De Utrechtse serieverkrachter en ik

Het onderzoek naar de man die mij en duizenden andere meisje de stuipen op het lijf joeg, krijgt een nieuwe impuls. Ze gaan op zoek naar het DNA van zijn familie.

Het was misschien wel de neef van S. want die had porno op zijn kamer, dat had haar moeder verteld. Of het was die jongen waar de zus van G. mee had gezoend, die woonde in de Bilt en had een buikje. Bovendien fietste hij heel vaak naar Utrecht. En zag je die man bij het stoplicht vanmorgen aan het begin van de Biltse Rading? Die keek echt raar, en hij reed op een mountainbike, dus.

Vijftien waren we en later zestien. We woonden in Utrecht en zaten op school in Bilthoven. Dat betekende dat we elke dag tien kilometer heen en tien kilometer terug moesten fietsen, soms alleen, soms met klasgenootjes. Over de Biltse Rading, een lange weg met auto’s aan de ene kant en weilanden aan de andere. Dan een rustig fietspad naar de Bilt en daarna nog eentje, weer langs een weiland. Jarenlang was het grootste gevaar dat het zou gaan regenen. Of dat die hele leuke jongen uit de parallelklas voorbij zou fietsen zonder hoi te zeggen.

Totdat in 1995 de verkrachtingen kwamen. Zeven in twee jaar, en minstens zoveel pogingen, voornamelijk in het gebied tussen Utrecht en De Bilt. Niemand die ik kende is slachtoffer geworden, niemand heeft hem ooit gezien. Maar we waren vijftien en zestien en dit was het eerste wereldse gevaar waar we mee werden geconfronteerd. We deelden elk gerucht dat we hoorden. Dat hij je van achteren inhaalde op zijn mountainbike en je dan van je fiets sleurde, dat hij tape gebruikte en een stanleymes, dat hij vadsig zou zijn, dat de studentes van de Uithof massaal op zelfverdedigingscursus gingen. Twee jaar lang bewogen de struiken, ritselde het in de bossen naast de weilanden, keek je nog maar een keertje om of je echt wel alleen fietste op dat lange stuk naar de stad toe.

Donker
De hele streek was er in die tijd druk mee. Onze ouders en leraren belegden bijeenkomsten, zorgden ervoor dat we nooit alleen naar huis reden, zeker niet in het donker. En donker was het al snel, een achtste uur in december, een eerste uur trouwens ook. Schoolfeesten en verjaardagen werden ingewikkelder, want ‘s avonds leek zelfs een groepje geen veiligheid te bieden. Jongens, welke jongens dan ook, kregen een extra nut als chaperonne want op een of andere manier vond iedereen dat zelfs een groep van vijf meiden veiliger werd met één jongen erbij. De politie werkte hard, melde het Utrechts Nieuwsblad. Ze onderzochten duizenden tips, lichtten duizend zedendelinquenten door en kamden de bossen en paden van de provincie uit. Zonder resultaat.

Toen het lente werd in 1996 was het al een paar weken stil. En toen de zomer aanbrak, schudden we de angst voor de lange fietspaden langs het weiland een beetje van ons af, al werd de fietstocht nooit meer helemaal onbevangen. We deden eindexamen, trokken weg, fietsten zonder angst ’s nachts door nieuwe steden. En toen in 2001, toen sloeg hij opeens opnieuw toe, dit keer per scooter. Eerst met een beroving en toen wederom met een verkrachting. Een zestienjarig meisje in Bilthoven, in de straat achter mijn oude school.

Jack the ripper
Dat de Utrechtse serieverkrachter zo’n blijvende indruk heeft gemaakt, realiseerde ik me toen ik deze week hoorde dat het openbaar Ministerie DNA-verwantschapsonderzoek gaat doen; ze gaan zijn DNA vergelijken met het DNA van de 150.000 mensen in de landelijke databank. Dat hij nooit is gepakt, is verschrikkelijk voor de slachtoffers en betekent bovendien dat dat kan, niet gepakt worden nadat je zeven vrouwen verkracht. Als een moderne Jack the Ripper, iemand waar met een zweem van mysterie theorieën over blijven bestaan.

Als dit verwantschapsonderzoek niks wordt, hoop ik op grootschaliger onderzoek. Tenminste, de helft van mij hoopt daarop. Wanneer in Utrecht, De Bilt en Zeist duizenden mannen wordt gevraagd hun DNA in te leveren, zou dat een behoorlijke schending zijn van hun privacy. Probeer maar eens te weigeren, dan ben je direct verdacht. Aan de andere kant was de onzichtbare aanwezigheid van de serieverkrachter jarenlang een inbreuk op de bewegingsvrijheid van tienduizenden meisjes en vrouwen, dan is een beetje slijm afstaan aan de politie niet zo’n opgave.

Maar zou het beste zijn als ze hem tijdens het komende onderzoek pakken. Dat zijn oom in de database zit en het spoor leidt naar zijn neefje in De Bilt. Een man met een licht Utrechts accent en een buikje dat inmiddels vast een pens is geworden. Met een scooter voor de deur en een roestige mountainbike in de schuur. Met een stanleymes in de keukenla, en boven op zolder aan de muur achter een paar lege kratten bier, honderden uitgeknipte artikelen over de angst en ellende die hij heeft gezaaid.