De mythe van uw koopkracht

Koopkracht, heeft u dat zelf in de hand? Foto: ANP

Gisteren was er euforie alom, er is een deelakkoord gesloten door gelegenheidsvrienden Mark Rutte en Diederik Samsom. De langstudeerboete gaat eraan. De forensentaks ook. Er wordt alvast wat gesleuteld aan de pensioengerechtigde leeftijd.

Dat geld moet natuurlijk ergens vandaan komen en is ook gevonden: de assurantiebelasting gaat omhoog van 9,7 procent naar 21 procent. U wist natuurlijk niet eens dat u assurantiebelasting betaalde, nu weet u het wel.

Voor deze gelegenheid leen ik wat tekst van de site van het Centraal Plan Bureau, het gaat om de ontwikkeling van koopkracht.

De ontwikkeling van de koopkracht wordt met name bepaald door het verschil tussen de loonstijging en de inflatie (hoeveel heb ik dit jaar meer te besteden dan vorig jaar?), maar daarnaast speelt ook het beleid een belangrijke rol. De koopkracht is sterk afhankelijk van zowel de sociale zekerheid als de diverse belastingen en toeslagen.

Belangrijke begrippen zijn loonontwikkelingen, inflatie, belastingen en toeslagen.

Geen loonstijging, wel inflatie
De inflatie in Nederland is nu al geruime tijd hoger dan twee procent. De loonontwikkeling ligt al dit hele jaar ruim onder de twee procent. Loonontwikkelingen ijlen vaak na: ze vloeien voort uit CAO’s die meestal jaren eerder voor een periode van meerdere jaren zijn afgesproken. Houdt u er maar rekening mee dat aflopende CAO’s niet vervangen gaan worden door CAO’s waaruit een flinke loonsverhoging voortvloeit.

De FNV maakte al bekend dat ze inzet op een looneis van 2,5 procent voor 2013. Daarbij merk ik twee dingen op. De FNV is al lang niet meer zo’n relevante onderhandelingspartner, in de praktijk wordt ze vaak links of rechts gepasseerd door andere, kleinere bonden met lagere eisen. Maar zo’n CAO is net zo goed algemeen verbindend. En een eis van de FNV wordt natuurlijk nooit ingewilligd, de werkgevers zijn voor de nullijn dus zelfs in een evenwichtig onderhandelingsklimaat – dat er gezien de economische omstandigheden niet zal zijn – komt de waarheid in het midden en krijgt u er misschien gemiddeld 1,25 procent bij terwijl de inflatie eerder het dubbele bedraagt.

Uw koopkracht gaat alleen al om die reden volgend jaar achteruit. Maar er is een veel sluipender proces aan de gang waardoor de belofte van koopkracht – daar kleeft toch een soort van zelfbeschikkingsrecht aan – steeds meer een mythe wordt.

U heeft maar weinig invloed op uw koopkracht
Het deelakkoord van gisteren is daar een illustratie van. Het kost een ‘gemiddelde verzekerde’ zo’n 100 euro per jaar. Het ontbreekt me nog aan voldoende details maar ‘gemiddelde verzekerden’, daar zijn er allicht wel twee van in een gezin. 200 euro dus.

Intussen betaalt u uiteraard gas en licht waarvan de kosten gemiddeld al jaren meer dan het inflatiepercentage stijgen. U betaalt lokale lasten waarvoor hetzelfde geldt. Uw ziektekostenpremie, welke invloed heeft u daar zelf op?

Wat ik maar wil zeggen is dat van dat geld dat uw koopkracht vertegenwoordigt en waarvan u de illusie heeft dat u er zelf overgaat, u maar zeer ten dele en in steeds beperkte mate de bepaler van het uitgavenpatroon bent. Steeds meer is op voorhand al uitgegeven. Niet meedoen is geen optie.

 

Over Dr. Doom
Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, DSM, KPN, Shell en Unilever en is (even) Long in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn.

———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter.


Reacties zijn gesloten.