Mobieltjes-straling: moeten uw kinderen op beldieet?

Richten mobieltjes schade aan in de hersenen van onze kinderen? Door een uitzending van Zembla wordt weer eens onnodige onrust gezaaid.

‘Ziek van je mobieltje’ heet de aangekondigde uitzending van Zembla vrijdagavond. ‘Straling mobiele telefoon riskant voor kinderen’ staat er boven het persbericht. De teneur is duidelijk. Meer is er niet nodig om in vele huishoudens de alarmbellen te laten afgaan: kinderen en straling, dat zijn immers woorden die we liever niet in één zin willen horen. En zeker niet wanneer ze ook nog in verband staan met iets dat inmiddels een eerste levensbehoefte is: de mobiele telefoon. Wat is er aan de hand?

Eerst maar even wat er niet aan de hand is. Er is geen sprake van dat de wetenschap vindt dat mobiel bellende kinderen een verhoogd risico lopen op kanker. Er is een zeer beperkt aantal wetenschappers dat zich hierover serieus zorgen maakt. Een van hen is Stefaan van Gool, de Leuvense kinderoncoloog die in Zembla optreedt als expert. Hij wordt steevast door media geraadpleegd wanneer er uitroeptekens moeten worden geplaatst bij de veronderstelde gevaren van mobieltjes. Andere wetenschappers vertellen een genuanceerder verhaal, maar dat is – jammer voor hen, media-aandacht is altijd fijn – gewoon minder catchy.

Mogelijk gevaar
Het genuanceerde verhaal over wat er wel aan de hand is, luidt dat er nog lang niet voldoende bewijs is dat straling van mobieltjes werkelijk iets schadelijks teweeg brengt in ons hoofd. Wie het wetenschappers vraagt, krijgt meestal als antwoord dat het bijzonder onwaarschijnlijk is maar dat ze het ‘niet kunnen uitsluiten’. Er is een mogelijk gevaar, zegt ook de wereldgezondheidsorganisatie WHO.

Voor onderzoekers is dat volstrekt normale terminologie; ze kunnen immers ook niet uitsluiten dat de maan volgende week op de aarde valt, of dat vrouwen ooit beter kunnen inparkeren dan mannen. Voor burgers is het gewoon irritant: zij eisen duidelijkheid van de experts. Daarvoor worden ze toch betaald? En waarom zeggen wetenschappers dat er meer onderzoek nodig is wanneer er niks aan de hand zou zijn? (Nou, bijvoorbeeld omdat onderzoeken nu eenmaal is wat onderzoekers doen en omdat er door de maatschappelijke onrust geld voor vrijkomt.)

Extra verwarrend is dat er verschillende disciplines in de wetenschap zijn die zich bemoeien met de schade van straling. Je hebt oncologen en neurologen. En je hebt natuurkundigen, die alles weten van de straling zelf. Je zou zeggen: dat zijn toch echt de eerst aangewezenen bij dit onderwerp. Maar hen zul je nooit horen beweren dat mobieltjes kwaad kunnen. Elke natuurkundige weet dat de straling die mobieltjes produceren van een heel ander type is dan de straling die wel ongewenst is (zoals radioactieve straling, wat echt iets totaal onvergelijkbaars is). Mobieltjes-straling is zo zwak en energie-arm dat weefsel er niet door beschadigd kan raken. Geen enkele serieuze natuurkundige kan binnen de bestaande natuurwetten een mechanisme bedenken dat die schade mogelijk maakt – zelfs als hij dat theoretisch zou willen.

Wat er werkelijk schuil gaat achter de vrees voor straling is de bredere angst voor onzichtbare gevaren die ons welzijn bedreigen: radioactieve groente, onbekende griepvirussen, ziekenhuisbacteriën, CO2-opslag, gifwolken. Iets wat onzichtbaar is, maken we vanzelf groter dan het waarschijnlijk is. Talrijke vormen van kanker zijn prima te behandelen, maar de gedachte dat er in ons lichaam cellen kunnen voortwoekeren die zich aan onze waarneming onttrekken – om zich vervolgens ineens te manifesteren – is angstaanjagend genoeg. Dan liever een gebroken been.

Warme oren
De enige merkbare straling die er van mobieltjes uit gaat is warmte-straling. Dat weet iedereen die ellenlange gesprekken voert: het apparaat (en ook je oor) warmt op. Niet erg: je hoofd wordt nog veel heter wanneer je aan het sporten bent. Datzelfde hoofd wordt bovendien de hele dag door energiedeeltjes doorboord waar je niemand over hoort en waaraan Zembla vast nooit een uitzending zal wijden: natuurlijke straling vanuit de kosmos en vanuit de aardbodem. Veel krachtiger en ziekmakender dan wat er uit onze mobieltjes komt, en we kunnen er ook nog eens helemaal niets aan doen.

Niemand zal het ouders kwalijk nemen wanneer ze na de uitzending van Zembla het zekere voor het onzekere nemen en hun kinderen een belquotum opleggen. De vraag is of ze hiermee de meest efficiënte maatregel nemen om hun kroost te beschermen. Ouders die hun kind uit de sigarettenrook houden, gezond laten eten en regelmatig laten sporten, bereiken oneindig veel meer gezondheidswinst – en dat is tot in den treure aangetoond – dan ouders die hun kinderen op een beldieet zetten.

De vermeende gevaren van mobieltjes-straling voor de hersenen worden onnodig uitvergroot omdat het nu eenmaal om straling gaat – en dat is in onze perceptie gewoon per definitie eng. Maar vooralsnog krijgen veel meer kinderen hoofdpijn doordat ze al sms’end, pingend en whatsappend met hun hoofd tegen een lantaarnpaal lopen.