To-do lijstjes, altijd en overal

Vanmorgen lag er een lijstje op tafel: 

“Speelu
Keek
Buitu
Opruimu”

‘Keek’ stond als enige in schrijfletters, want de k en de ee hadden ze net gehad op school. Het lijstje had mijn zoontje klaargelegd. Hij bedoelde natuurlijk ‘cake’ of ‘cake bakken’. Maar dat je ‘cake’ schrijft als ‘cake’ en niet als ‘keek’ is ook onlogisch.
(Sowieso begrijp je pas hoe ingewikkeld taal is als je het probeert uit te leggen aan een klein kind. Bijvoorbeeld: waarom spreek je een ‘è’ vaak uit als een ‘u’ maar schrijf je ‘e’?)

Mijn zoontje had het lijstje gemaakt omdat hij dit graag wilde doen vandaag. Met ‘spelen’ en ‘buiten’ zou het wel goed komen. De kans dat we echt een cake zouden gaan bakken, heeft hij natuurlijk aanzienlijk vergroot door ‘opruimen’ erbij te schrijven. Niet dat hij ooit iets uit zichzelf opruimt, of dat waarschijnlijk vandaag serieus van plan is, maar hij weet blijkbaar dat ik altijd graag wil dat hij dat doet.

Het lijstjes maken heeft hij van mij afgekeken. Er liggen hier altijd lijstjes op tafel. Volgens een artikel in de Harvard business review werken lijstjes helemaal niet zo goed. Want meestal zijn ze te lang: onze hersenen raken blijkbaar in stress als we meer dan zeven taken moeten uitvoeren. Dan doen we maar niks. Op een lijstje schrijven we daarbij nooit hoeveel tijd ieder taakje in beslag zal nemen, en bovendien gebeurt er niets als je de taakjes niét uitvoert. Een effectievere methode, volgens dit verhaal, is de taken per dag in je agenda bijschrijven.

Toch maak ik lijstjes. Ze zijn bij mij nooit zo lang. Ze beginnen altijd met iets waar ik geen zin in heb en bijna altijd is dat dus iets administratiefs, bijvoorbeeld zo:
“Boekhouder mailen
Factuur H & G
DUO formulier terugsturen
Vriendin C. bellen”

Soms staat er iets leuks op, zoals ‘kapper’. Overigens is ‘vriendin C. bellen’ ook leuk, maar ik ben nu eenmaal niet zo goed in bellen. Soms staat er ‘papa bellen’ als ik hem te lang niet heb gesproken. Soms staat er iets heel vervelends op, zoals ‘uren specificatie voor belasting’. De lijstjes bestaan meestal, net als die van mijn zoontje, uit vier of vijf onderdelen. Zeven lijkt me te veel: het leukste aan lijstjes is namelijk om alles te kunnen afstrepen. Soms lukt dat. (Die ene, ‘uren specificatie voor belasting’, heb ik tot nu toe helaas nog niet afgestreept. Die schrijf ik gewoon over op het volgende lijstje.)

De lijstjes maak ik net als de meeste mensen gewoon op papier. Het liefst op een oud papiertje: de achterkant van een gebruikte enveloppe, een uitgeprint artikel dat in de papierbak kan. Of de zijkant van een kindertekening. Hoe ouder en rommeliger het lijstje er uit ziet, hoe beter. Het is hier noodzakelijk om het slordig op te schrijven. Als ik de punten heb afgestreept (of naar het volgende lijstje heb verplaatst) kan het lijstje de prullenbak in. Dat is een opluchting. Dat is het weer opgeruimd, op tafel en in mijn hoofd.

Het is slechts een kwestie van tijd tot het volgende lijstje er is.

Nu gaan we ‘keek’ bakken. Het zou maar op een teleurstelling uitlopen als mijn zoontje het eerste lijstje dat hij in zijn leven heeft gemaakt, niet volledig kan afstrepen.