Als je niet blij bent met je baby

'En dan heb ik nog niet eens een huilbaby'. Foto: ANP

Dat het leven na de geboorte van een kind één grote vreugdesprong is, is gelogen. Niet zelden is het zelfs doffe ellende. Je slaapt niet, je maakt je alleen maar druk en je nieuwe rol is ronduit overweldigend. Gemiddeld duurt het zelfs vier maanden en 23 dagen voordat je aan het moederschap gewend bent, blijkt uit Amerikaans onderzoek.

Even dacht ik dat er wat mis was met ons toen mijn vriend en ik twee weken na de geboorte van onze zoon om vijf uur ‘s nachts in bed tegen elkaar fluisterden dat we hem misschien niet eens zouden missen als hij opeens weer weg zou zijn. Als we een paar uur later wakker zouden worden en zijn kamertje gewoon weer gevuld zou zijn met de oude linnenkast, het grijze bureau en de rijen studieboeken. Als de kat opeens weer de enige was die onze zorg nodig had en we verder nergens rekening mee hoefden te houden. Als we gewoon de hele nacht konden slapen. Als we, kortom, niet de keuze voor het ouderschap hadden gemaakt. Niet omdat we onze baby niet leuk vonden -zoals mijn collegablogster al schreef: hij is erg schattig- maar gewoon omdat het leven met baby zo godsgruwelijk anders is dan zónder.

Roze wolk
Wij hebben die gedachtes al. Wij die gezegend zijn met een tevreden baby die alleen huilt als er wat aan de hand is, en dan nooit langer dan een paar minuten. Wij de ouders van een baby die al zes uur achter elkaar slaapt. Wij die bovendien de zorgtaken kunnen delen. Ik kan me niet voorstellen wat er af en toe door het hoofd van een alleenstaande ouder met een huilbaby moet spoken.

Ik voelde me er schuldig over. Hoe kun je nou twijfelen aan je eigen kind? Zijn we nu slechte ouders? Maar het is gewoon een kwestie van aanpassen. En het ouderschap went heel snel, zo blijkt. Inmiddels, zes weken later, fluisteren we elkaar om vijf uur ‘s nachts een bezorgd ‘er zal toch niks aan de hand zijn?’ toe omdat er uit hetzelfde kamertje nog geen verzoek om nachtelijke voeding is gekomen. En inmiddels vind ik het normaal om naar mezelf te verwijzen als ‘mamma’. De zorg die eerst als een zware last op ons drukte is verworden tot routine. Leuke routine zelfs, want tegenwoordig rennen we om het hardst naar de babykamer als er getroost moet worden.

Fijn hoor, deze glimp van de alom geroemde roze wolk, maar daarmee dient zich gelijk het volgende probleem aan. Binnenkort zullen we die zorg namelijk moeten gaan delen met anderen. En dat zie ik nu dan weer helemaal niet zitten.

————————
Volg HP/De Tijd ook op Twitter!


  • Len

    Komt wel goed, hoor. Mijn vrouw sliep ‘s nachts door en ik was de pineut. Lever je als man toch je bijdrage. Is helemaal goed gekomen kan ik dertig jaar na dato zeggen.

  • Sanne

    Herkenbaar! Gelukkig willen we haar nu niet meer missen. Elke maand een nachtje bij oma logeren helpt ook trouwens :)

  • Maria

    Ach ja, met zulke gedachten speel je wellicht, maar denk dat je dat diep in je hart echt niet meent. Niemand wil zijn/haar kind verliezen.