Aan gort gereden door een 54-jarige vrouw?

Ik kwam er dit weekend achter dat ik zondag tegen Jeannie Longo moet fietsen. En nu ben ik dus als de dood dat ze me eruit fietst. Ik bedoel: eruit gereden worden door een vrouw die met haar bijna 54 jaar eigenlijk haar kleinkinderen zou moeten leren fietsen, dat wil toch geen enkele wielrenster?

Aan de andere kant: mevrouw Longo heeft wel een trainingsvoorsprong van een dikke dertig jaar. In 1979 werd ze al Frans kampioene; toen was ik nog maar net de baarmoeder uit. En dan noem ik mezelf wel eens grappend ‘hoogbejaarde wielrenster’, met mijn 33 lentes. Vier jaar geleden werd ze – op haar 49ste! – nog vierde tijdens de Olympische tijdrit in Peking, een resultaat waar ik alleen maar van kan dromen. Dikke kans dus dat ze me finaal aan gort rijdt, zondag.

Dopinggeur
Eigenlijk had ik niet verwacht dat ik ooit in mijn carrière tegen Longo zou fietsen. Het leek erop dat ze nu toch echt de fiets aan de wilgen had gehangen. En eerlijk is eerlijk: velen van ons hadden dat ook liever gezien. Want het geurtje om haar heen is te sterk. De dopinggeur. Longo is een van de weinige wielrensters die het vrouwenwielrennen een slechte naam geeft op dat gebied.

Vorig jaar raakte ze in opspraak omdat ze haar whereabouts niet goed zou hebben bijgehouden. En begin dit jaar werd bekend dat haar man en trainer jarenlang EPO kocht, via internet. Voor eigen gebruik, zei hij. Zijn vrouw wist er niks van. Er is niets bewezen, maar Longo miste door alle consternatie vorig jaar al de wereldkampioenschappen in Kopenhagen, kwalificeerde zich niet voor de Spelen in Londen en deed ook niet mee aan de wereldkampioenschappen in Valkenburg. Maar nu is ze dus terug. En ze zal behoorlijk gebrand zijn op een topklassering, zondag tijdens de Chrono des Nations, vermoed ik zo.

Geen reclame voor het vrouwenwielrennen
Tja, een vrouw van bijna 54. Ook die leeftijd is geen reclame voor het vrouwenwielrennen. Want wat kan het niveau zijn als een oma nog op het allerhoogste niveau meedoet? Ik ben wel de laatste om daar iets van te vinden. Ik ben immers degene die op haar 30ste dacht: goh, laat ik eens kijken of ik nog wielrenner kan worden. En dat lukte. Vanwege mij zou je dus precies dezelfde vraag kunnen stellen. Als iemand op 30-jarige leeftijd plotseling in het internationale peloton meefietst, wat stelt dat dan voor?

Longo krijgt in 2011 de ‘médaille de Commandeur de la Légion d’honneur’ uitgereikt door Nicolas Sarkozy

Daar heb ik veel over nagedacht en het antwoord is volgens mij: echt niet elke enthousiasteling van 30 kan dit, wat ik doe. Toevallig beschik ik over de juiste combinatie van aanleg en wilskracht. Daarmee kom je een eind. Want hoewel de top in het vrouwenwielrennen heel goed is, is ‘ie smal. Ik doe leuk mee in het internationale peloton, maar in de subtop. De kans dat ik ooit bij de echte top ga horen, is miniem.

Freaks of nature
En net zoals niet elke 30-jarige enthousiasteling doet wat ik doe, doet niet elke vrouw van 54 wat Jeannie Longo doet. Ik denk dus dat het meer iets over ons zegt dan over het vrouwenwielrennen. Wij zijn de uitzonderingen. Freaks of nature, zo u wilt. In het geval van Longo kan ik daar alleen maar respect voor hebben. En bewondering, dat ze dit op haar 54ste nog wil en kan. Of misschien ook wel medelijden, want zou ze eigenlijk weten hoe ze op een andere manier moet leven?

Fascinerend. Hopelijk start Longo achter me. Dan zal ik rijden zoals ik nog nooit heb gereden, met haar hete adem in m’n nek. Alsof de duivel me op de hielen zit. Want hoeveel trainingsvoorsprong ze ook heeft en hoe goed ze ook nog is, ik wil gewoon niet dat ze me inhaalt.