Brengt u uw kind naar de crèche van Robert M.?

Ik wist het niet en ik vond het een leuke crèche. Het is kleinschalig, de medewerkers zijn aardig, ze zitten vlakbij en ze hebben plek. Inmiddels weet ik het wel. En nu twijfel ik.

Het was de buurman die me erop attendeerde. “Kinderopvang G.? Dat is toch die ene waar Robert M. gewerkt heeft?” Hij meldde het en passant in de gang. Ik schrok, checkte het, en inderdaad: hij heeft vier maanden op die locatie gezeten. Wat er zich precies heeft afgespeeld weet ik niet, en inmiddels is de locatie overgenomen door een andere organisatie. Misschien is het gewoon het idee dat zich daar nare dingen afgespeeld kunnen hebben, of dat zijn geest daar rondwaart. Ik ben er in ieder geval door gaan twijfelen.

De opvangman
Zo twijfelde ik ook al aan een andere opvang. Een grote professionele instantie met vier verschillende groepen, waar kinderen met leeftijdsgenootjes in een groep zitten en leren aan de hand van Puk; een steeds meegroeiend lesmethode-clowntje. De rondleiding was interessant en de medewerksters leken begaan, maar… er werkt een man. Nu heb ik niks tegen mannen. Integendeel, het lijkt me juist goed dat meer mannen met kinderen werken. Vooral in het onderwijs. Maar ik denk toch: welke man wil nou op een crèche werken? Neem ik daar geen risico’s mee?

Ik vind mezelf ontzettend stom en bevooroordeeld. Waarom zou een man het niet leuk kunnen vinden om met kleine kinderen te werken? Bovendien is het hypocriet als ik mijn kind niet naar een opvang zou brengen waar een man werkt, als ik het ‘in principe’ wel toejuich dat meer mannen met kinderen werken. En toch doe ik het niet.

Ongeluk
Het enige wat ik aan mijn kant heb zijn moedergevoelens en statistieken. Voor zover die laatste er zijn. Slechts twee tot vijftien procent van de pedofielen is vrouw. Bovendien zetten vrouwen eventuele lusten minder snel om in daden, menen onderzoekers. In theorie zijn vrouwen dus veiliger om je kind bij achter te laten. En met je kind neem je geen onnodige risico’s.

Wat betreft de locatie waar Robert M. heeft gewerkt, ga ik statistisch gezien wel overstag. Het is net als met vliegen met de maatschappij waarvan net een toestel is neergestort of skiën in het een gebied waar recent een stoeltjeslift naar beneden is gekomen. Daar zijn ze voorzichtiger; het zal geen tweede keer gebeuren op dezelfde plek. Toch?