Ouders, waarom laat u uw kinderen bedelen?

Zondag eindigt de mini-actie van Albert Heijn. Tijd voor bezinning, want is het wel normaal dat we onze kinderen bij wildvreemde mensen laten smeken om speeltjes?

Rijen dik stonden ze bij de schuifdeuren, de vragende kinderen. Gillend, duwend, trekkend. Er moesten dranghekken worden geplaatst. Soms glipten ze naar binnen, dan stonden ze ineens naast ons bij de kassa, een hand uitgestrekt. Of ze misschien onze mini’s mochten hebben.

De miniatuurproducten die Albert Heijn sinds 10 april bij elke vijftien euro boodschappen weggeeft, hebben een ongekende hype veroorzaakt – net als eerder de voetbalplaatjes, de smurfen en de wuppies. Chapeau voor de marketingmensen. En nee, we nemen de kinderen niets kwalijk: zij werden tenslotte slechts aangesproken op hun impulsiviteit, hun groepsdwang, hun hebberigheid en hun ongeremdheid. Enfin, de eigenschappen die kinderen nu eenmaal in sterkere mate hebben dan de meeste volwassenen.

Terwijl de kinderen achter dranghekken gilden om speeltjes, zaten hun ouders thuis of op het werk. Hebben ze geweten waar hun kinderen uithingen? Dat moet wel, want die kwamen met handenvol mini’s thuis.

‘Hoe kom je daaraan, kind?’

‘Ik heb twee uur lang bij de schuifdeur van de Albert Heijn staan bedelen, mama.’

Er zijn ongetwijfeld ouders die dat volstrekt normaal vinden. Ik vermoed dat het om ouders gaat die het niet zoveel uitmaakt wat hun kinderen buiten de deur doen, zolang ze maar heelhuids en op tijd terug zijn voor het avondeten. Misschien zijn het wel ouders die allang blij zijn dat hun kinderen niet thuis blijven om daar alle aandacht op te eisen. Wellicht zijn het ouders die het wel goed vinden dat hun kinderen op deze manier voor zichzelf op leren komen – zo kun je het duw- en trekwerk en het aanspreken van wildvreemde mensen ook noemen.

Training in zeurgedrag
Er zullen ook ouders zijn die vinden dat hun kinderen hun tijd beter kunnen besteden. Niet dat ze na schooltijd twee uur lang in de Grote Bosatlas moeten turen of dat ze anderszins binnen moeten blijven. Nee, het zou ze dringend ontraden kunnen worden om zichzelf twee uur lang te trainen in effectief zeurgedrag – precies het gedrag dat die ouders zo stoort wanneer ze zich er thuis aan bezondigen.

Nergens leren ze zo snel beleefdheidsvormen af als in het gedrang voor de deur van de Albert Heijn. Nergens leren ze sneller af om zich te beheersen, door gewoon eens te wachten tot ze de mini’s van hun eigen ouders of van de buurvrouw krijgen. Nergens leren ze sneller dat je mensen gerust met een groep kunt omsingelen wanneer je iets van ze wil hebben.

De stoep van de Albert Heijn is één groot trainingskamp voor ongewenst kindergedrag. Laten we ze er daarom weghouden. Gaan we het tijdens het komende EK eens proberen?