Beatrijs Ritsema
206 seconden leestijd

Laat de homeopathie en de SGP met rust

Het is er eigenlijk te warm voor, toch buig ik me vandaag over twee elementaire vragen, namelijk ‘wat is vrijheid?’ en ‘wat is democratie?’

Twee begrippen die de moderne westerse maatschappij zowel definiëren als er de aantrekkelijkheid van uitmaken. Wees gerust, het wordt geen staatsrechtelijk betoog, ik vraag me alleen af aan de hand van twee concrete voorbeelden hoe het komt dat die mooie begrippen in de handen van sommigen verworden tot een instrument van dwang en verbodsbepalingen.

Het eerste voorbeeld is de homeopathie, specifieker: homeopathische geneesmiddelen. Hiervoor is onlangs bepaald dat de etiketten niet meer mogen vermelden waarvoor het is bedoeld. Op de flesjes of doosjes met pillen mag niet meer staan dat het werkt tegen keelpijn of zweetvoeten of verkoudheid, enzovoort.

De achtergrond van deze verbodsbepaling is dat homeopathie geen enkele relatie heeft met de reguliere (op wetenschappelijke methodes gebaseerde) geneeskunde, maar aantoonbaar tot het domein van de kwakzalverij behoort. Wie flesjes water aan de man brengt met een oneindig verdunde oplossing van het een of ander is een ordinaire oplichter. Om de argeloze consument te beschermen mogen de flesjes met water, de kalkpilletjes en de vaseline-smeerseltjes nog wel worden verkocht, maar zonder indicatie voor het ongerief dat ze geacht worden te bestrijden.

Dit vind ik echt een absurde verordening. Natuurlijk is homeopathie onzin waar een verstandig mens uit zichzelf al bij uit de buurt blijft. De theorie ervan slaat nergens op en de middelen werken niet, hooguit als placebo. Natuurlijk moet de ziekteverzekering de middelen niet vergoeden. Maar mag de goedgelovige burger nog zelf bepalen waar hij voor zijn eigen geld verlichting voor zijn specifieke kwaal meent te kunnen vinden, of wordt hij verplicht door de hoepels van de reguliere geneeskunde te springen? Sommige mensen zweren bij modderbaden als soelaas voor diverse kwaaltjes. Anderen nemen strepsils of volgen rare diëten. Niets helpt, maar de etiketten verbieden helpt ook niet. Bedenkelijker is dat een maatschappij die burgers de voet dwars zet om in niet-schadelijke onzin te geloven uiteindelijk de vrijheid van die burgers schendt.

De SGP mag er niet meer zijn
Het tweede voorbeeld is de zich voortslepende discussie over het standpunt van de SGP om vrouwen uit te sluiten van het passief kiesrecht. Dit is in strijd met artikel 7 van het VN-Vrouwenverdrag dat discriminatie van vrouwen verbiedt. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft gesteld dat de SGP in dezen een onaanvaardbaar, want niet-democratisch standpunt inneemt. De SGP wil vanuit haar christelijk gedachtegoed geen vrouwen op de eigen kieslijst. De SGP-vrouwen willen er zelf ook niet op. Als die vrouwen een actieve politieke rol willen spelen, volstaat het om van hun godsdienst af te vallen en lid te worden van een andere politieke partij.

De ideologie van vrouwen thuis en mannen die de publieke dienst uitmaken mag dan lang en breed achterhaald zijn, het gaat wel heel erg ver om een politieke partij van dergelijke signatuur uit te sluiten van deelname aan de democratie. Want met het niet beschikbaar stellen van overheidsgelden, waar elke politieke partij aanspraak op mag maken, een veto dat de SGP nu dreigt te overkomen, ontzeg je zo’n partij het bestaansrecht. Wat neerkomt op: de SGP mag er niet zijn, omdat zij niet democratisch is.

Mag de Partij voor de Dieren carnivoren verbieden op haar kieslijst? Van mij wel. Soevereiniteit in eigen kring is een mooi democratisch principe. De sterkste democratie verbiedt geen partijen met ondemocratische beginselen, omdat diversiteit van meningen belangrijker is dan iedereen in dezelfde ideologische mal te dwingen.

Lees ook
Meer artikelen