Die bezuinigingsobsessie doet ons de das om

In 2009 bestond het idee dat fiscale maatregelen de economische crisis zouden kunnen verlichten. Toen werd er al veelvuldig gewaarschuwd voor herhaling van de beruchte fout uit 1937: toen president Franklin D. Roosevelt zich liet overhalen om van het wegwerken van het begrotingstekort (door middel van bezuinigingen) een prioriteit te maken, terwijl de economie nog zwak was. Het resultaat: het herstel stopte en de VS kreeg het tweede deel van de depressie over zich heen.

Vervolgens maakte de beleidsmakers in 2009 natuurlijk weer precies dezelfde fout als in 1937.

De “World Economic Outlook” van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) documenteert handenwringend wat de consequenties zijn van deze rampzalige herhaling van de geschiedenis. Respect voor het Fonds omdat ze toch maar de moed hebben om dit hardop te zeggen: het betekent dat ze tegen de schenen van machtige mannen moeten schoppen en bovendien toegeven dat hun eigen analyse niet deugde.

Ik vind dat één punt ondergesneeuwd raakt in de discussie over hun zorgen over de strenge bezuinigingen. Het lijkt in de algemene discussie wel vooral te gaan over het verlichten van de eisen aan de landen met een schuld – en dat is zeker een belangrijke zaak voor de eurolanden. Maar de situatie a la 1937 die we nu in de hele wereld beleven, gaat niet alleen om bezuinigingen in landen als Spanje en Griekenland. Het gaat ook – vooral – om de bezuinigingen die de landen die nog wel heel goedkoop kunnen lenen, zichzelf opleggen.

Kijk eens naar onderstaande grafiek; daar staan de IMF’s bijgewerkte begrotingstekorten, als percentage van het mogelijke Bruto Nationaal Product. Deze getallen hoef je niet als heilig te beschouwen. In het geval van Groot-Brittannië zou je zeker kunnen zeggen dat het IMF de mogelijke output onderschat en daarmee het tekort overschat; voor de V.S. geldt dit, denk ik, in mindere mate, ook.

Maar het belangrijkste probleem is dat zelfs landen die tegen lage rente kunnen lenen en niet onder druk staan van de markt of krachten van buiten, toch bezig zijn met scherpe bezuinigingsmaatregelen op het fiscale vlak. En dit in een atmosfeer waarin de privésector zich nog aan het herstellen is van de schulden die ze in (te) grote mate gemaakt hebben in de afgelopen tien jaar. Nu zitten we dus met een situatie waarbij zowel de private als de publieke sector hun uitgaven willen terugbrengen in relatie tot hun inkomen.

Niet bepaald verrassend: dat trekt de economie niet.

Het meest verbazingwekkend aan de situatie is dat deze rampzalige fout voor het grootste deel niet veroorzaakt wordt door mensen die een eigen agenda hebben of niet bereid zijn om moeilijke keuzes te maken. Het tegendeel is waar: er zitten Heel Serieuze Mensen achter die zichzelf op de borst slaan omdat ze bereid zijn lastige keuzes te maken (die natuurlijk voor andere mensen de ellende opleveren).

Ik durf zelfs te zeggen dat ze graag die moeilijke keuzes maken – of tenminste de schijn willen wekken dat te doen. Het is de reden waarom die Heel Serieuze Mensen er voor kiezen om de uitgebreide en, naar we nu weten, compleet terechte waarschuwingen van economen te negeren; zij geven liever toe aan hun bezuinigingsobsessie, wat er ook gebeurt.

Izabella Kaminska van het Financial Times Alphaville blog, schreef onlangs dat ik deze feiten wel ‘heel zelfgenoegzaam’ vaststelde. Ja sorry, ik ben ook maar een mens. Het is afschuwelijk om te zien dat wat ik vreesde, nu echt gebeurt.