Politiek
148 seconden leestijd

SGP-vonnis: daar gaat weer een stukje vrijheid

De SGP moet vrouwen toelaten op de kieslijsten, zo blijkt uit een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Voor vrijheidslievende mensen is het weer eens een zwarte dag.

“Naast een grote behoefte om vrij te zijn, met rust gelaten te worden, zijn eigen gang te gaan, anderen met rust te laten, heeft de mens ook, geloof ik, een zeer sterke neiging tot tirannie – zowel tot het uitoefenen als tot het ondergaan ervan,” schreef wijlen Karel van het Reve in 1969. Dat zijn analyse nog altijd klopt als een bus werd vrijdag weer eens bewezen door een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Het Hof verwierp een klacht van de SGP over het moeten toelaten van vrouwen op kandidatenlijsten. De SGP had die klacht vorig jaar ingediend nadat de Hoge Raad in april 2010 oordeelde dat vrouwen niet van verkiezingslijsten mogen worden uitgesloten omdat daarmee het ‘gelijkheidsbeginsel jegens de vrouw’ zou worden geschonden.

De Nijmeegse filosoof en hoogleraar Ger Groot typeerde die uitspraak in NRC Handelsblad als een “aantasting van de fundamenten van onze parlementaire democratie” en constateerde dat “de vrijheid van politieke partijen om zich naar eigen inzichten te organiseren almaar kleiner wordt”. Dat het Europees Hof zich nu achter het vonnis van de Hoge Raad heeft geschaard, maakt de zaak er alleen nog maar ernstiger op.

Want what’s next? Schendt de Nederlandse Vegetariërsbond straks het gelijkheidsbeginsel jegens niet-vegetariërs als ze weigert een slager tot voorzitter te benoemen? Gaat het COC straks gekapitteld worden als ze geen heteroseksueel in het bestuur wil? Krijgt het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap straks met de rechter te maken als ze in synagogen alleen joden wil laten voorgaan?

Bovendien: wat let mensen die het niet eens zijn met het ‘vrouwenstandpunt’ van de SGP om een staatkundig-gereformeerde partij op te richten die vrouwen wél toelaat op de kieslijst? Anders gezegd: waarom moeten in deze kwestie mensen worden gedwongen tot iets wat ze niet willen, als het ‘probleem’ ook zonder dwingelandij kan worden opgelost?

In essentie zijn de uitspraken van de Hoge Raad en het Europees Hof een uitvloeisel van een uit de jaren zestig en zeventig daterend misverstand dat – helaas – nog altijd breed leeft. Want het gelijkheidsbeginsel is niet bedoeld om het onderlinge verkeer tussen burgers mee te belasten, maar om die burgers te garanderen dat ze door de overheid gelijk worden behandeld. Alle andere interpretaties führen zum Teufel en de SGP is waarachtig niet de enige club die zich daar niet thuis zal voelen.


Roelof Bouwman

Roelof Bouwman (1965) volgde de studierichting journalistiek aan de Hogeschool Windesheim en studeerde daarna geschiedenis aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, waar hij in 2002 promoveerde. In 2004 kwam hij als redacteur in dienst bij HP/De Tijd.

Lees ook
Meer artikelen