Waarom we ons niet kunnen gedragen in de stiltecoupé

stiltecoupe

Oké, de vertragingen staan op één, maar lawaai in de stiltecoupé behoort ook tot de allergrootste irritaties van de treinreiziger. Kijk maar. Dat was te voorzien, want de aanpak van de NS is ook volgens de wetenschap gedoemd te mislukken.

Het lukt ons dus gewoon niet, stil zijn in de stiltecoupé. Campagne of niet, het lijkt een schier onoplosbaar probleem. Mensen die samen zijn, willen met elkaar communiceren. En als er niemand voorhanden is, dan bellen ze iemand op. Onderzoek laat zien dat mensen die (voor het experiment) stil moesten zijn, een lagere waardering geven aan de reis dan mensen die konden praten wanneer ze dat wilden. Ergo: een stiltecoupé gaat tegen al onze natuurlijke reflexen in.

Nu willen we geenszins beweren dat de schuld van de ellende niet in de allereerste plaats bij de herriemakers zelf ligt, maar toch zijn er nog wel wat andere factoren. Volgens omgevingspsycholoog Wouter Tooren speelt het ontwerp van de coupés een grote rol. Dat we met een stiltecoupé te maken hebben, staat simpelweg niet duidelijk genoeg aangegeven: het verschil met een normaal compartiment is onduidelijk. In onderzoekstaal: er zijn onvoldoende cues die ons gedrag sturen. Ook aan de buitenkant is het verschil niet evident genoeg: we houden van keuzevrijheid en ervaren dat we worden geconfronteerd met een voldongen feit wanneer we de stiltecoupé betreden terwijl we eigenlijk ergens anders willen zitten. Het kost ons vervolgens aanzienlijk meer mentale energie om ons gedrag aan te passen en ergens anders te gaan zitten dan toch maar in het stiltegebied te blijven terwijl we eigenlijk willen praten.

Leeslampjes
De oplossing? Laat de stiltecoupé meer ogen als een stiltecoupé, suggereert Tooren. Dat kan al tamelijk subtiel, door leeslampjes aan te brengen en het licht te dimmen, zoals in Amerikaanse treinen wel gebeurt. De NS heeft de bovenverdieping in haar allernieuwste treinen gereserveerd voor een rustiger ambiance, maar die scheiding zien we in het gros van de treinen nog niet. Eerder onderzoek laat zien dat zelfs het bevestigen van een foto van een bibliotheek aan de wand kan helpen. Een andere suggestie is een poging om ons gedrag te koppelen aan iets positiefs, zoals een ludieke boodschap die in Belgische treinen te zien is:Maar ja, al te uitbundige bordjes passen vast niet in de huisstijl van de NS, vermoeden we zomaar. Nee, het blijft behelpen, niet alleen bij ons maar bijvoorbeeld ook in de Quiet Cars van de Amerikaanse NS (zie hier voor een tamelijk erge uitwas). Verder dan wat obligate tips over de omgang met asocialen komen psychologen ook niet. Zolang de stiltecoupé een onduidelijk afgebakend gebied is waar vage opvattingen heersen over wat wel en niet mag (moeten we echt stil zijn of mag zachtjes praten wel?) die amper door het bevoegd gezag worden gehandhaafd, zien we in de praktijk dat mensen zelf de orde bewaren. Of heeft u een beter idee?


  • C. de Ruiter

    Onlangs heb ik een alternatieve oplossing uitgeprobeerd. Ik ben vlak voordat de trein vertrok opgestaan in de stiltecoupe en heb de passagiers kort de regels uitgelegd (zoals ze op de NS site staan). Dus voor iedereen was onmiddellijk duidelijk wat Stilte-coupe betekent, en dat men als men wil praten met elkaar ergens anders moet gaan zitten.
    Het werkte ‘als een trein’!! Sommige mensen gingen ergens anders zitten en de blijvers waren muisstil. Dit werkte duidelijk veel beter dan passagiers die al aan het praten zijn vriendelijk te verzoeken om stil te zijn. Dan krijg ik meestal een onbeschofte reactie terug, in de trant van: ‘ik mag praten waar ik wil’ of ‘ik hoef hier niet te werken, want ik ben al gepensioneerd’.
    Mijn suggestie is dus: laat de conducteur de regels die gelden in de stiltecoupe vaker omroepen. Hij/zij zou ook, als de kaartjes van de stiltecoupe passagiers gecontroleerd worden, de regels standaard kunnen mededelen. Naast alle andere suggesties, zoals duidelijker markeren, licht dimmen, etc.

  • anton

    Heel eenvoudig. Op de tussendeuren van de coupe moeten grote stickers. Zodat mensen daadwerkelijk zien dat ze een stilteruimte betreden. Die onopvallende stickers op de ramen zijn veel te onopvallend

  • Michel Lemmers

    Ik laat de vervelende passagier altijd een een aluminium huls (een gesloopte zaklantaarn) zien en vraag aan de babbelende reiziger of ze weet wat het is.
    Het antwoord is altijd ontkennend, dus meld ik dat het een geluidsdemper is.
    En dat ik niet zal schromen die op mijn Luger te schroeven en er een geluidsarme kogel mee door haar huisvrouwentronie te jagen als ze dat roodgeverfde smoeltje nog één keer waagt open te trekken.
    Werkt altijd.

  • Jansen&Jansen

    Aan de omgevingspsychologie kan ik er nog eentje toevoegen: de keuze vrijheid. In overvolle (forensen) treinen, zie je vaak dat er veel meer mensen 1e klas niet-stilte zitplaatsen opzoeken en noodgedwongen in de stilte coupe moeten plaatsnemen. Als er geen keuzevrijheid is ben je niet zo snel geneigd om de gedwongen regels van het zwijgen te volgen. Misschien, als dezelfde conducteur die je het zwijgen oplegt je 50% korting biedt omdat ze je niet kunnen vervoeren op de door jouw gewenste wijze, terwijl er wel 1e klas stilte-plek in de trein is.