Nederlandse vrouwen hebben het maar makkelijk

Nederlandse vrouwen hebben het maar makkelijk

Nederlanders reizen veel, werken kort en fietsen het meest van alle Europeanen. Vooral vrouwen hebben relatief weinig verplichtingen. Toch zijn we het op een na rijkste land van Europa. Hoe kan dat?

In haar onderzoek A day with the Dutch beschrijft het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) hoe wij zo gemiddeld onze dag indelen. Om een beetje te kunnen vergelijken pakt zij ook de cijfers van vijftien andere Europese landen erbij. De conclusies in een notendop? Alle clichés over Nederlanders zijn waar.

Wij hebben het niet slecht. En dat zal, ondanks al het oerhollandse geklaag, voor velen niet uit de lucht komen vallen. Het klopt ook wel als je naar andere metingen kijkt: wij Nederlanders zijn niet ontevreden, of eigenlijk zelfs best gelukkig. En onze kinderen zijn volgens Unicef zelf het allergelukkigst.

Buren
De Belgen en de Duitsers hebben ongeveer hetzelfde dagpatroon als wij, waarbij verhoudingsgewijs weinig tijd aan werk wordt besteed en veel aan de zorg voor kinderen. Net als wij hebben onze buren ook veel vrije tijd en zijn ze minder dan andere Europeanen bezig met het huishouden en ‘persoonlijke zorg’, waaronder de onderzoekers de uren rekenen die we kwijt zijn aan eten, slapen, douchen, aankleden etcetera.

Gek genoeg geldt niet voor alle Europese Noord-Oost-Zuid-West buurclustertjes die wij gewend zijn te onderscheiden, dat zij hun tijd op een vergelijkbare wijze besteden. De Fransen lijken bijvoorbeeld niet op de Spanjaarden, zoals je misschien zou denken, maar erg op de Bulgaren: zij zijn veel tijd kwijt aan hun huis schoonmaken, het dagelijkse gepoedel onder de douche en andere persoonlijke zorg. Op hun beurt lijken Spanjaarden niet op Italianen, maar op Polen: nergens uitschieters bij deze landen. Hun beider dagindeling is heel netjes en gemiddeld ten opzichte van de rest van Europa. Engelsen besteden hun tijd ruwweg net als de Scandinaviërs.

Chapeau voor de Nederlandse man
Nederland mag zich een hybride systeem noemen. Wij zijn een kruising tussen het ‘man-als-broodwinner’-model en de ‘sociaal-democratische’ Scandinavische way of life, waarbij alles gelijk verdeeld is en de staat goede zorg en opvang regelt. Opmerkelijk: vooral bij onze mannen zien we deze Scandinavische mentaliteit terug. In het qua rolverdeling vrij conservatieve West-Europa lijken onze kerels het meeste op de Noren en de Zweden, die juist gekenmerkt worden door hun grote aandeel in de zorg voor kinderen en een zee aan vrije tijd.

Chapeau dus voor onze heren waar het de kinderen betreft. Maar minder lof voor hen als het op huishouden aankomt; hiervan neemt de Hollandse vrouw nog steeds twee derde voor haar rekening, wat neerkomt op drie uur en 27 minuten per dag. De man houdt het bij een magere twee uur. Nederland is wel weer het enige land waar de totale workload (het geheel aan taken waar je niet onderuit kan en die niet makkelijk te verzetten zijn, aldus het SCP) van mannen groter is dan die van de vrouwen.
Het gaat maar om een klein, maar wel uitzonderlijk, verschil; in alle andere landen is het totaal aan tijd besteed aan verplichte taken bij vrouwen namelijk gelijk aan of gróter dan bij mannen. Van ál hun Europese seksegenoten besteedt de Nederlandse vrouw gemiddeld de minste uren aan werk, huishouden en kinderzorg.

Parttime-paradijs
Overigens zijn de verschillen tussen landen op de meeste vlakken niet heel groot. Heel Europa slaapt bijvoorbeeld zo’n acht uur per nacht. En heel Europa vindt zijn persoonlijke verzorging, uitgedrukt in tijd, ongeveer even belangrijk.

Toch besteden wij gemiddeld aanzienlijk minder tijd (gemiddeld zes uur en twee minuten per dag) aan verplichte zaken als werk, studie en huishouden dan de andere Europeanen. Per dag bijna een uur minder zelfs. Dat komt voornamelijk door het voor ons karakteristieke parttime-model. Wanneer u weer eens klaagt dat u het zo druk heeft, denk dan maar eens aan die ploeterende Slovenen en Letten, die gemiddeld zo’n negen uur per dag verplicht in de weer zijn.

Hoe het trouwens komt dat we toch zo rijk zijn? Waarschijnlijk omdat we wel een enorm hoog percentage werkenden hebben (75,8 procent van de Nederlanders werkt ten opzichte van een gemiddelde 66,1 procent, aldus de OESO-cijfers van 2011). En iedereen is hier dus vrij gelukkig, wat de arbeidsproductiviteit zeer ten goede komt. De cijfers bewijzen het maar weer: minder werken is goed voor ons.


  • Maria Trepp

    Goed artikel