en dat rare stemmetje?'”

Jasper Jan: “Ik hoor helaas ook wel dat mensen hem te simpel en te amateuristisch vinden.”

Hoe staat het eigenlijk met het daten in crisistijd?

Jasper Jan: “Aan het begin van de recessie, een jaar of drie terug, zagen we gek Genoeg een stijgende lijn. Dat was een periode dat mensen zekerheid zochten, ook in een relatie. Maar nu merken we wel dat er beknibbeld wordt op kleine bedragen – we zien een krimp van ongeveer tien procent. Er is een iets kleinere groep online die wel weer intensiever aan het daten is.”

Thomas: “Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijven mensen langer bij elkaar. Begrijpelijk, want je raakt je huis niet meer kwijt.”

Dat heeft geen paniek bij e-Matching veroorzaakt?

Thomas: “We hebben onze uitgaven behoorlijk bijgesteld.”

Minder vaak de hemdjes en het rare stemmetje?

Jasper Jan: “Nee, we blijven wel voldoende adverteren. We hebben een database van een kleine 35.000 leden, en elke dag een instroom van ongeveer tweehonderd nieuwe profielen. Dat is ook wel nodig, anders droogt het bestand op. Verder sponsoren we allerlei studentenactiviteiten: de Batavierenrace, het StuKaFest, het Amsterdam Studenten Cabaret Festival, en daar gaan we gewoon mee door.”


Wat is de omzet?

Jasper Jan: “Dat is te concurrentiegevoelig.”

In wat voor wereld zijn jullie terecht-gekomen met online dating?

Jasper Jan: “Er zijn cowboys actief. Grote partijen, vaak ook internationale, die er een zooitje van maken. Nee, geen namen, maar als je op internet zoekt, kom je ze zo tegen. Ze krijgen veel klachten over betaling, klachten van mensen die zich niet kunnen uitschrijven. Ik blijf die collega’s mailtjes sturen: sluit je aan bij een thuiswinkel-organisatie. Laat zien dat klanttevredenheid je aan het hart gaat, want dit straalt ook op ons af. Hier heeft de hele branche last van.”

Hoe kijken ze aan tegen de twee broertjes van e-Matching?

Thomas: “Ach, die jongens zijn wel gezellig bezig, denken ze, daar hebben we niet zoveel last van.”

Thomas: “We hebben lang onopgemerkt kunnen werken. Maar op een gegeven moment moesten we ons wel gaan profileren, onder andere met die spotjes op radio en tv. Bijvoorbeeld omdat Parship zich ook op de beter opgeleide singles is gaan richten.”

Jasper Jan: “Op hóger opgeleide singles.”

Die elitaire uitstraling van jullie, waar komt die vandaan?

Thomas: “Ideetje van Jasper Jan.”

Jasper Jan: “Die groep bleken we voor een groot deel al aan ons te binden. Door onze sobere, serieuze aanpak. De beter opgeleiden – hoger opgeleiden zijn we ze gaan noemen.”

Thomas: “Er kwamen steeds meer datingsites: Relatieplanet, Lexa: Datingsites met marketingbudgetten waar wij niet aan konden tippen. Dan moet je inzetten op je sterke punt.”

En mensen met een mavo-diploma eruit gooien?

Jasper Jan: “Het gaat om werk- en denk-niveau, hè. In wat voor kringen beweeg je je, dat is de filosofie erachter. Maar een correct opgesteld profiel in het Nederlands of het Engels is voor ons wel een voorwaarde. En ben je een hoogbegaafde IT’er met dyslexie, dan helpen we graag.”


Maar er is geen controle aan de poort?

Jasper Jan: “Op dit gebied niet, nee. We vragen niet om een papiertje. Wie er niet tussen past, voelt dat zelf snel genoeg.”

Op dit gebied niet… Op welk gebied dan wel?

Thomas: “We vinden het belangrijk dat mensen in ons bestand ook echt single zijn. Op zijn minst gescheiden van tafel en bed. Noem het streng, maar 35 procent van de klanten komt binnen via mond-tot-mond-reclame, dus dan is het belangrijk dat de dienst die je aanbiedt deugt.”

