Quota voor vrouwen zijn stigmatiserend

Angelien Kemna (L) van de Algemene Pensioen Groep is door Opzij uitgeroepen tot de invloedrijkste vrouw in Nederland. Op 10 oktober 2012 wordt een nieuwe lijst bekendgemaakt. Foto: ANP

Bedrijven hebben nu iets anders aan hun kop dan vrouwen naar de top begeleiden.
Ook voor mensen die vinden dat ­vrouwen hogerop moeten, is het crisis. Volgens een recent onderzoek van de Volkskrant stijgt het aantal vrouwen aan de top nog licht, maar in de subtop blijft het steken. De pijplijn vult niet lekker.

Sinds 1 januari van dit jaar is wettelijk vastgelegd dat organisaties moeten streven naar dertig procent vrouwen in het bestuur, maar op niet naleven ligt geen sanctie. GroenLinks pleitte in reactie op het Volkskrant-onderzoek voor een dwingender vorm van een vrouwenquotum.

Verplicht vrouwen aannemen
Dat is nogal wat: bedrijven dwingen vrouwen aan te nemen. De vraag is dus: is het nodig?
Het is hier voor een man net zo ingewikkeld om uit te leggen dat hij huisman wil zijn, als het voor een vrouw is om haar omgeving te laten geloven dat het de moeite waard is om CEO van Shell te zijn. Beide uitzonderingen op de regel hebben het dus moeilijk. Maar om te bepalen of hulp nodig is, moeten we eerst weten of er iets mis is met het systeem, of dat de huismannen en carrièrevrouwen zelf iets verkeerd doen.

Van een systeemfout kunnen we wat mij betreft alleen spreken bij een fabricated choice, zoals filosofen het noemen: als een systeem vrouwen dwingt dingen te doen die ze niet willen. Maar dat is niet zo in Nederland. Zeker, er is sprake van peer pressure en een zekere mate van culturele programmering bij de keuzes die we maken. Maar de vrijheid om van de norm af te wijken is in weinig landen zo groot als hier.

Het is hier voor een man net zo moeilijk om huisman te zijn, als het voor een vrouw is om CEO te zijn

Stigmatiserend
Daar komt bij dat quota stigmatiserend zijn. Een quotumregeling zet alle vrouwen als het ware een stempel op het voorhoofd: wij zijn slachtoffers van een slecht systeem, help ons. Maar ik wil niet als slachtoffer bestempeld worden, en ik vind ons systeem niet slecht genoeg.

“Maar mannen kiezen mannen,” roept scheidend GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent dan. Ze heeft gelijk, maar dit probleem wordt vanzelf opgelost. Bedrijven die wel vrouwen aan de top hebben, presteren namelijk beter, zo blijkt keer op keer uit onderzoek. In een concurrerende markt, waar talent steeds schaarser wordt, zijn de sukkels die mannen blijven kiezen dus ook de losers. In Amerika zijn er al beleggers die om die reden van de bedrijven waarin ze beleggen eisen dat ze vrouwen op topposities hebben.

Even terug naar het Volkskrant-onderzoek. Het aantal vrouwen aan de top stijgt. Tergend langzaam, ik geef het toe. Als werkende vrouw met een dochter vind ik dat het allemaal best sneller kan, want die peer pressure en de vooringenomenheid van de culturele meerderheid hangen me soms de keel uit. Maar voor ingrijpen zie ik te weinig aanleiding. Ik denk dat de vertraging aan de subtop geen teken is van een trendbreuk, en ik ben niet bang dat we de terugweg naar de jaren vijftig inzetten.

It’s the economy, stupid!
Eerder is hier sprake van een gevalletje ‘It’s the economy, stupid!’. Het is crisis, en organisaties komen even niet aan vrouwen toe. En dat is nog begrijpelijk ook, want dezelfde onderzoeken die aantonen dat de best presterende organisaties vrouwen aan de top hebben, laten ook zien dat de sléchtst presterende organisaties relatief veel vrouwen in leidinggevende posities hebben.

Kortom: mengen is mooi, maar moeilijk. Je moet ze wel kunnen managen, die vrouwen. En in tijden van crisis hebben bedrijven blijkbaar wel wat anders aan hun hoofd dan het zorgvuldig begeleiden van tot de top toetredende vrouwen.

Prinses Maxima is aanwezig bij de ondertekening van het Charter Talent naar de Top in 2008. Bedrijven die het Charter ondertekenen stellen doelen om het aantal vrouwen in hogere en topfuncties te vergroten

Er is overigens wel een uitzondering op die regel: bedrijven waar het echt ‘pompen of verzuipen’ is, blijken vaker dan gemiddeld een vrouw aan te stellen op een toppositie. Overigens lukt dat pompen dus niet altijd, en gaat het mis. Dit fenomeen wordt ook wel the glass cliff genoemd.

Het is niet anders: we zullen moeten wachten op betere tijden. Maar zolang we met z’n allen niet bereid zijn een quotum voor huismannen in te stellen, kunnen we beter het vrouwen-quotum ook achterwege laten.

Deze column verscheen eerder in het septembernummer van HP/De Tijd.


Reacties zijn gesloten.