Minder ervaring dan het CDA kun je niet hebben

Het CDA is getransformeerd van een bestuurderspartij naar een club van onervaren jonge honden. 

Als het CDA vroeger de nieuwe kandidatenlijst voor Tweede Kamerverkiezingen presenteerde, betrof het steevast een reeks namen waaraan je precies kon zien wie er op het Binnenhof toe deden.

Lijsttrekker was meestal de minister-president, of die nu Dries van Agt (1977-1982), Ruud Lubbers (1982-1994) of Jan Peter Balkenende (2002-2010) heette. Daarna volgden altijd de namen van een heel trits ministers en staatssecretarissen, inclusief kanjers van het kaliber Piet Hein Donner, Ernst Hirsch Ballin en Wim Deetman. Zelfs als je van het CDA niets moest hebben, raakte je onwillekeurig onder de indruk: wat een bestuurlijke ervaring hadden die christendemocraten in huis!

Dinsdag presenteerde het CDA de concept-kandidatenlijst voor de Kamerverkiezingen van 12 september. Met op nummer één, zoals verwacht, Sybrand van Haersma Buma. Anders dan zijn voorgangers Van Agt, Lubbers en Balkenende was hij nimmer premier en niemand – zelfs niet bij het CDA – verwacht dat daar na de verkiezingen verandering in gaat komen.

En dan de rest van de lijst. Naar doorgewinterde bewindspersonen zult u tevergeefs zoeken en zelfs niet-doorgewinterde bewindspersonen ontbreken. Helemaal niemand op de lijst heeft namelijk kabinetservaring. De nummer twee, Mona Keijzer, is, zoals bekend, wethouder van Purmerend. De nummer drie, Sander de Rouwe, is een 31-jarige Bolswarder die onder meer fractiewoordvoerder is op het terrein van de binnenvaart. “Soms vragen mensen mij naar mijn ambitie,” meldt hij op zijn website. “Ik betrap me er dan zelf op dat ik hier geen duidelijk antwoord op heb.”

Hier past een welgemeend ‘tja’. En ook de vaststelling dat de gloriejaren van het CDA nu toch echt voorbij zijn.