Dictator gaat met tegenzin naar de beurs

Het is zover: Facebook is beursgenoteerd en Mark Zuckerberg miljarden rijker. Maar eigenlijk had hij dat nooit gewild, dat naar de beurs gaan.

Het is maar acht jaar geleden dat Facebook ontsproot aan het brein van Mark Zuckerberg. Inmiddels zijn er maandelijks 845 miljoen mensen op de wereld die hun ziel en zaligheid delen met vrienden en soms ook (on)bekenden. Zuckerberg, een paar dagen geleden 28 jaar geworden, is een wereldster. Voor de roadshow, waarin Facebook zichzelf presenteert aan mogelijke investeerders, stonden potentiële beleggers eerder deze week uren in de rij. Er was enige onduidelijkheid over hoeveel de beursgang zou gaan opbrengen, maar die blijkt uiteindelijk zeer gunstig uit te pakken. Het vertrouwen in het succes van Facebook is dus groot, hoewel Zuckerberg bepaald niet zijn best heeft gedaan zich te profileren als een betrouwbare partner voor nieuwe investeerders.

Beursgang tegen wil en dank
CEO Mark Zuckerberg, die Facebook vanuit zijn studentenkamer op Harvard begon, had het bedrijf het liefst voor zichzelf gehouden, als een private company. Regelgeving van de Securities and Exchange Commission dwingt een bedrijf met meer dan vijfhonderd belanghebbenden (stakeholders) echter de financiën openbaar maken, en die grens is Facebook inmiddels gepasseerd. Uitgebreide kwartaal- en jaarverslagen moeten worden gepubliceerd, zoals elke beursgenoteerde onderneming. Nu Facebook dat ook moet, is de beursgang een logische stap: met het geld dat hij ermee ophaalt kan hij nieuwe investeringen doen, zoals het overnemen van bedrijfjes als Instagram.

Niet gericht op geld verdienen
In de prospectus die voorafgaand aan een beursintroductie wordt gemaakt, geeft een bedrijf aan waarom het naar de beurs gaat. Er wordt uitgelegd dat het bedrijf meer waard zal worden en waarom het geld dat met een beursgang wordt opgehaald daaraan bijdraagt. Natuurlijk geeft Facebook aan dat het kopen van een belang in Facebook zich zal uitbetalen (wij van WC-eend adviseren WC-eend), maar Zuckerberg geeft ook heel andere signalen af. Zo zegt hij expliciet dat Facebook nooit de intentie heeft gehad om geld te verdienen. In plaats daarvan streeft Zuckerberg een sociale missie na: een meer open en onderling verbonden samenleving. Dit is goed voor krachtige, waardevolle relaties en zorgt daarmee voor een betere wereld.

De beursgang van Facebook is er dan ook niet om geld te verdienen, maar om een afspraak na te komen: de investeerders van het eerste uur en werknemers met aandelenopties kunnen op deze manier cashen:

We’re going public for our employees and our investors. We made a commitment to them when we gave them equity that we’d work hard to make it worth a lot and make it liquid, and this IPO is fulfilling our commitment.

Niet het meest aanlokkelijke verkooppraatje voor investeerders. Ook uit Zuckerbergs verdere gedrag blijkt een afkeer van de beursgang. Zo kwam hij niet opdagen op een bijeenkomst waar potentiële investeerders overtuigd moesten en werd zelfs gespeculeerd over zijn mogelijke afwezigheid bij de roadshow. Daarbij heeft de koop van Instagram voor maar liefst één miljard dollar potentiële investeerders geen rust gegeven. Een dergelijke grote aankoop, vlak voor een beursgang en helemaal op eigen houtje door Zuckerberg gearrangeerd, daar maak je geen vrienden mee.

Dictator Zuckerberg
Het lijdt geen twijfel: voor Facebook is de beursgang een onvermijdelijkheid. Waar de gemiddelde CEO wil worden geliked door zijn aandeelhouders, geldt dit absoluut niet voor Zuckerberg. Dat hoeft ook niet per se, want hij behoudt met zo’n 57% de meerderheid van stemmen. Een kleine dictator toont Zuckerberg zich wel: hij is overtuigd van een sociale missie die de wereld beter zal maken en duldt geen inspraak. De wereld moet meer open and connected worden, maar dat geldt niet voor Facebook zelf.