Diagnose kanker: concentreer je op levenslust

‘Ondanks al zijn/haar wilskracht en vechtlust heeft Willem/Dorien deze ongelijke strijd niet kunnen winnen.’ Vrijwel elke dag bevatten de familieberichten zo’n zin. De lezer weet dan meteen dat Willem of Dorien aan kanker is bezweken.

In overlijdensadvertenties wordt het woord ‘kanker’ meestal vermeden of fluisterend omschreven als ‘slepende ziekte’, maar vaker wordt er slechts verwezen naar die ene te sterke tegenstander. De formulering zweemt naar protest, alsof het onrechtvaardig is dat iemand een ongeneeslijke tumor opliep. Datzelfde protest klinkt ook door in de gememoreerde wilskracht en vechtlust: Willem en Dorien deden zó hun best en toch kwam Magere Hein hen halen. Heel rationeel is dat natuurlijk niet. Voornoemde Hein houdt er nu eenmaal een arsenaal aan methodes op na; wie welk strootje trekt, is een kwestie van genetica, levensstijl of pech, niet van onrecht.

Tegen levensbedreigende carcinomen valt ook niet echt te vechten. Natuurlijk kun je paardenmiddelen zoals chemokuren, bestralingen en hormoontherapieën inzetten, maar bestempelt dat de patiënt tot manhaftig strijder? Of die middelen succes hebben, hangt af van andere factoren dan de levenshouding van de zieke. Hoe ver is de kanker al uitgezaaid? Hoe reageert het lichaam op de cocktail van chemicaliën? Zijn alle kankercellen wel te bereiken met stralen? Wordt het lichaam immuun tegen de behandeling? Zijn er complicerende bijkomende kwalen?
Viél er maar wat te willen of te winnen.

Ik denk dat de patiënt zijn levenslust niet moet verbinden aan apparaten en infusen, maar moet inzetten om moreel overeind te blijven onder zijn rotziekte. Als je niet uitkijkt, ondermijnt kanker niet alleen je lichaam, maar ook je gemoed. En dan ben je de lol in het leven al kwijt voordat het leven daadwerkelijk in gevaar komt. Een concentratie op levenslust, geloof ik, verschuift de focus van de mogelijke gevaren van morgen naar het plezier van vandaag – tussen de spuiten, stralen en pillen dóór.
Met andere woorden: ‘Ondanks een fatale ziekte heeft Willem/Dorien volop genoten van het leven.’