Wildplakken voor de liefde van Meneer Jaanchie

Ik heb een kleine misdaad begaan tijdens mijn training vanmiddag. Ik heb wild geplakt. Ik was me niet zo bewust van mijn misdaad op het moment dat ik plakte. Mijn doel was enkel de bekijker van mijn sticker een ‘stukje Curaçao in Nederland bieden’ in deze koude tijden. Eigenlijk was ik dus heel medemenselijk bezig.

Want het kan mijn druilerige dag goed maken hoor: een leuke lantaarnpaalsticker. Dat je met een lang gezicht in de pisregen voor het stoplicht staat te wachten en dan plotseling dit ziet. Dit. Of dit. Zelfs bij de meest verstokte chagrijn moet dat toch een glimlach op het gezicht toveren. Lijkt mij.

Wildplakken
En dus heb ik stickers van het Curaçaose restaurant Jaanchie’s op twee stoplichtpalen in de regio Zwolle geplakt. Toegegeven: Ik voelde me wel een boefje toen ik in mijn bepaald niet onopvallende wielerpakje, schichtig om me heen spiedend, snel een goede plek op de paal zocht. En dat blijk ik dus ook te zijn, volgens wikipedia in ieder geval: Wildplakken is het plakken van aanplakbiljetten en stickers op niet daarvoor bestemde plaatsen. Dat het wildplakken veelal zonder vergunning gebeurt, is duidelijk. Wildplakken is dus verboden, terwijl voor het plakken op plekken waar het wel mag vaak geen vergunning nodig is.

Oeps. Hoewel. Door de enorme hoeveelheid stickers op de bewuste twee stoplichtpalen vermoed ik dat het hier ook best om legale plakplekken zou kunnen gaan. Ik moest lang naar een leeg plekje zoeken.

Meneer Jaanchie
Spot u dus ergens in de regio Zwolle een sticker met een groot rood hart, dan is ‘ie van mij. Speciaal voor u. Zodat u midden in de winter in uw hoofd een klein tripje naar Curaçao kunt maken, naar het restaurant van meneer Jaanchie, waar je leguaan kunt eten.

Er is geen kaart. Meneer Jaanchie zelf komt bij je aan tafel zitten, om te vertellen wat er die avond gegeten kan worden. Dat hadden wij al van vele kanten gehoord, ver voor wij naar Curaçao vertrokken. Dat moesten we dus meemaken. En inderdaad, meneer Jaanchie kwam bij ons aan tafel zitten. We betrapten hem erop dat hij zijn gerechten wel een beetje op routine aanprees, met het standaardgrapje “bereid met veel vitamine L”, maar het verheugde ons dat hij toch van zijn apropos te brengen was toen wij, in de pauze die hij nam voor de ademteug waarmee hij “vitamine L” wilde verklaren, inhaakten met “ah, u bedoelt vitamine Lekker?”, waarop hij ons verstoord aankeek en “Nee!” riep. “Vitamine Liefde natuurlijk!” Juist. Hoe hadden we anders kunnen vermoeden.

Dat restaurant dus. Verscholen onder een door groen overwoekerde pergola. Met enorme aquariums vol tropische vissen. Met Oud-Hollandse schoolkaarten van het eiland Curaçao aan de muur. En schommelstoelen. En natuurlijk de warmte, die heerlijke tropische warmte, die je omhult als een aangenaam dekbed. Denk daar even aan als u een van mijn stickers ziet. En nu we het er toch over hebben: laten we er een wedstrijdje van maken. Spot u mijn sticker, maak er dan een fotootje van en laat ‘m achter in de comments. Ik ben wel benieuwd wie de eerste is. Ziet u andere hilarische lantaarnpaalstickers, dan bent u ook van harte uitgenodigd die te delen. In deze donkere dagen moeten we er alles aan doen om elkaar wat vrolijk te houden, niet dan?

It was my evil twinsister
Ontdekt u mijn sticker, geef dan alstublieft niet meneer Jaanchie de schuld. Want: Bij wildplakken is het vaak niet na te gaan wie er geplakt heeft. De “opdrachtgever” die met naam en toenaam op het biljet staat, zal steeds zeggen dat hij geen opdracht heeft gegeven op de betreffende plek te plakken. Meestal heeft alleen een heterdaad rechtskracht. Is hier bekennen net zoiets als een heterdaad? In dat geval: It wasn’t me. It was my evil twinsister. En die is gelukkig ook heel goed in stickers afkrabben.