Karel van het Reve, het beste van de Wereldomroep

De Wereldomroep neemt donderdag na 65 jaar afscheid van zijn Nederlandse luisteraars. Een mooi moment om nog eens terug te blikken op het mooiste wat ze bij de zender in huis hadden: de gesproken columns van Karel van het Reve.

In 1979 werd de zeer vermaarde essayist Karel van het Reve (1921-1999) gevraagd of hij iedere maand  – ‘of iedere vier weken’, daar wilde hij altijd ‘van af zijn’ – een stukje proza wilde inspreken voor Radio Wereldomroep. ‘De lengte van zo’n praatje was drie, vier minuten. Ik kon praten over welk onderwerp ik maar wilde,’ schreef hij later in een terugblik. ‘Ik nam de uitnodiging aan.’

Gelukkig maar, want daardoor konden de luisteraars van de Wereldomroep tot 1991 van Van het Reve genieten. Omdat hij er ‘geen idee’ van had wie er naar hem luisterde, gingen zijn gesproken columns over ‘van alles’. ‘Ik bedacht soms zelf een luisteraar, iemand die in de duistere binnenlanden van Afrika of in het Braziliaanse regenwoud of in de steenwoesternij van Manhattan aan de radio gekluisterd zat en van mij de meest uiteenlopende dingen te horen kreeg – van de korte inhoud van een stuk van Shakespeare tot het zeehondenbestand in de Waddenzee.’

Een aantal van de Wereldomroep-columns van Van het Reve werd in 1995 gebundeld onder de titel ‘Luisteraars!’. Nog veel mooier was dat er in 2007 ook een luisterboek met opnamen van zijn columns verscheen: drie cd’s met ook dit stukje radiogeschiedenis: ‘Toerisme’, uitgezonden op 28 februari 1980.

Het waren, beste medewerkers van de Wereldomroep, mooie tijden.

 

Roelof Bouwman