Kijkt u die vrouwelijke collega erop aan als zij een kwart van de werktijd in een hokje gaat zitten kolven?

Kijkt u die vrouwelijke collega erop aan als zij een kwart van de werktijd in een hokje gaat zitten kolven?

Ze zijn zeldzaam in Nederland: échte taboes. Maar volgens mij hebben we er nog eentje gevonden.

Taboes zijn een zeer dankbaar schrijfonderwerp. Omdat ik niet verwacht dat een man dít specifieke taboe anytime soon zal adresseren, waag ik me er hier maar aan. Met het risico, overigens, doorverwezen te worden naar het Viva-forum, want zo gaat dat nu eenmaal vaker met taboes.
Waar gaat het over?
Het zogen van pasgeboren baby’s door werkende vrouwen.
In de VS wordt het onderwerp, ook in de ‘serieuze’ media, levendig bediscussieerd. The New York Times schreef deze week dat vrouwen die flesvoeding óf korter dan zes maanden borstvoeding geven, er minder op achteruit gaan in loon dan vrouwen die langer door blijven voeden. Conclusie: moedermelk is niet zo gratis als iedereen denkt.
Bovendien worden zogende vrouwen gezien als minder competent dan, nou ja, dan zo ongeveer iedereen op deze aardbol. Niet echt een leuke kwalificatie, die het zogen van een kind toch aanzienlijk minder aantrekkelijk maakt.

Melkkoeien
Ook onze jonge moeders voelen zich melkkoeien, aldus Nederlands onderzoeksbureau Blauw Research. Men vermoedt dat dit de reden is dat veel vrouwen na een week of dertien – als ze weer beginnen met werken – stoppen met hun baby de borst geven.
Een derde van de borstgevende moeders met een baan, zo meldt het artikel, vindt het gênant om op het werk te gaan kolven. 32 procent van de kolvende moeders met een baan heeft zelfs geen goede plek op het werk om het te doen. Terwijl ze daar overigens wel gewoon recht op hebben. Net zoals ze er de eerste negen maanden recht op hebben om een kwart (!) van de werktijd aan kolven of de baby zogen, te besteden. 
Klagen zal echter als een risicovolle onderneming worden beschouwd. Bijna de helft van de vrouwen met een baan, zo onderzocht de Commissie Gelijke Behandeling begin dit jaar, heeft namelijk al een ervaring die wijst op discriminatie vanwege zwangerschap, jong moederschap of een kinderwens. 

Taboe
Daar zit ‘m de crux: in Nederland is borstvoeding wettelijk goed geregeld en is er ook een soort van algemene consensus dat het de eerste zes maanden goed is als een baby moedermelk krijgt. (Erger nog: er is zelfs een ware borstvoedingsmaffia). Tegelijkertijd ziet een groot deel van de vrouwen geen mogelijkheid om borstvoeding en werk te combineren. 
En dáár lees je nergens over. 
Cijfers van TNO over 2010 melden dat van de 75 procent van de vrouwen die begint met borstvoeden, na zes maanden tijd nog maar achttien procent over is. De afbouw gaat als volgt: na vijf maanden is het 21 procent, na vier 25 procent, na drie 29 procent, en na twee (tussen twee en drie ligt ongeveer de ‘terug naar het werk’-grens) 41 procent.

Er zit dus een groot gat tussen de wettelijke regeling en de consensus over het belang van moedermelk enerzijds, en anderzijds: het aantal Nederlandse vrouwen dat daadwerkelijk borstvoeding geeft. Mijn vraag is: betekent het gebrek aan debat hierover in Nederland dat het supergoed is geregeld, niemand een vrouwelijke collega erop aankijkt als zij een kwart van haar werktijd in een hokkie gaat zitten pompen, en alle afhakers dat om een andere reden doen dan dat ze bang zijn om als incompetent te worden beschouwd? Of schamen Nederlandse vrouwen zich er gewoon voor, vermijden ze het onderwerp, en is zogen of kolven op het werk dus gewoon taboe?


Reacties zijn gesloten.