Economie
221 seconden leestijd

Ouderen moeten méér gaan betalen. Dat zal tijd worden.

Het aantasten van de rechtspositie van ‘ouderen’ is voor velen een open zenuw. De vraag is of dat ook zo zou moeten zijn als er in het verleden kennelijk buitengewoon domme regelingen zijn opgetuigd die niet langer op te brengen zijn.

Zoals ik het ook onbegrijpelijk vind dat bij het bedenken van de AOW – die natuurlijk een groot goed is – geen scenario’s zijn opgenomen voor de situatie die zich nu voordoet: de gemiddelde leeftijd van mensen is sinds de inwerkingtreding flink toegenomen. Onvoorstelbaar dat wetgeving zo tot stand kan komen in een land van, dat nemen we althans aan, weldenkende mensen.

Op deze link kunt u het advies lezen dat de SER uitbrengt over de AWBZ. Door omstandigheden heb ik er het afgelopen jaar veel mee te maken gehad. Iemand in mijn naaste omgeving verhuisde van zelfstandig wonen naar een verzorgingstehuis. Met de leiding van dat verzorgingstehuis voerde ik de gesprekken en regelde wat er te regelen viel. Om van de ene in de andere verbazing te vallen.

Die persoon uit mijn naaste omgeving heeft als inkomen zijn AOW. En een pensioen – of liever lijfrente – waarvan je hooguit één week goed op vakantie kunt gaan.

Meeste ouderen hebben niet of nauwelijks pensioen
We hebben het in Nederland steeds over onze pensioenen maar de meeste ouderen die nu in verzorgings- en verpleegtehuizen zitten hebben helemaal geen pensioen. Of een heel bescheiden. Zij werkten in een tijd dat een pensioen iets was dat je kreeg als je bij de overheid werkte of in een bedrijfstak die al heel vroeg door de vakbonden werd gedomineerd. Een wettelijke verplichting tot het verzorgen van een pensioen was er niet en dat is ook de achtergrond van al die oude fiscale regelingen die leidden tot fiscaal aftrekbare lijfrentes, zodat je later niet alleen op je AOW zou zijn aangewezen.

Andere tijden: in 1965 hielden bejaarden een protestvergadering in het Amsterdamse Concertgebouw, waarin ze verbetering van hun inkomsten eisten

Terug naar dit specifieke geval. AOW en een te verwaarlozen bedrag aan pensioen. Op het eerste gezicht een weinig benijdenswaardige man en zo kijkt de AWBZ er ook naar. Het bedrag dat hij nu maandelijks moet betalen voor kost, inwoning en heel veel activiteiten die er worden georganiseerd is gebaseerd op zijn inkomen en bedraagt een paar honderd euro.

Het is daarmee nog ruim onder allerlei ‘quota’s’ die voor jongeren worden gehanteerd als normpercentages voor huisvesting. Het ligt ook zeer fors onder wat hij, toen hij nog zelfstandig woonde, kwijt was aan de vaste kosten van zijn huis, energieverbruik en voeding. Hij gaat er dus flink op vooruit. U kunt het hier zelf narekenen.

Half miljoen op de bank
Dat is allemaal nog tot daar aan toe maar waar de AWBZ helemaal niet naar kijkt is dat hij gewoon vermogend is, meer dan een half miljoen op de bank terwijl hij de 90 al is gepasseerd.

Hoewel dat voor de meeste ouderen niet in die mate zal gelden is het toch wel zo dat juist zij de spaarpotjes hebben – of de opbrengsten van de verkoop van een al lang geleden afgelost huis. En dus is het bizar dat de AWBZ, zoals die nu is opgetuigd, alleen maar naar inkomen kijkt en niet naar vermogen. Want iemand die een wat beter pensioen heeft maar geen stuiver op de bank, betaalt een hogere eigen bijdrage.

 

Over Dr. Doom
Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, DSM, KPN, Shell en Unilever en is Neutraal in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn.

———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter.


Dr. Doom

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci.

Lees ook
Meer artikelen