De last van de nieuwe lijsttrekker

Sybrand van Haersma Buma is de nieuwe leider van het CDA. Maar waar moet het eigenlijk heen met die partij?

Buma kan meteen aan het werk, want de problemen van het CDA zijn immens. Het eerste is meteen al een hele gemene: hoe gaat hij de kritiek pareren op het volgens sommige partijgenoten ‘duivelse pact’ met de PVV, het regeerakkoord van het kabinet-Rutte/Verhagen/Wilders dat bij het uitkomen van de bevindingen van het Strategisch Beraad begin dit jaar nog zelfs ‘voluit christendemocratisch’ werd genoemd?

In het verlengde daarvan de vraag: hoe kunnen CDA-bewindslieden (Spies, Knapen, Leers) na het klappen van het Catshuisberaad zich zo vol weerzin afwenden van hun voormalige partner en allerlei beleidszaken (boerkaverbod, onderdelen van het asielbeleid, animal cops) bijna achteloos terugdraaien? Dat is haast niet te doen zonder verlies van geloofwaardigheid. De politieke tegenstanders zullen straks in de verkiezingscampagne geen kans onbenut laten om dat beeld van draaiers te bevestigen en vooral te versterken. Ab Klink heeft gelijk met zijn inschatting dat het CDA, om het even wie de kar gaat trekken, voorlopig uiterst kwetsbaar blijft als het gaat om het verleden met de PVV.

Verhagen: afgeserveerd en vergeten
En dat terwijl de Anschluss met de PVV nu juist was bedoeld om die snel en gemakkelijk ‘rijk’ geworden partij ‘kapot te regeren’, zoals dat heet: de tijd was voorbij dat Wilders vanaf de zijkant allerlei dingen mocht roepen en aldus electoraal tot grote hoogte kon uitgroeien. Regeren, concessies doen, impopulaire maatregelen nemen, dat gaat van ‘au’ en gaandeweg zou de PVV-kiezer merken dat zijn partij eigenlijk net zo gewoon was als al die andere. Wellicht kon die kiezer, voor een deel afkomstig uit het zuiden en ooit van het CDA, dan net zo goed weer terugkeren in de christendemocratische moederschoot.

De architect van deze strategie, Maxime Verhagen, heeft het geweten. Hoon viel hem ten deel op het roemruchte CDA-congres in oktober 2010 in Arnhem, en dat bleef onveranderd tot dit voorjaar. Verhagen is niet alleen uitgekotst door zijn eigen partijvoorzitter Ruth Peetoom, die hem eind vorig jaar alle illusie op het politieke leiderschap ontnam. Ook tijdens de afgelopen lijsttrekkerscampagne is de demissionaire vice-premier door de kandidaat-lijsttrekkers volkomen doodgezwegen, en feitelijk afgeserveerd en vergeten. Politiek is een hard vak. Verhagen moet een verbitterde man zijn.

Meanderende formules
Onder de grauwe sluier van de PVV smeult nog een andere veenbrand. Dat doet het eigenlijk al sinds de oprichting van het CDA in 1980. De eerste lijsttrekker van die fusiepartij van KVP, ARP en CHU, Dries van Agt, zei eens over de te volgen koers: ‘Wij buigen niet naar links en wij buigen niet naar rechts’. Zoals hij dat zei, konden zijn partijgenoten er wel om lachen. En het gebrek aan politiek profiel dat in die slogan lag besloten, werd in die tijd als weldadig ervaren, na al die voorgaande gepolariseerde jaren en vechtkabinetten met Joop den Uyl.

In de praktijk bleek het CDA te beschikken over nogal meanderende formules en opvattingen. De C van CDA stond de afgelopen ruim dertig jaar voor zo ongeveer van alles, schrijft Hans Vollaard in Ruimte op rechts? Conservatieve onderstroom in de Lage Landen: van christelijk, confessioneel, christelijksociaal, centrumrechts, communitaristisch, conservatief tot catch-all. “Het kan electoraal nut hebben,” verklaart Vollaard, “dat het CDA diverse etiketten met diverse betekenissen krijgt opgeplakt. Zo kan het immers de wervingskracht onder kiezers en coalitiepartners vergroten. Dat is altijd al de charme én de ergernis over het CDA geweest.”

Het fenomeen van die zeg maar flexibele opstelling van het CDA steekt ook nu de kop weer op. Want welke richting gaat het op onder Sybrand? Hoe haalt hij de talrijke naar PVV en VVD overgelopen kiezers terug als de weg van Verhagen, Bleker & Hillen naar een CDA waarin de C staat voor conservatief, als afgesloten moet worden beschouwd? Of gaat hij weer wat meer naar links, naar de christelijk-sociale variant die zo wordt beleden door lieden als Ab Klink, Willem Aantjes, Ad Koppejan en Kathleen Ferrier? Het is en blijft allemaal erg vaag.

Het Strategisch Beraad spreekt van een stap naar het ‘radicale midden’, wat een flauwe variant lijkt op het voornoemde adagium van Van Agt. Want hoe radicaal kun je zijn als je iedereen te vriend wil houden, als je iedereen wil ontzien?

Bij de gratie van bestuurlijke kracht
Hier raken wij de essentie van het CDA, dan wel van de christendemocratische politiek. Praat op een CDA-congres met een burgemeester uit Beneden-Leeuwen, een wethouder uit Maastricht, een Statenlid uit Brabant of een oud-minister uit Lubbers-1, en je hoort het vroeg of laat: ‘wij CDA’ers zijn niet van de politieke koersen, van de richtingen. Ons land moet zo goed en redelijk mogelijk worden bestuurd. Daar ligt onze kracht’.

Het CDA bestaat dus bij de gratie van haar bestuurlijke kracht, van macht, maar die moet ze dan wel hebben. Bij de verkiezingen van 2010 halveerde de partij in zetelaantal en leek de kans op regeringsdeelname uitgesloten. Toen zich na de mislukte troef van Paars Plus toch een openingetje in de formatie aandiende, waren ze er als de kippen bij. Het CDA loopt nooit weg voor haar verantwoordelijkheid, klonk het vroom, maar de realiteit was dat meeregeren van levensbelang was voor het CDA, desnoods in die onmogelijke gedoogconstructie.

Ingetogen campagne
Met het belaste PVV-verleden in het rugzakje waarin ook nog eens geen afgetekende politieke boodschap zit, wordt het een lastig verhaal voor de nieuwe lijsttrekker. We geven Buma in elk geval ook het dringende advies om het boek Politieke veranderingen in Nederland 1971-1998 van Kees Aarts en Jacques Thomassen links te laten liggen. Daarin wordt namelijk een voor het CDA huiveringwekkende voorspelling gedaan: in het jaar 2040 zijn er geen christendemocratische kiezers meer. Die zijn dood of voorgoed overgestapt naar andere partijen. De afkalving van het CDA-electoraat dateert van begin jaren negentig, bij de nederlaag van Elco Brinkman en de start van de paarse kabinetten (1994-2002). De kabinetten-Balkenende (2002-2010) waren niet het gevolg van een charismatische lijsttrekker met een aansprekend verhaal. Na de moord op de volksheld Pim Fortuyn bleek Balkenende voor veel kiezers de minst geprofileerde van het stel (Melkert, Dijkstal), degene met het minste bloed aan de handen. Ook dat was geheel in de stijl van het CDA.

De komende verkiezingscampagne van het CDA zal een ingetogen karakter krijgen. Buma doet er verstandig aan zo dicht mogelijk aan te schurken bij FC Kunduz en vooral veel te bidden voor een niet al te desastreuze uitslag op 12 september.