De operator komt aan huis?

Jasper Jan: “Als aantoonbaar is gebleken dat iemand op zoek is naar een contact voor ‘erbij’, vliegt die eruit. Sommige noemen dat puriteins. Nou ja, zo zijn we. Als je daar problemen mee hebt, ga je toch naar Relatieplanet. Die accepteren iedereen.”

Het dagelijkse handwerk doen de medewerkers van het bedrijf allemaal, de directie incluis. Mailtjes beantwoorden, adviezen geven, profielen keuren.

Thomas: “We zien alle profielen voorbijkomen.”

Dus hebben jullie ook de eerste keus? Zoals de groenteboer zelf de mooiste paprika’s eruit pikt?

Thomas: “Haha, nee hoor, ik heb mijn vriendin op Terschelling ontmoet. Op oerol.”

Jasper Jan: “Ik heb mijn vrouw tien jaar geleden op e-Matching gevonden. Maar daar ging wel een half jaar zoeken en afspraakjes maken aan vooraf.”

Is dat bovengemiddeld lang?

Jasper Jan: “Ik zeg altijd: ‘Ga ervan uit dat het drie tot zes maanden duurt voordat je een passende partner hebt gevonden. benut die periode goed. Spreek met zoveel mogelijk mensen af. Oriënteer je…”

Nog meer tips?

Jasper Jan: “Blijf niet te lang mailen met iemand. Dan creëer je verwachtingen die je misschien niet kunt waarmaken. Je vormt dan een beeld van elkaar dat waarschijnlijk niets met de werkelijkheid te maken heeft.”


Snel afspreken dus.

Jasper Jan: “En niet bij jou of bij die ander thuis, maar in een openbare ruimte. Koffie met appelgebak, zondagmiddag vier uur, da’s prima. Bevalt het, dan kun je daarna uit eten. Is het niks, dan is de zaak snel afgerekend en afgerond.”

Thomas: “Als je alle profielen langs ziet komen, dan zie je ook de valkuilen. De clichés.”

Jasper Jan: “Iedereen vindt humor bij de ander belangrijk, houdt van stedentripjes, maar ook van een avondje hangen op de bank:.”

Hoedt u voor het confectieprofiel?

Jasper Jan: “Je wilt je toch onderscheiden?”

Nemen jullie de hoger opgeleide bij de hand?

Thomas: “Als iemand dik een half jaar op onze site zit en het werkt niet, dan wel. Vaak hoor je: ‘Ik doe het op gevoel.’ Maar dat is ook precies waar het mis kan gaan.”

Jasper Jan: “We werken op e-Matching ook met een datingcoach, Irma. Haar kun je een half uur of een uur boeken voor advies. Dan kijkt ze mee naar je profiel, analyseert je contactpogingen, geeft raad… Hoe presenteer je je? Hoe benader je mensen?”

Wat is de moeilijkst bemiddelbare groep?

Jasper Jan: “Hoogopgeleide vrouwen, vooral in Amsterdam en Utrecht, en laag opgeleide mannen.”

En never the twain shall meet, in elk Geval niet bij jullie.

Jasper Jan: “Nee, dat is zo. Maar we zeggen wel: ‘Kijk eens buiten je vertrouwde kader.’ Zoek niet alleen een partner die even hoog of hoger is opgeleid. Dat is iets wat veel vrouwen doen. Ze zijn ook altijd op zoek naar een man die langer is dan zij.”

Thomas: “En je denkt misschien dat buiten Amsterdam meteen het platteland begint, maar misschien woont de ware toch in Amersfoort.”

Jasper Jan: “De match van je leven zou weleens een jaar lang op dezelfde site kunnen zitten, maar net buiten je blikveld. Je hebt hem of haar nog nooit aangeklikt.”


Zitten Wim en Claartje eindelijk op e-Matching, vinden ze elkaar nog niet.

“Nee, maar daar zit ik dus contant op te broeden. Je kunt mensen niet dwingen, maar je probeert ze wel te stimuleren: kijk eens om dat hoekje. Echt, daar doen ze zichzelf een groot plezier mee.”

Stijn Aerden