Wonen naast de Familie Decibel

Foto: ANP

Zaterdag 23 september woedt in Nederland Burendag, een zowel commercieel als ideëel initiatief van Douwe Egberts en het Oranjefonds. In meer dan zesduizend buurten ondernemen mensen dan gezamenlijke activiteiten om de onderlinge verstandhouding te onderstrepen en te bevorderen. Ik niet, want het wordt nooit meer wat met mijn directe buren.

De vorige eigenaren hadden we nog gevraagd wat voor mensen er eigenlijk naast hen woonden. Buurman is heel handig, zeiden ze diplomatiek. Dat hebben we geweten. Vanaf dat we er woonden, hoorden we buurman elk weekend bezig met zaag-, boor-, schuur- en slijpmachines, want zijn woning verkeerde in een permanente staat van verbouwing. Buurman ging zelfs nooit op vakantie, maar gebruikte zijn vrije bouwvakweken juist voor grote karweien met de nodige ladders, steigers en aanhangwagens vol puin. Het resultaat: een gemolesteerd huis met foute ramen en deuren en een keukenafzuiger die uitkomt op de gezamenlijke achterom en daar de passanten bak- en braadluchtjes door de haren blaast – de kotelettenföhn.

De geluidsoverlast en het gebrek aan privacy hebben ons talloze keren mompelvloekend uit de tuin verdreven. De ene keer dat ik eens vroeg om een beetje rekening met omwonenden te houden, werd gehonoreerd met een grote bek. Ik liet het er maar bij, wilde geen trammelant. Maar met groeten was het sindsdien gedaan.

Schreeuwers en krijsers
Met schrik zag ik buurmans pensioen naderen. Toen het zo ver was, nam het doe-het-zelven gelukkig eerder af dan toe. Er kwam echter een nieuwe vorm van herrie bij, want nu hadden de buurtjes tijd genoeg om hun kinderen en kleinkinderen te ontvangen. Zo’n drie keer in de week zit hun huis, of liever nog hun tuin, vol schreeuwers en wat de kids betreft krijsers. Een gewoon volume hebben ze niet in huis. Wij betitelen ze dan ook sardonisch als Familie Decibel. Toen we laatst hoorden dat buurman ooit vastzat wegens mishandeling van een wandelaarster, zongen we in koor: In de cel / uit de cel / de Familie Decibel!

Wat helpt is het besef dat de Decibelletjes de uitzondering vormen in een verder erg plezierige straat. De sfeer is hier joviaal, belangstellend en hulpvaardig. Met diverse straatbewoners drinken we eens in de maand een borrel in het buurtcafé. Van tijd tot tijd is er een straatspeeldag. Nogal wat buren komen op elkaars verjaardagen.

En de halve straat bekommert zich al maanden om de oudste bewoner, een 94-jarige man die zijn vrouw en kinderen heeft overleefd en ook verder vrijwel geen familie meer heeft. Zijn buren hebben hem bijgestaan toen hij zichzelf wegens een hernia niet meer kon redden. En toen het echt niet meer ging, heeft de straat een verpleeghuis voor hem geregeld. Het ziet er naar uit dat de oude man een dezer dagen zal overlijden en dat zal hij dan doen in het besef dat zijn buren tot het laatst zijn naasten waren. Op de volgende straatborrel zullen we het nog lang over hem hebben.

Prinses Maxima start een skelterrace in Leusden, tijdens de Burendag 2010. Niet in elke buurt is het even goed gesteld met ‘de buren’.

———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter.


Reacties zijn gesloten.