De geniepige methoden van een kind

baby(ANP)

Als jij, lezer, midden in de nacht in mijn huiskamer zou gaan liggen, steeds harder schreeuwend om eten terwijl ik toch duidelijk bezig ben het klaar te maken, wat zou ik dan doen?

Mild geweld is een optie, de politie bellen ook. Op z’n minst een paar geïrriteerde opmerkingen. Als je me wakker zou houden met poepgeluiden, enthousiast drukkend in een bed aan mijn voeteneind, of je zou op een verhoginkje voor mijn neus gaan liggen en met gestrekte benen omhoog pissen terwijl je net een nieuwe trui aanhad, wat zou ik dan doen? Ik zou je niet oppakken, naar je glimlachen en kusjes op je voorhoofd drukken.

Baby’s hebben het slim voor elkaar. We doen de meest altruïstische dingen voor ze, bedwelmd door hun grote oogjes en lieve geluidjes. Als baby’s niet zo aandoenlijk waren, hadden ze geen schijn van kans te overleven. Dan hadden we na een paar uur huilen onze biezen gepakt, want zelf schiet je er strikt genomen niks mee op, met de zorg voor een baby. Maar de natuur is slim en bewaart onze diepste emoties voor het wezentje waar we ons het meest voor op moeten offeren. We accepteren het huilen, het poepen, het feit dat het met ons lichamelijk, financieel en sociaal een stuk slechter gaat door de zorg voor de baby. We accepteren het en vinden het zelfs leuk en aangenaam.

Pluizig en rond vinden we altijd schattig

Knuffelbeesten
Zuigelingen zijn extra schattig uit lijfbehoud, daar zijn bekende studies naar gedaan. Hoe weerlozer het wezen, hoe belangrijker het is dat zijn liefheid hem beschermd tegen vijanden, honger en ruzie. Wat we volgens de wetenschap schattig vinden zijn grote ogen, een rond gezicht, rimpelige huid, een kleine, platte neus, grote oren, slappe ledematen, pluizigheid en een rond lichaam. Vandaar dat knuffelbeesten voldoen aan al die eisen. Het doet iets met ons, roept de neiging op te beschermen, te zorgen. (Kun je deze site bekijken zonder vertedering, hoe minimaal en diep weggestopt ook?) Volgens professor Dutton, schrijver van een boek over Darwin en schoonheid (hier te zien in een leuk filmpje over dat onderwerp bij TED) straalt de schattigheid van een baby maar één ding uit: “Niet moeilijk doen, hou gewoon van me.”

Enorme aardbeving
Misschien zijn anderen er hun leven lang al mee bezig, mij valt nu ik een baby heb pas op hoe wonderbaarlijk het is dat we als soort overleven. In een hardere wereld zouden we als meest ontwikkelde diersoort opeens verdomd weinig kans maken. Stel, je hebt een olifant, een kat, een aapje en een mens, allemaal een week geleden bevallen van een nakomeling. Dan heb je een enorme aardbeving, die overgaat in een bosbrand waarbij ook nog vampierachtige dinosauriërs vrijkomen. Stel, zei ik.

Een aap zou het eerder overleven dan wij

De pasgeboren olifant loopt al een week, vanaf dag één, dus die vlucht soepeltjes. De kat is de eerste tien dagen na de geboorte blind en doof en daarmee een makkelijke prooi voor zowel de bevende aarde, de brand áls de vampierachtige dinosauriërs. Gelukkig kan een moederkat minstens één kitten in haar mond meedragen en heeft ze vier pootjes over om zelf te vluchten. Hetzelfde geldt voor de aap. Baby-aapjes van bijna alle soorten, kunnen zich vanaf de eerste week zo vasthouden aan hun moeder, dat die haar handen en voeten vrij heeft. Wij niet.

De mens zou moeten vluchten met de baby op de arm, een onbeschermde houding voor het kind en een verzwakking van de moeder of vader. In een rampsituatie waarin we al onze techniek en gebruiksvoorwerpen verliezen, zouden we als eerste ten prooi vallen aan de vampierachtige dinosauriërs of structureel ons nageslacht achter moeten laten waardoor we na één generatie al uitgestorven zouden zijn.

Ik zou deze fascinerende theorie graag uitgebreid verder bespreken, maar mijn baby huilt. En dus laat ik alles vallen.

 


Reacties zijn gesloten.