Vijf tips voor het buitenspelende kind

Buiten spelen: weten kinderen nog hoe dat moet? (foto anp)

Nog een weekje en dan heeft ook het laatste deel van Nederland schoolvakantie. Maar hoe gaan we die zes weken in hemelsnaam stukslaan, nu de eurocrisis sommigen onder ons noopt thuis te blijven of het vakantiegeld slechts voor een gedeelte aan te wenden voor buitenlands vertier?

De kids zullen gamen, zoals ze altijd al doen, en kijken naar Disney XD. Maar na een paar dagen slaat onherroepelijk de verveling toe en zult u ze naar buiten sturen. Natuurlijk om te voetballen, te zwemmen of te fietsen, maar er is meer. Om te voorkomen dat uw kinderen straks vragen: ‘Hoe dat moet, pap of mam, buiten spelen?’, hierbij enige wenken van een ervaringsdeskundige:

1. Laat kinderen die niet van voetballen op het pleintje houden hun eigen kikkers en stekelbaarsjes vangen in het slootje om de hoek. Daartoe dienen zij een vangnet te maken. Het makkelijkst en goedkoopst is een oude nylonkous van moeders te gebruiken, aan de onderkant dicht te knopen en vervolgens om een ronde metalen beugel te bevestigen – die beugel kan een klerenhangertje van de stomerij zijn, want lekker buigzaam. Dat bevestigen doe je desnoods met nietjes uit de nietmachine. De beugel steek je dan aan het einde van een lange stok, een bamboestok heeft de voorkeur, want makkelijk hanteerbaar.

2. Laat ze hutten bouwen, al of niet in een boom, maar een hoekje in de tuin of op het balkon is vaak ook al goed. Karton is geschikt, maar hout is leuker en het merkwaardige is dat kinderen er altijd op een of andere manier in slagen ergens hout vandaan te halen. Nog interessanter wordt het natuurlijk wanneer de hut een geheime locatie heeft, vanaf de weg onzichtbaar is en alleen kinderen die lid zijn van De Club er in mogen.

3. Laat ze ‘wapens’ maken van pvc-buizen, voorzien van knijpers die als telescoop dienen en leer die gasten hoe ze pijltjes kunnen maken van tijdschrift-papier (niet van HP/De Tijd uiteraard). In mijn tijd had de Margriet van mijn moeder het dunste, prettigste papier.

4. Wij maakten vroeger ‘raceauto’s’ van oude kinderwagens, dat wil zeggen: wij gebruikten de voor- en achterwielen, verbonden die middels een dikke balk waarop een plankje werd getimmerd dat dienst deed als stoel. Sturen deden we met een heus stuur of met touwtjes, verbonden aan het linker- en rechter voorwiel. Ongetwijfeld zullen de wieltjes van hedendaagse buggy’s ook voldoen.

5. In de categorie wrede dan wel verboden spelletjes nog deze tips: niets leuker dan met behulp van de zon en een vergrootglas een paar mieren te offeren, zoals wij dat noemden. Kikkers opblazen gebeurde ook, maar altijd door andere kinderen met wie wij nooit omgingen. Vuurtje stoken is een bezigheid van alle tijden, maar verbrand liever geen hele bossen.

Tot slot nog een welgemeend advies: laat de kinderen vooral met rust, beste ouder. Zit er niet te dicht bovenop. Laat ze gaan, laat ze rommelen, laat ze troep maken, laat ze vuile handen en knieën krijgen. Roep ze pas binnen voor de lunch of voor het avondeten. En laat ze daarna nog even uitrazen. Wedden dat ze uiterlijk om half negen verkocht zijn en heerlijk liggen te pitten?

Een speelse vakantie toegewenst.

Heeft u nog meer suggesties, laat het ons weten!


  • Mirjam Windrich

    Kunnen de ouders intussen rustig Op Exenjacht!