Waar zijn die goede jonge schrijvers?

Nederland Leest heeft De donkere kamer van Damokles van Willem Frederik Hermans uitgeroepen tot het boek waar het in 2012 allemaal om draait. Het is de zevende keer dat Nederland Leest een boek centraal stelt. Het lijstje van eerdere boeken ziet er zo uit:

2006: Dubbelspel – Frank Martinus Arion
2007: De gelukkige klas – Theo Thijssen
2008: Twee vrouwen – Harry Mulisch
2009: Oeroeg – Hella Haasse
2010: De grote zaal – Jacoba van Velde
2011: Het leven is vurrukkulluk – Remco Campert

De uitverkiezing tot het centrale boek legt schrijver, erven en uitgever geen windeieren, want inmiddels bedraagt de oplage van zo’n boek bijna een miljoen. De bibliotheken gaan het gratis weggeven en ook elders wordt het voor niets uitgedeeld. En het is een bekend feit, inmiddels ook gebruikt door bladen bij abonneewerving: als je maar iets weggeeft, dan willen Nederlanders wel.

De donkere kamer van Damokles. Mij verraste de keus. Een tijdje geleden meldde Willem Otterspeer, de beoogd biograaf, dat Hermans een aanmeldingsformuliertje naar de Kultuurkamer had gestuurd. Dat betekent in het heldhaftige Nederland meestal straf, maar kennelijk kon men dit keer toch niet om Hermans heen.

Mij zul je niet horen klagen over de keus. Toen ik in het jaar 2000 voor HP/De Tijd een lijst maakte van “De honderd beste boeken uit de Nederlandse literatuur van de twintigste eeuw” plaatste ik De donkere kamer op de eerste plaats. “Een onvergankelijk meesterwerk met dubbelgangers-motief,” noteerde ik erbij.
Maar niet iedereen is even tevreden met het uitverkoren boek van 2012. NRC/Handelsblad pikte een tweet op van Jurgen Soeren, directielid bij Meulenhoff/Boekerij. “De donkere kamer van Damokles centraal bij Nederland Leest…Waarom in godsnaam? Waarom geen moderne schrijver, om jonge lezers te winnen”.
NRC/Handelsblad belde Soeren nog om commentaar, maar “Meulenhoff Boekerij laat weten dat de heer Soeren wegens een vergadering voor verder commentaar vooralsnog niet bereikbaar is”.

Zou de heer Soeren denken dat hij eigenlijk Mark Rutte is, die in het Catshuis vergadert over de toekomst van Nederland?

Twee elementen vallen op in de tweet van Soeren. Ten eerste dat hij kennelijk de mening huldigt dat Hermans geen moderne schrijver is. Vermoedelijk had hij liever een boek van de moderne Kluun, Susan Smit of van Michel Stronk (uitgeverij: Meulenhoff) gezien. Daarnaast schijnt Soeren te denken dat je door het lezen van jonge schrijvers ook jonge lezers wint, en dat je daardoor misschien ook weer aandacht genereert voor oudere en zelfs voor dode schrijvers.

Dat laatste is niet eens een vraag, maar een illusie. Voor een uitgever die het juist moet hebben van een backlist met oude en vergane auteurs, is dat bovendien een gevaarlijke, ja zelfs domme opvatting.

Er zijn twee manieren waarop een jonge generatie de plaats inneemt van een oudere generatie. De eerste is: door gewoon beter te zijn. Dan is er sprake van een geluidloze overname. De tweede is: door hard te roepen dat anderen weg moeten. Laatst las ik bij die sufferdjes van G500 dat ik weg moet als columnist bij Buitenhof. Ik was er niet weinig trots op dat ik met één enkel praatje, niet langer dan drie minuten en eens in de twee weken, een hele generatie weet tegen te houden. Superman!

Maar ik dacht wel: wie anderen weg wil hebben, moet zelf volkomen talentloos zijn.
Ik bedoel maar: zijn ze er al? De schrijvers die het beter doen dan Hermans, Reve en Mulisch?